Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 103.199
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202405836/1/A2

Bij besluit van 4 maart 2023 heeft de Dienst Toeslagen de huurtoeslag van [appellant] over 2021 definitief vastgesteld op nihil en meegedeeld dat hij een bedrag van € 2.851,00 aan verstrekte voorschotten huurtoeslag over dit jaar, inclusief rente, moet terugbetalen. De Dienst Toeslagen heeft [appellant] over 2021 voorschotten huurtoeslag verstrekt. Aan het besluit van 4 maart 2023 heeft de Dienst Toeslagen ten grondslag gelegd dat volgens de basisregistratie inkomen de rendementsgrondslag van [appellant] over 2021 € 58.308,00 bedraagt. Om in aanmerking te komen voor huurtoeslag mocht dit bedrag in 2021 maximaal € 31.340,00 zijn. In bezwaar heeft [appellant] een vaststellingsovereenkomst overgelegd, waaruit blijkt dat hij met een verzekeraar een vergoeding van materiële en immateriële schade van € 41.000,00 is overeengekomen, in verband met opgelopen letsel bij een verkeersongeval. De Dienst Toeslagen heeft vervolgens een bedrag van € 9.430,00 aangemerkt als vergoeding voor immateriële schade en dit tevens aangemerkt als bijzonder vermogen. Het resterende bedrag heeft hij aangemerkt als vergoeding voor materiële schade.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2524
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202405836/1/A2

202406213/1/R1

Bij besluit van 8 juni 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heerlen gedeeltelijk en onder voorwaarden ingestemd met de door [appellant] op 20 oktober 2022 ingediende resultaten van een grondwatermonitoring. [appellant] heeft een bodemsanering uitgevoerd op zijn perceel dat kadastraal bekend staat als Heerlen, sectie V, nummer 2667. Met het besluit van 8 juni 2023 heeft het college voorwaardelijk ingestemd met het saneringsverslag en [appellant] opgedragen een nadere grondwatermonitoring uit te voeren. Op 29 juli 2024 heeft [appellant] de resultaten van die monitoring ingediend bij het college en verzocht om alsnog onvoorwaardelijk in te stemmen met het saneringsverslag. Het college heeft dit verzoek bij brief van 22 augustus 2024 buiten behandeling gesteld. Dit moet zo worden begrepen dat het college het verzoek heeft afgewezen. Het college heeft daartoe besloten, omdat de bemonstering van peilbuizen GX8 en GX9 niet is meegenomen in de op 29 juli 2024 ingediende resultaten. [appellant] kan zich daarmee niet verenigen. Volgens hem maken de hiervoor genoemde peilbuizen geen onderdeel uit van het saneringsplan waarmee is ingestemd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2545
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202406213/1/R1

202500006/1/A2

Bij beslissing van 20 augustus 2024 heeft de Centrale Studenten Administratie namens het college van bestuur van Hogeschool Inholland vastgesteld dat [appellante] niet voldoet aan de voor haar geldende studienorm en hiervoor geen verschoonbare redenen bekend zijn, en haar medegedeeld dat de Immigratie- en Naturalisatiedienst hierover zal worden ingelicht. [appellante] is in september 2019 begonnen met de opleiding aan de Hogeschool Inholland. Als internationale student moet [appellante] ieder studiejaar in verband met haar verblijfsvergunning voldoen aan de studienorm op basis van de Wet modern migratiebeleid, ook wel Momi-studienorm genoemd. Indien een student niet voldoet aan de Momi-studienorm, moet het college dit aan de IND melden, tenzij sprake is van persoonlijke omstandigheden als gevolg waarvan onvoldoende studievoortgang kon worden geboekt. [appellante] heeft in het studiejaar 2023-2024 in het totaal 9 studiepunten behaald, terwijl de norm die voor haar geldt 30 studiepunten is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2535
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202500006/1/A2

202500988/1/A2

Bij besluit van 8 oktober 2024 heeft de opleiding M-GEO van de Universiteit Twente een verzoek van [appellant] om restitutie dan wel kwijtschelding van een gedeelte van het collegegeld afgewezen. [appellant] heeft in de studiejaren 2020-2021 en 2021-2022 deelgenomen aan de post-initiële opleiding Master of Geo-Information Science and Earth Oberservation aan de Universiteit Twente. Hij heeft deze opleiding niet binnen de nominale studieduur afgerond en moest nog een masteronderzoek doen. In november 2022 kwalificeerde [appellant] niet voor de afstudeerfase M-GEO. Vervolgens is hij overgestapt naar het Postgraduate Diploma programme. Na afronding van deze opleiding is hij per 31 maart 2023 uitgeschreven als student en per 20 april 2023 afgemeld bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst. [appellant] heeft zich voor het studiejaar 2023-2024 aangemeld voor de opleiding M-GEO om het masteronderzoek te doen. Het instellingscollegegeld bedroeg € 16.750,00.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2522
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202500988/1/A2

202307295/1/V3

Bij besluit van 16 juni 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van referent om betrokkenen een machtiging tot voorlopig verblijf (hierna: een mvv) te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 18 april 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door referent gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 31 oktober 2023 heeft de rechtbank het daartegen door referent en betrokkenen ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de staatssecretaris een nieuw besluit op het gemaakte bezwaar neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2491
Datum uitspraak
3 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202307295/1/V3

202403939/1/V2

Bij besluit van 9 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 20 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M.E. Muller, advocaat in Gouda, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2496
Datum uitspraak
3 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403939/1/V2

202403941/1/V2

Bij besluit van 9 mei 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 20 juni 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. M.E. Muller, advocaat in Gouda, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2498
Datum uitspraak
3 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202403941/1/V2

202407035/1/V2

Bij besluit van 8 juli 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 13 november 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister een nieuw besluit op de aanvraag neemt met inachtneming van de uitspraak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2495
Datum uitspraak
3 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407035/1/V2

202407433/3/R2

Bij besluit van 24 september 2024 heeft de raad van de gemeente Reusel-De Mierden het bestemmingsplan "Buitengebied 2023" gewijzigd vastgesteld. Met het plan wordt het planologisch regime voor het buitengebied van de gemeente Reusel-De Mierden geactualiseerd. Daarnaast voorziet het plan voor de bestemming "Wonen" in een verruiming van de maximaal toegestane oppervlakte voor bijbehorende bouwwerken van 100 m2 naar 150 m2, en op bouwpercelen groter dan 1.000 m2 naar 200 m2. Op basis van deze verruiming is een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een garage van 156 m2 op het perceel [locatie 1] in Reusel. [verzoeker] woont aan [locatie 2], welk perceel direct grenst aan [locatie 1]. [verzoeker] is het niet eens met de verruiming. Om te voorkomen dat in de bezwaarprocedure over de omgevingsvergunning getoetst wordt aan het bestemmingsplan "Buitengebied 2023" heeft hij de voorzieningenrechter verzocht de voorlopige voorziening te treffen dat het bestemmingsplan wordt geschorst, voor zover het de bouw van de vergunde garage mogelijk maakt, totdat de Afdeling op het beroep heeft beslist.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2481
Datum uitspraak
3 juni 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202407433/3/R2

202501661/1/V1

Bij besluit van 13 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, ingewilligd. Bij besluit van 31 augustus 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 7 maart 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2493
Datum uitspraak
3 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202501661/1/V1
vorige pagina1...543544545...10.320volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon