Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 103.286
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202301386/1/R3

Bij besluit van 29 juli 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Wassenaar aan [belanghebbende] een omgevingsvergunning verleend voor het veranderen van een berging in een atelier en berging op het perceel [locatie A] in Wassenaar. [belanghebbende] heeft op 17 november 2020 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het veranderen van een berging in een atelier en berging op het perceel. In afwijking van de beheersverordening "Prinsenwijk Wassenaar" wordt het bouwwerk buiten het bouwvlak en op minder dan 1 m afstand van de perceelgrens gerealiseerd. Het college heeft bij besluit van 11 oktober 2022 de omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en c, van de Wabo. [appellant A] woont op het perceel [locatie A] in Wassenaar en [appellant B] en [appellante C] wonen op het perceel [locatie B] in Wassenaar. Zij hebben bezwaren tegen het bouwplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1968
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301386/1/R3

202301477/1/R1

Bij besluit van 9 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Soest aan [bedrijf] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van tien appartementen, met detailhandel op de begane grond, op het perceel Soesterbergsestraat 49A in Soest. Op het perceel bevindt zich nu een winkel met daarboven één bouwlaag met een woning. Dit gebouw zal worden gesloopt. Het bouwplan is in strijd met de op grond van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Soest Midden en Zuid" maximaal toegestane bouwhoogte. Het college heeft daarom omgevingsvergunning verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2º, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, gelezen in samenhang met artikel 4, vierde lid, van Bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Volgens het college voldoet het bouwplan aan de toepasselijke parkeernormen uit de "Nota Parkeernormen auto en fiets, 3e herziening".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1931
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301477/1/R1

202301554/1/A2

Bij besluit van 3 april 2020, zoals gewijzigd bij besluit van 7 december 2020, heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een vergunning verleend voor het omzetten van een zelfstandige woonruimte naar vier onzelfstandige woonruimten aan de [locatie] in Amsterdam. [appellant] is eigenaar van de woning aan de [locatie] in Amsterdam die uit de tweede en derde etage bestaat (hierna: de woning). Op 6 februari 2020 heeft hij een aanvraag bij het college ingediend voor het omzetten van deze zelfstandige woonruimte naar vier onzelfstandige woonruimten. Bij besluit van 3 april 2020 heeft het college de gevraagde vergunning verleend. Bij besluit van 7 december 2020 heeft het college de motivering van het besluit gewijzigd. Omdat het overgangsrecht voor per 1 april 2020 in werking getreden regels over onder meer wijk- en pandquota bij de omzetting van woonruimte abusievelijk niet correct in de Huisvestingsverordening 2020 was opgenomen, waren deze regels van toepassing op de aanvraag en was de aanvraag daarom ten onrechte niet daaraan getoetst.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1966
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202301554/1/A2

202301677/1/A3

Bij besluit van 17 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bodegraven-Reeuwijk naar aanleiding van een verzoek van [appellant] op grond van de Wet openbaarheid van bestuur een aantal documenten geheel en een aantal documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Op 5 oktober 2018 heeft [appellant] op grond van de Wob een verzoek gedaan om alle documenten openbaar te maken die zien op de beroepsfase over de inspraakprocedure voorafgaand aan het vaststellen van de Centrumvisie. [appellant] heeft dit verzoek geconcretiseerd door twaalf categorieën documenten te vermelden. Bij het besluit van 17 december 2018 heeft het college een aantal documenten geheel en een aantal documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Het college heeft het door [appellant] hiertegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Op 5 maart 2021 heeft de rechtbank het beroep van [appellant] ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1913
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202301677/1/A3

202302132/1/R2

Bij brief van 29 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven het verzoek van [appellante] om handhavend op te treden tegen twee erfafscheidingen en verschillende bouwwerken aan de Cluselaan 17, 19 en 31 in Eindhoven afgewezen. [appellante] woont aan de [locatie] in Eindhoven. Zij vindt dat de buurt wordt ontsierd door twee erfafscheidingen en verschillende bouwwerken aan de Cluselaan 17, 19 en 31 in Eindhoven. Zij heeft het college verzocht om daartegen handhavend op te treden. Volgens [appellante] zijn deze bouwwerken ten onrechte zonder omgevingsvergunning gebouwd. Het college heeft dit verzoek afgewezen. Volgens het college is [appellante] geen belanghebbende bij haar verzoek om handhaving, waardoor haar verzoek geen aanvraag is in de zin van artikel 1:3 van de Awb. Daarom is de afwijzing van het verzoek geen besluit en heeft het college het bezwaar van [appellante] tegen deze afwijzing niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank heeft het beroep van [appellante] tegen dit besluit ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1926
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202302132/1/R2

202302561/1/R1

Bij besluit van 28 februari 2023 heeft de raad van de gemeente Maasgouw het bestemmingsplan "Uitbreiding camping De Sangershoeve" vastgesteld. Het plangebied omvat het perceel aan de Prior Gielenstraat 4 in Ohé en Laak langs de Limburgse Oude Maas en heeft een oppervlakte van ongeveer 5.400 m2. In het midden van het plangebied ligt een dijk die het plangebied verdeelt in een binnen- en buitendijks gelegen gebied. Deze delen zijn met elkaar verbonden via een weg die over de dijk loopt. Binnen het plangebied bevindt zich camping De Sangershoeve, die wordt geëxploiteerd door De Sangershoeve V.O.F.. Deze onderneming is tevens initiatiefnemer van de ontwikkeling waar het bestemmingsplan in voorziet. Het bestaande campingterrein bevindt zich in het binnendijkse gedeelte van het plangebied en telt ongeveer 50 bestaande kampeerplaatsen inclusief 10 trekkershutten. Op het buitendijkse deel van het plangebied staat een hoogspanningsmast van TenneT en werd in de bestaande situatie geparkeerd door gasten van de camping. Het bestemmingsplan maakt de uitbreiding van de camping mogelijk in het buitendijkse deel van het plangebied met 26 kampeerplaatsen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1951
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202302561/1/R1

202303711/1/R2

Bij besluit van 23 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noord-Beveland het verzoek van de vereniging en anderen om intrekking van de bij besluit van 5 september 2017 aan Windpark Noord Beveland verleende omgevingsvergunning voor het bouwen van vier windturbines met transformatorhuisjes en inkoopstation aan de Krommeweg 4 in Kamperland, afgewezen. Het windturbinepark Noord-Beveland is een windpark dat bestaat uit vier windturbines. Windpark Noord Beveland is de exploitant van het windpark. De windturbines staan aan de Krommeweg 4 in Kamperland, in de Jacoba Rippolder op Noord-Beveland. De windturbines hebben volgens het bestemmingsplan "Windturbinepark Noord-Beveland" een ashoogte van maximaal 94 m, een rotordiameter van ten hoogste 117 m en een tiphoogte van maximaal 150 m. Het gaat om een gezamenlijk opgesteld vermogen van minder dan 15 MW.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1950
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202303711/1/R2

202303846/1/R1

Bij besluit van 12 november 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Noord-Beveland het verzoek van de vereniging en anderen om intrekking van de bij besluit van 31 oktober 2019 aan Windpark Jacobahaven verleende omgevingsvergunning voor het bouwen en realiseren van drie windturbines aan de Jacobahaven 5, 6 en 7 in Kamperland, afgewezen. Het windpark Jacobahaven is een windpark dat bestaat uit drie windturbines. Windpark Jacobahaven is de exploitant van het windpark. De windturbines staan aan de Jacobahaven 5, 6 en 7 in Kamperland op Noord-Beveland. De windturbines hebben volgens het "Bestemmingsplan Windpark Jacobahaven" een ashoogte van ten minste 70 m en ten hoogste 115 m, en rotordiameter van ten hoogste 120 m, een tiphoogte van ten hoogste 150 m en een tiplaagte van ten minste 30 m. Het gaat om een gezamenlijk vermogen tussen 12-15 MW.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1952
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202303846/1/R1

202304153/1/A2

Bij besluit van 8 maart 2022 heeft de Dienst Toeslagen het recht op huurtoeslag van [appellant sub 2] voor het jaar 2016 vastgesteld op nihil en heeft hij bepaald dat [appellant sub 2] de ontvangen (voorschotten) huurtoeslag met rente, ter hoogte van in totaal € 4.813,00, moet terugbetalen. [appellant sub 2] had in het jaar 2015, en in de enkele jaren daarvoor, recht op huurtoeslag. Zij leefde toen (en nog steeds) van een Wajong-uitkering. [appellant sub 2] is in december 2015 gewisseld van zorgverzekeraar. Zij heeft op 31 december 2015 de totale premie van de zorgverzekering voor het jaar 2016, € 1.497,00, in één keer naar haar nieuwe zorgverzekeraar overgemaakt. [appellant sub 2] heeft daarvoor een rekeningnummer gebruikt dat zij per telefoon had doorgekregen van een medewerker van de zorgverzekeraar. Dit rekeningnummer bleek niet bedoeld te zijn voor het overmaken van de zorgpremie. De zorgverzekeraar heeft het bedrag van € 1.497,00 daarom nog diezelfde dag teruggestort op de bankrekening van [appellant sub 2]. Hierdoor was op 1 januari 2016 het vermogen van [appellant sub 2] € 646,00 hoger dan het wettelijk vastgesteld heffingsvrije vermogen van € 24.437,00 voor 2016.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1943
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202304153/1/A2

202304441/1/A2

Bij besluit van 19 augustus 2021 heeft de Dienst Toeslagen het definitieve compensatiebedrag kinderopvangtoeslag over 2014 en 2015 vastgesteld. Op 29 mei 2020 heeft [appellant] een verzoek gedaan voor een herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag over 2014 en 2015. De Dienst Toeslagen heeft aan [appellant] op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen compensatie toegekend na herbeoordeling van de jaren 2014 en 2015 . Bij besluit van 19 augustus 2021 heeft de Dienst Toeslagen het definitieve compensatiebedrag vastgesteld op € 30.000,00. Per brief van 21 oktober 2021 heeft de Dienst Toeslagen aangegeven wat de mogelijkheden zijn voor nazorg voor gedupeerde ouders van kinderopvangtoeslag. Tegen deze brief heeft [appellant] bezwaar gemaakt. Volgens [appellant] heeft hij meer schade, waaronder emotionele schade, opgelopen dan het bedrag aan compensatie dat hij heeft ontvangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:1944
Datum uitspraak
30 april 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202304441/1/A2
vorige pagina1...602603604...10.329volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon