Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 103.199
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202303048/1/A3

Bij besluit van 16 december 2021 heeft de korpschef van politie het verzoek van [appellant] tot verwijdering van zijn politiegegevens op grond van artikel 28 van de Wet politiegegevens afgewezen. [appellant] heeft verzocht om verwijdering van politiegegevens die over hem zijn verwerkt onder registratienummer PL 1500 2020381282 over een incident van [datum] 2020. De politiegegevens zijn opgenomen in de Basisvoorziening Handhaving (hierna: BVH) en zijn geregistreerd naar aanleiding van een melding over geschreeuw uit de woning van [appellant] en twee daaropvolgende huisbezoeken door de politie. Bij besluit van 16 december 2021 heeft de korpschef het verzoek van [appellant] tot verwijdering van de registratie afgewezen, omdat het noodzakelijk is om deze gegevens te verwerken voor de goede uitoefening van de dagelijkse politietaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2542
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Politiegegevens
  • uitspraakin de zaak202303048/1/A3

202303361/1/R4

Bij besluit van 14 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Neder-Betuwe het wijzigingsplan "Dodewaard, [locatie 1]" vastgesteld. Het wijzigingsplan heeft betrekking op een gedeelte van het perceel [locatie 1] in Dodewaard. Het wijzigingsplan voorziet in een vrijstaande woning met bijgebouwen aan de zuidzijde van dat perceel. Het wijzigingsplangebied wordt ontsloten op de Dalwagen via een toegangsweg die in particulier eigendom is en die gedeeltelijk in het wijzigingsplangebied is gesitueerd. De toegangsweg wordt in de huidige situatie gebruikt als ontsluitingsweg voor verschillende woonpercelen. Het wijzigingsplan is vastgesteld krachtens de wijzigingsbevoegdheid in artikel 24.4.2 van de planregels van het bestemmingsplan "Kernen Neder-Betuwe" van 14 mei 2020. [appellant A] en[appellant B] wonen aan de [locatie 2] in Dodewaard. Het wijzigingsplangebied wordt tegen de wens van [appellant A] en[appellant B] via de toegangsweg, die gedeeltelijk op hun perceel is gesitueerd, ontsloten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2528
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202303361/1/R4

202303737/1/R3

Bij besluit van 9 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis, nu Voorne aan Zee, aan [vergunninghoudster] een omgevingsvergunning verleend voor het uitbreiden van een bedrijfspand op het perceel [locatie] in Hellevoetsluis. [vergunninghoudster] is eigenaar van het perceel en heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor uitbreiding van het bedrijfspand. De uitbreiding bestaat uit een gebouw van één bouwlaag met een kap met een hoogte van 7,92 m. Dat gebouw is aan de bestaande bebouwing verbonden door een tussenbouw van één bouwlaag met een hoogte van 3 m. Naast het bedrijfspand staat molen Zeezicht. De vereniging vreest voor een beperking van de draaimogelijkheden van de molen en is het niet eens met de toepassing van artikel 22.1.1, aanhef en onder d, van de planregels.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2549
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202303737/1/R3

202303767/1/R3

Bij besluit van 12 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zoetermeer geweigerd een omgevingsvergunning te verlenen voor het plaatsen van een brug en het aanleggen van een in- en uitrit op het perceel [locatie 1] in Zoetermeer. [wederpartij] is eigenaar van het perceel. Hij heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het plaatsen van een brug en het aanleggen van een in- en uitrit. Op 15 november 2019 heeft het college de termijn om op de aanvraag te beslissen met zes weken verlengd. Op 31 december 2019 heeft het college naar [wederpartij] een brief verzonden waarin is vermeld dat de beslistermijn tot 20 januari 2020 wordt opgeschort, omdat op 23 december 2019 een verzoek is ontvangen om de beslistermijn met vier weken te verlengen. Op 8 januari 2020 heeft het college wederom een brief verzonden naar [wederpartij]. In deze brief is vermeld dat de beslistermijn wordt opgeschort tot 17 februari 2020, omdat op 6 januari 2020 een verzoek is ontvangen om de beslistermijn tot die datum te verlengen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2550
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202303767/1/R3

202303853/1/R2

Bij besluit van 4 november 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Boxtel het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen een bouwwerk aan de [locatie 1] in Liempde en het gebruik ter hoogte van [locatie 1] niet-ontvankelijk verklaard. [appellant] woont aan de [locatie 2] in Liempde. Het perceel van [appellant] achter zijn woning grenst aan de Helstraat. [appellant] maakt gebruik van de Helstraat om met de fiets naar het dorp te gaan, als transportroute voor zijn paarden, materieel en bouwmaterialen en voor toegang met bepaalde grondbewerkingsmachines. De woning van [partij A] en [partij B] staat aan de andere kant aan het begin van de Helstraat en zij hebben naast de woning een schutting met overkapping gebouwd. Het college heeft hiervoor vervolgens alsnog een omgevingsvergunning verleend. [appellant] is niet blij met de gebouwde schutting met overkapping. Hij is bang dat de Helstraat niet meer openbaar toegankelijk is en dat de ruimtelijke uitstraling wordt aangetast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2567
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202303853/1/R2

202304096/1/R3

Bij besluit van 3 juni 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de kosten op Cervus Vastgoed verhaald die zijn gemaakt met het uitvoeren van bestuursdwang bij de panden aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Rotterdam. Bij besluit van 6 december 2016 heeft het college [partij] opgedragen om binnen zes maanden zijn panden aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Rotterdam op te knappen onder last van bestuursdwang. Daarbij is vermeld dat de kosten van bestuursdwang op hem zullen worden verhaald. Tevens is een lijst met gebreken en te nemen maatregelen bijgevoegd. Bij brief van 19 juli 2018 heeft het college aan Cervus Vastgoed meegedeeld dat het besluit van 6 december 2016 op haar van toepassing is, omdat zij volgens het kadaster sinds 24 mei 2018 eigenaar is van de panden. Bij brief van 17 april 2019 heeft het college aan Cervus Vastgoed meegedeeld dat op 13 maart 2019 door een inspecteur van de afdeling Bouw- en Woningtoezicht is vastgesteld dat zij niet volledig uitvoering heeft gegeven aan het besluit van 6 december 2016, dat het college daarom [bedrijf] opdracht zal geven de niet getroffen maatregelen uit te voeren en dat de kosten van de werkzaamheden en de extra kosten die de gemeente moet maken ter uitvoering van de bestuursdwang op haar of haar rechtsopvolgers zullen worden verhaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2551
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202304096/1/R3

202304534/1/A2

Bij besluit van 16 juli 2021 heeft het Instituut Mijnbouwschade Groningen aan [appellante] een schadevergoeding van € 15.510,46, inclusief bijkomende kosten en wettelijke rente, toegekend voor schade aan haar gebouw. Onder verwijzing naar het advies van de bezwaaradviescommissie van 17 januari 2022 heeft het Instituut het bezwaar van [appellante] ongegrond verklaard. [appellante] is eigenares van een boerderij met stal aan de [locatie] in Westerbroek. Op 26 juli 2020 heeft [appellante] een vergoeding voor schade aan de boerderij door mijnbouw aangevraagd. a een in opdracht van het Instituut uitgebracht advies van 18 juni 2021, opgesteld door deskundige W. Hartemink van het bedrijf CED, heeft het Instituut bij besluit van 16 juli 2021 een schadevergoeding van € 14.619,33, te vermeerderen met de bijkomende kosten en de wettelijke rente, toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2554
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202304534/1/A2

202304657/1/R2 en 202306415/1/R2

Bij besluit van 11 juli 2023 heeft de raad van de gemeente Goirle het bestemmingsplan "Bakertand" gewijzigd vastgesteld. Bij besluit van 8 augustus 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Goirle hogere geluidgrenswaarden vastgesteld voor het bestemmingsplan "Bakertand". Het plangebied is sinds januari 2018 onderdeel van gemeente Goirle. Daarvoor was het onderdeel van gemeente Tilburg. Het gebied ligt aan de noordzijde van de kern van Goirle. De raad heeft het bestemmingsplan vastgesteld om in het plangebied de realisatie van een nieuwe woonwijk met maximaal 703 woningen mogelijk te maken. De Bewonersvereniging betoogt dat de raad tussen hun woningen en de nieuw te bouwen woningen een bufferzone van 30 m in het plan had moeten opnemen. De Bewonersvereniging betoogt dat de raad onvoldoende heeft onderbouwd dat de verkeerssituatie veilig is. [appellant sub 2] voert aan dat hij op grond van het voorgaande bestemmingsplan meer ontwikkelingsmogelijkheden had.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2558
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202304657/1/R2 en 202306415/1/R2

202304690/1/R1

Bij besluit van 8 juni 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heerlen gedeeltelijk en onder voorwaarden ingestemd met de door [appellant] op 20 oktober 2022 ingediende resultaten van een grondwatermonitoring. [appellant] heeft de bodem van een perceel dat kadastraal bekend staat als Heerlen, sectie V, nummer 2667 gesaneerd. Hij heeft het perceel verkocht aan een derde ten behoeve van de realisatie van elf appartementen en buitenbergingen. Daarbij is bedongen dat [appellant] niet de volledige koopsom ontvangt zolang onduidelijkheid bestaat over eventuele sanerings- en monitoringsverplichtingen. Het college heeft voor de bouw van de appartementen een omgevingsvergunning verleend en die is inmiddels onherroepelijk. [appellant] is het niet eens met de voorwaardelijke instemming. Hij vindt namelijk dat uit de ingediende resultaten al blijkt dat is voldaan aan de doelstelling uit het saneringsplan. Daarom had het college volgens hem onvoorwaardelijk met het saneringsverslag moeten instemmen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2414
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Bodembescherming
  • uitspraakin de zaak202304690/1/R1

202304831/1/A2

Bij besluit van 18 mei 2020 heeft de Tijdelijke Commissie Mijnbouwschade Groningen aan appellant] een vergoeding van € 46.520,18, inclusief bijkomende kosten en wettelijke rente, voor schade aan zijn woning toegekend. De rechtbank heeft geoordeeld dat voldoende is gegarandeerd dat de STAB haar onafhankelijk en onpartijdig van advies heeft voorzien. [appellant] is eigenaar van de Oldambtster boerderij aan de [locatie] te Finsterwolde. Op 1 februari 2019 heeft [appellant] een vergoeding voor de schade aan de boerderij bij het Instituut aangevraagd. Bij besluit van 18 mei 2020, gehandhaafd bij besluit van 16 april 2021, heeft het Instituut, na een herzien advies van 28 april 2020, opgesteld door deskundige J. Gunnink van 10BE, een vergoeding van € 44.426,84, te vermeerderen met bijkomende kosten en wettelijke rente, aan [appellant] toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2557
Datum uitspraak
4 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202304831/1/A2
vorige pagina1...540541542...10.320volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon