Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.678
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202305494/1/A2

Bij besluiten van 12 januari 2021 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de aanvragen van [appellant sub 1], [appellant sub 2] en [appellant sub 3] om een tegemoetkoming afgewezen. Op 9 juni 2020 heeft de minister voor Rechtsbescherming de Tegemoetkomingsregeling gesubsidieerde toevoegingenpraktijk van advocaten, mediators en bijzondere curatoren COVID-19-crisis (hierna: de Tegemoetkomingsregeling) vastgesteld. Aanleiding hiervoor was de forse daling van het aantal afgegeven toevoegingen als gevolg van COVID-19, onder andere door de vermindering van de instroom bij straf- en asielzaken en door de sluiting van de rechtbanken. De verwachting destijds was dat deze daling nog enige tijd zou aanhouden. Hoewel delen van dit werk wellicht later in het jaar konden worden ingehaald, was de verwachting ook dat een deel van het werk niet meer zou terugkomen of niet meer kon worden ingehaald. Gelet op de bijzondere en belangrijke rol die sociale advocaten vervullen in de toegang tot het recht van minder- en onvermogende burgers, heeft de minister met de Tegemoetkomingsregeling beoogd een financieel vangnet te creëren dat een adequaat aanbod van sociale advocaten zou verzekeren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3134
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202305494/1/A2

202305524/1/A2

Bij besluit van 24 februari 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen aan [appellant] een Educatieve Maatregel Gedrag en verkeer opgelegd. Op 10 februari 2022 heeft de politie aan het CBR een mededeling gedaan van het vermoeden dat [appellant] niet langer beschikt over de rijvaardigheid, dan wel de lichamelijke of geestelijke geschiktheid, die is vereist voor het besturen van motorrijtuigen waarvoor het rijbewijs is afgegeven. Volgens een bij deze mededeling gevoegd mutatierapport van 10 februari 2022 heeft [appellant] op 3 februari 2022 de maximumsnelheid overschreden in de bebouwde kom, door rood gereden, tijdens het invoegen op de A1 onnodig gebruik gemaakt van een wit puntstuk en meerdere malen geen gebruik gemaakt van zijn richtingaanwijzer. De rechtbank heeft overwogen dat het CBR terecht heeft gesteld dat [appellant] herhaaldelijk gedragingen heeft verricht die in de bijlage van de Regeling behorende bij bijlage, onder A, onderdeel III, Rijgedrag staan vermeld. De conclusie van de rechtbank is dat het CBR de EMG terecht heeft opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3084
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202305524/1/A2

202305535/2/R1

Bij besluit van 6 juli 2023 heeft de raad van de gemeente Roerdalen het bestemmingsplan "Kleinschalig zorghuis Hoogstraat 11 te Montfort" vastgesteld. Het plan voorziet in de kern van Montfort in de mogelijkheid aan de Hoogstraat een kleinschalig zorghuis te realiseren, met zestien zorgwoningen en één dienstwoning. In het in 2023 vastgestelde plan was in artikel 1.94 van de planregels de volgende begripsbepaling van "zorgwoning" opgenomen: "een woning of wooneenheid waar een huishouden langdurig verblijft of woont, waarbij er sprake is van zelfstandige bewoning, met het oogmerk daar geïndiceerde zorg en ondersteuning te ontvangen, en welke zorg door minimaal één van de bewoners ook daadwerkelijk wordt afgenomen". In de tussenuitspraak is overwogen dat er met name discussie bestaat over de vraag of de in artikel 1.94 van de planregels opgenomen definitie van het begrip "zorgwoning" wel voldoende is toegesneden op de beoogde doelgroep van het woongebouw, en de daarbij behorende parkeervraag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3109
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202305535/2/R1

202305690/1/A2

Bij besluit van 22 januari 2020 heeft de raad voor rechtsbijstand de aan [appellant] verleende toevoeging ingetrokken. Bij besluit van 8 oktober 2013 heeft de raad aan [appellant] een toevoeging verleend voor rechtsbijstand door een advocaat ter zake van een verbintenisrechtelijk geschil. Na een aantal overnames is de toevoeging bij besluit van 6 december 2016 op naam van [advocaat] gesteld. Op 17 december 2019 heeft [advocaat] namens [appellant] de raad verzocht om de toevoeging met terugwerkende kracht in te trekken, omdat er tussen hen een geschil was ontstaan over het betalen van facturen. [appellant] heeft er volgens [advocaat] vanwege het verwachte eindresultaat voor gekozen de destijds openstaande uren en toekomstige uren te voldoen op basis van haar uurtarief. Uit het besluit van 26 juni 2020 volgt dat de raad zich op het standpunt stelt dat de toevoeging ten onrechte is ingetrokken, omdat [appellant] voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij geen toestemming heeft gegeven aan [advocaat] om de toevoeging in te trekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3137
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202305690/1/A2

202305765/1/A2

Bij besluit van 22 januari 2020 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de aan [persoon] verleende toevoeging ingetrokken. Bij besluit van 8 oktober 2013 heeft de raad aan [persoon] een toevoeging verleend voor rechtsbijstand door een advocaat ter zake van een verbintenisrechtelijk geschil. Na een aantal overnames is de toevoeging bij besluit van 6 december 2016 op naam van [appellant] gesteld. Op 17 december 2019 heeft [appellant] namens [persoon] de raad verzocht om de toevoeging met terugwerkende kracht in te trekken, omdat er tussen hen een geschil was ontstaan over het betalen van facturen. [persoon] heeft er volgens [appellant] vanwege het verwachte eindresultaat voor gekozen de destijds openstaande uren en toekomstige uren te voldoen op basis van haar uurtarief.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3133
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202305765/1/A2

202305845/1/A3

Bij besluit van 30 november 2022 heeft de burgemeester van Almere aan [appellant] een huisverbod opgelegd als bedoeld in de Wet tijdelijk huisverbod voor de periode van tien dagen, tot 10 december 2022. Op het moment dat het huisverbod werd opgelegd woonde [appellant] samen met [persoon] en hun twee meerderjarige kinderen in een woning in Almere. [appellant] en [persoon] zijn in 2019 gescheiden waarbij het gebruiksrecht van de woning aan [persoon] is toegewezen. Ondanks de toewijzing van de woning aan [persoon] weigerde [appellant] de woning te verlaten en is hij in de woning blijven wonen. Naar aanleiding van een zorgmelding bij Veilig Thuis Flevoland is er een onderzoek gestart naar de gezinssituatie. De burgemeester heeft in de uitkomsten aanleiding gezien om aan [appellant] het tijdelijke huisverbod op te leggen. [appellant] betoogt in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de burgemeester aan hem een tijdelijk huisverbod op kon leggen en dat hij dit verbod ook mocht verlengen. [appellant] voert daartoe aan dat het opleggen van een tijdelijk huisverbod als doel heeft om een adempauze in te lassen voor partijen om afspraken te maken en maatregelen te nemen die de dreiging van huiselijk geweld kunnen wegnemen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3114
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Huisverbod
  • uitspraakin de zaak202305845/1/A3

202305974/1/A3

Bij besluit van 23 mei 2022 heeft de minister voor Rechtsbescherming een verzoek van [verzoeker] om de geslachtsnaam van het minderjarige kind [naam], geboren op 31 januari 2015, te wijzigen van [achternaam appellant] in [achternaam verzoeker], ingewilligd. De minister heeft vastgesteld dat [verzoeker] onmiddellijk voorafgaand aan het verzoek een aaneengesloten periode van vijf jaren heeft verzorgd en opgevoed en dat uit de gegevens in de basisregistratie personen blijkt dat [verzoeker] en [kind] nooit op hetzelfde adres ingeschreven hebben gestaan als [appellant]. Met het besluit van 23 mei 2022 heeft de minister het verzoek daarom, na een belangenafweging te hebben gemaakt, ingewilligd. Met het besluit van 12 oktober 2022 heeft de minister zijn standpunt gehandhaafd. [appellant] is het daarmee niet eens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3108
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202305974/1/A3

202306017/1/R1

Bij besluit van 20 april 2021 is het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam overgegaan tot invordering van door [appellant] verbeurde dwangsommen met een totale hoogte van € 1.000,00. Bij twee afzonderlijke brieven van 4 februari 2020, gericht aan [appellant] en aan de stichting We Run The City ter attentie van [appellant], is [appellant] gelast af te zien van het, in strijd met artikel 17, tweede lid, van de Afvalstoffenverordening van de gemeente Amsterdam, (laten) bezorgen van ongeadresseerd reclamedrukwerk op adressen waarvan de bewoner of gebruiker niet (door middel van een sticker) kenbaar heeft gemaakt dergelijke reclamepost te willen ontvangen, onder oplegging van een dwangsom van € 500,00 per overtreding met een maximum van € 5000,00. Daarbij geldt elke bezorging van ongeadresseerd drukwerk op adressen zonder Ja/Ja- of Ja-sticker als afzonderlijke overtreding. Een toezichthouder van de gemeente heeft op 28 januari 2021 en 5 februari 2021 geconstateerd dat er ongeadresseerd reclamedrukwerk afkomstig van [appellant] is bezorgd op adressen zonder Ja/Ja- of Ja-sticker.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3125
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202306017/1/R1

202306685/1/R1

Bij besluit van 18 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Beemster aan [partij] een omgevingsvergunning verleend voor de bouw van een woning op het perceel [locatie 1] in Westbeemster. Aan de Westdijk in Westbeemster staat een twee-onder-een-kapwoning die de vorm heeft van een stolpboerderij. [partij] woont op het perceel aan de [locatie 2] in de ene helft van de twee-onder-een-kapwoning. [appellant] woont in de andere helft op het perceel aan de [locatie 3]. De percelen zijn elk ongeveer 2.500 m2. Voor de bouw van de twee-onder-een-kapwoning heeft het college in 2008 een bouwvergunning met een vrijstelling van het toen geldende bestemmingsplan verleend. De woning is in 2009 gebouwd. Daarvoor stond elders op het perceel, dat thans van [partij] is, een woning. Die is voorafgaand aan de bouw van de twee-onder-een-kapwoning gesloopt. [appellant] is het niet eens met de verleende omgevingsvergunning voor de bouw van de woning op het perceel van [partij]. Hij kan zich daarom niet verenigen met de uitspraak van de rechtbank, waarin zijn beroep ongegrond is verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3090
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202306685/1/R1

202306686/1/R3

Bij besluit van 29 juni 2021 heeft het college aan maatschap een omgevingsvergunning verleend voor het in strijd met de beheersverordening Overige Dorpen 2014 plaatsen van een stelling met daarin twee silo's voor het perceel [locatie 1] te Oldeberkoop. [appellant A] en anderen zijn het niet eens met de verleende omgevingsvergunning voor de silo’s op het agrarische perceel gelegen aan de [locatie 1]. [appellant C] en [appellant D] wonen naast het perceel waarop de silo’s geplaatst zijn aan de [locatie 2]. [appellant A] en [appellant [appellant B] wonen er tegenover aan de [locatie 3]. [appellant A] en anderen vrezen voor aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3091
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202306686/1/R3

202307182/1/R3

Bij besluit van 16 april 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van een dakopbouw op de woning op het adres [locatie] te Annen. Het college heeft bij besluit van 16 april 2020 een omgevingsvergunning verleend voor het legaliseren van een dakopbouw op en aan de woning op het adres [locatie] in Annen. Deze is bij besluit van 17 augustus 2022, na een vernietiging door de rechtbank, met verbetering van de motivering, in stand gelaten. De woning waarop de dakopbouw is gerealiseerd is een twee-onder-een-kapwoning met de woning van [appellant]. [appellant] kan zich niet met de omgevingsvergunning verenigen, omdat de dakopbouw volgens hem in strijd is met redelijke eisen van welstand en er sprake is van overbouw. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de dakopbouw in strijd is met redelijke eisen van welstand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3095
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202307182/1/R3

202307319/1/A2

Bij besluit van 8 oktober 2021 heeft de Dienst Toeslagen geweigerd aan [appellante] compensatie toe te kennen in het kader van de hersteloperatie toeslagen. Deze uitspraak gaat over compensatie in het kader van de hersteloperatie toeslagen. De compensatieregeling in de Wet hersteloperatie toeslagen is bedoeld voor gedupeerden van zowel institutionele vooringenomenheid als hardheid van het stelsel. [appellante] heeft op 31 januari 2020 verzocht om herbeoordeling van haar recht op kinderopvangtoeslag over de jaren 2013 en 2014. Bij besluit van 8 oktober 2021 heeft de Dienst Toeslagen geweigerd om aan [appellante] compensatie toe te kennen. De rechtbank heeft geoordeeld dat de Dienst Toeslagen terecht heeft geweigerd om [appellante] compensatie toe te kennen. Over het toeslagjaar 2014 heeft de Dienst Toeslagen kinderopvangtoeslag teruggevorderd omdat [appellante] de kinderopvangtoeslag had stopgezet en minder opvanguren heeft afgenomen dan waarop het voorschot kinderopvangtoeslag was berekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3141
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202307319/1/A2

202307945/1/A2

Bij besluit van 17 mei 2021 heeft de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking de subsidie van [appellante] vastgesteld op € 299.650,- en € 299.850,- aan verleende voorschotten van haar teruggevorderd. Op grond van de Subsidieregeling Ministerie van Buitenlandse Zaken 2006 en het Besluit tot vaststelling van beleidsregels en een subsidieplafond voor het Private Sector Investeringsprogramma kon de minister subsidie verlenen voor projecten in het kader van het Private Sector Investeringsprogramma. Doel van het PSI is het stimuleren van duurzame economische ontwikkeling door middel van het bevorderen van significant vernieuwende investeringen in de private sector in ontwikkelingslanden. [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de minister de subsidie lager mocht vaststellen. Volgens [appellante] is voor veel posten, zoals transport- en verzekeringskosten, machines en apparatuur, wel degelijk voldoende informatie aangeleverd om tot afgifte van een marktconformiteitscertificaat over te (kunnen) gaan of in ieder geval aan te nemen dat de kosten zijn gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3140
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Subsidie
  • uitspraakin de zaak202307945/1/A2

202400662/1/A2

Bij uitspraak van 18 januari 2023 (ECLI:NL:RVS:2023:202) heeft de Afdeling de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport opgedragen om een nieuw besluit te nemen over de aanvraag van Silver tot aanwijzing als opleidingsinstelling voor gezondheidszorgpsychologen met inachtneming van wat in deze uitspraak is overwogen en bepaald dat tegen het te nemen nieuwe besluit slechts bij de Afdeling beroep kan worden ingesteld. Silver is een zorginstelling die psychologische zorg verleent. Silver heeft de wens om, naast het aanbieden van psychologische zorg, binnen haar praktijk ook basispsychologen op te leiden tot gezondheidszorgpsycholoog. Zij wil een opleidingsinstelling en een praktijkopleidingsinstelling zijn. Gezondheidszorgpsycholoog is een beschermde titel op grond van artikel 3 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG). Degene die als gezondheidszorgpsycholoog werkzaam wil zijn en als zodanig in het BIG-register wil worden ingeschreven, moet voldoen aan de voorwaarden die bij of krachtens de Wet BIG worden gesteld. Voor gezondheidszorgpsychologen zijn deze voorwaarden opgenomen in het Besluit gezondheidszorgpsycholoog.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3107
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Gezondheidszorg
  • uitspraakin de zaak202400662/1/A2

202400846/1/A3

Bij besluit van 26 april 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Nieuwegein op de voet van artikel 6, eerste lid, van de Wet voorkeursrecht gemeenten percelen in het gebied Dukatenburg 90-90A te Nieuwegein (hierna: de percelen) voorlopig aangewezen als gronden waarop de artikelen 10 tot en met 15, 24 en 26 van de Wvg van toepassing zijn. Op 23 juni 2022 heeft de raad, met toepassing van artikel 4, eerste lid, en onder a, van de Wvg, op basis van een structuurvisie de percelen definitief aangewezen als gronden waarop het voorkeursrecht van toepassing is. Lips Beheer is eigenaar van een kantoorpand op het perceel Dukatenburg 90. Het voorkeursrecht houdt in dat als Lips Beheer het voornemen heeft om het perceel te vervreemden, zij de gemeente, op de in de Wvg geregelde wijze, als eerste in de gelegenheid moet stellen om het perceel te verwerven. Lips Beheer voert in hoger beroep in de kern aan dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de raad een voorkeursrecht op haar gronden mocht vestigen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3116
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Wet voorkeursrecht gemeenten
  • uitspraakin de zaak202400846/1/A3

202401200/5/A3

Conclusie van staatsraad advocaat-generaal Wattel over de betekenis van artikel 5.2, derde lid, van de Wet open overheid. Die betekenis is belangrijk voor de reikwijdte van de verplichting van bestuursorganen om persoonlijke beleidsopvattingen te verstrekken bij documenten die zijn opgesteld ten behoeve van formele bestuurlijke besluitvorming. Dit is voor de uitvoeringspraktijk van de Wet open overheid van groot belang. De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak heeft de staatsraad advocaat-generaal gevraagd in zijn conclusie uitleg te geven over het begrip ‘formele bestuurlijke besluitvorming’ en te beantwoorden in welk soort situaties het belang van het kunnen voeren van intern beraad onevenredig wordt geschaad door het verstrekken van persoonlijke beleidsopvattingen in documenten opgesteld ten behoeve van formele bestuurlijke besluitvorming in een vorm die niet tot personen herleidbaar is. Tot slot vroeg de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak hem om toepassing van die uitleg op deze concrete rechtszaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3096
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Conclusie
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202401200/5/A3
  • persberichtbij de uitspraak in de zaak202401200/5/A3

202401318/1/R3

Bij besluit van 20 december 2023 heeft de raad van de gemeente De Fryske Marren het bestemmingsplan "Balk - Jachthavendyk" vastgesteld. Aan de Jachthavendyk in Balk wordt door middel van het bestemmingsplan "Balk - Jachthavendyk" voorzien in het mogelijk maken van een havenkwartier, dat zal bestaan uit een passantenhaven en een commerciële functie. De commerciële functie bestaat uit het realiseren van een hotel bestaande uit onder meer hotelappartementen, een restaurant, een grandcafé, een terras en bootverhuur. [appellante] woont in de directe omgeving van het plangebied en kan zich niet met het voorgenomen plan verenigen. Zijn bezwaren zien met name op de wijze waarop het bestemmingsplan tot stand gekomen is. Daarnaast heeft de raad volgens hem niet met alle gevolgen van het bestemmingsplan voldoende rekening gehouden, waardoor hij vreest voor parkeer- en verkeersoverlast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3092
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Friesland
  • uitspraakin de zaak202401318/1/R3

202401673/1/A3

Op 14 januari 2023 is [appellant] door de bewaarder van het kadaster en de openbare registers via een kennisgeving geïnformeerd over een bijhouding van de basisregistratie kadaster. Op 7 december 2022 is in het Register Hypotheken 4 een akte van vaststelling en levering van dezelfde dag ingeschreven. In de akte wordt de eigendom van het registergoed, kadastraal bekend gemeente Utrecht, sectie C, nummer 6954, geleverd aan [appellant]. Naar aanleiding van de inschrijving van de akte is de bewaarder overgegaan tot bijhouding van de BRK zodat [appellant] als eigenaar van het registergoed is geregistreerd. Op 14 januari 2023 is [appellant] via een kennisgeving over deze bijhouding geïnformeerd. [appellant] is het niet eens met de bijhouding. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat de akte van 7 december 2022 onjuist is en dat de bewaarder de BRK op basis van de akte daarom niet had mogen bijhouden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3127
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • uitspraakin de zaak202401673/1/A3

202401768/1/A3

Bij besluit van 22 november 2022 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een verzoek tot erkenning in de Nederlandse adel van [appellant] afgewezen. Op 8 februari 2022 heeft [appellant] verzocht om erkenning van het geslacht [appellant] in de Nederlandse adel. [appellant] heeft eerder een verzoek tot erkenning in de Nederlandse adel gedaan. Dit verzoek is uiteindelijk bij besluit van 28 januari 2014 afgewezen. Volgens de minister is het verzoek van 8 februari 2022 een herhaald verzoek in de zin van artikel 4:6 van de Algemene wet bestuursrecht, zodat [appellant] nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden naar voren had moeten brengen. Wat [appellant] bij zijn verzoek heeft aangedragen, is niet als zodanig aan te merken, aldus de minister. [appellant] betoogt dat de rechtbank er ten onrechte aan voorbij is gegaan dat het besluit van 28 januari 2014 is gebaseerd op een ondeugdelijk advies van de Hoge Raad van Adel. Hij voert daartoe aan dat de rechtbank in 2014 uitspraak heeft gedaan op basis van een incompleet dossier.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3099
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202401768/1/A3

202403012/1/R1

Bij besluit van 27 maart 2024 heeft de raad van de gemeente Amsterdam het bestemmingsplan "Zuidas-Parnas Fred Roeskestraat 55 partiële herziening" vastgesteld. Het plan voorziet in het 'Parnascomplex', een gebouw met een woon en werkfunctie. Initiatiefnemer van het plan is het Rijksvastgoedbedrijf. VvE Wodan en [appellant sub 2] en anderen kunnen zich niet verenigen met de vaststelling van het plan. VvE Wodan bestaat uit bewoners van de Dirk Schäferstraat 1 tot en met 27 (oneven). De leden van de VvE, waaronder ook [appellant sub 2] en anderen, wonen op een afstand van ongeveer 35 meter van het plangebied en vrezen een aantasting van hun woon- en leefklimaat. VvE Wodan en [appellant sub 2] en anderen kunnen zich niet verenigen met de in het plan toegestane maximale bouwhoogte. Volgens hen is die niet passend in de omgeving. Daarbij wijzen zij erop dat het plan een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid kent voor dakinstallaties waardoor het gebouw nog hoger kan worden dan de al toegestane bouwhoogte van 28 en 42 meter.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3139
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202403012/1/R1

202403510/1/A2

Bij besluit van 4 december 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de stichting een last onder dwangsom opgelegd van € 50.000,00 voor het zonder vergunning onttrekken van een woning aan de woningvoorraad en haar gelast de woningonttrekking binnen acht weken te staken en gestaakt te houden. De stichting baat een dansschool uit in Amsterdam, gericht op het betaalbaar aanbieden van frequente lessen aan zelfstandige, professionele dansers en docenten, zodat zij mee kunnen blijven doen in de professionele danssector. Voor het huisvesten van gastdocenten gebruikt de stichting al sinds 15 juli 2005 een gehuurde woning aan de Witte de Withstraat 151-1 in Amsterdam. De rechtbank heeft overwogen dat de woning is onttrokken aan de woonruimtevoorraad, omdat de woning niet permanent werd bewoond.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3126
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Basisregistratie
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202403510/1/A2

202403561/1/A2

Bij besluit van 31 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Meierijstad 10 parkeerplaatsen aan de Hezelaarstraat in Veghel aangewezen als Kiss & Ride-strook. Dit besluit heeft ook betrekking op de plaatsing van de daarvoor benodigde verkeersborden. Het college heeft een - in bezwaar gehandhaafd - besluit genomen dat inhoudt dat tien parkeerplaatsen aan de Hezelaarstraat in Veghel aangewezen worden als parkeergelegenheid met als doel het direct in/uit laten stappen van passagiers op maandag tot en met vrijdag tussen 8:00 en 9:00 uur (Kiss & Ride-strook). [appellant sub 1] heeft hiertegen beroep ingesteld. De rechtbank heeft het besluit van 25 oktober 2023 vernietigd, omdat het volgens de rechtbank onzorgvuldig tot stand is gekomen. De rechtbank vond in dat verband van belang dat het college onvoldoende inzichtelijk heeft gemaakt op welke manier de ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van de woning van [appellant sub 1] en de Kiss & Ride-strook van invloed zijn op haar belang om te kunnen parkeren binnen een acceptabele loopafstand. Hier richt het incidenteel hoger beroep van het college zich tegen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3132
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Wegenwet
  • uitspraakin de zaak202403561/1/A2

202403729/1/R4

Bij besluit van 26 oktober 2022 heeft het college aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend voor het plaatsen van een dakterras op het adres [locatie 1] en [locatie 2] te Hilversum (hierna: het adres). [vergunninghouder] heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het plaatsen van een dakterras op het adres. Het bouwplan is in strijd met het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Bosdrift 2013", omdat de bouwdiepte van het dakterras in strijd is met de planregels. Bij besluit van 26 oktober 2022 heeft het college een omgevingsvergunning verleend voor de activiteit bouwen als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo en voor het gebruik van een bouwwerk in strijd met het bestemmingsplan op grond van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo. Voor de laatstgenoemde activiteit heeft het college met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2º, van de Wabo, in samenhang gelezen met artikel 4, aanhef en onderdeel 4 van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht een omgevingsvergunning verleend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3123
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202403729/1/R4

202403905/2/A2

Bij besluit van 11 februari 2023 heeft de Dienst Toeslagen de aan [verzoekster] voor het jaar 2021 definitief toegekende huurtoeslag herzien en vastgesteld op nihil. Ook heeft de Dienst Toeslagen het al aan haar uitbetaalde bedrag van € 3.672,00 van haar teruggevorderd. Gelet op het besluit van 6 juni 2025 is de Dienst Toeslagen aan [verzoekster] tegemoetgekomen. Partijen zijn het erover eens dat [verzoekster], naast een vergoeding van het griffierecht voor het beroep en hoger beroep, recht heeft op de volgende forfaitaire bedragen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3136
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202403905/2/A2

202404143/1/R4

Bij besluit van 16 februari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad zijn beslissing om op 1 februari 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die op 1 februari 2024 is aangetroffen naast de afvalcontainer met nummer 70847 aan de Zuiddijk in Zaandam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat het adres van [appellante] op het adreslabel op de doos stond. [appellante] betwist dat de doos van haar afkomstig is. Zij wijst erop dat op het adreslabel wel haar adres, maar niet haar naam stond. De naam die erop stond was van ene [naam persoon], die volgens haar niet op haar adres woont. Zij stelt dat zij had kunnen aantonen dat de doos nooit bij haar is bezorgd, als het college een foto had genomen waar ook de track & trace-code op te zien was geweest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3110
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202404143/1/R4

202404554/1/R4

Bij besluit van 30 mei 2024 heeft de raad van de gemeente Veenendaal het bestemmingsplan "Schoolstraat 100" vastgesteld. Het plangebied van het bestemmingsplan "Schoolstraat 100" is gelegen op een perceel, gelegen tussen de Schoolstraat en de Bevrijdingslaan, dat voorheen voor grootschalige detailhandelsdoeleinden werd gebruikt. Het plan voorziet in de realisering van maximaal 128 gestapelde wooneenheden. [appellant] en anderen wonen in de nabijheid van het plangebied en hebben gezamenlijk beroep ingesteld tegen de invulling van het plangebied met gestapelde woningbouw. Zij vrezen met name voor schade aan de in de nabijheid van het plangebied gelegen molenbiotoop. Voorts vrezen zij voor aantasting van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3093
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Utrecht
  • uitspraakin de zaak202404554/1/R4

202405032/1/A2

Bij besluit van 4 februari 2023 heeft de Dienst Toeslagen de zorgtoeslag van [appellante] voor het jaar 2022 herzien en vastgesteld op nihil. Ook heeft de dienst het al aan haar uitbetaalde voorschot van € 888,00 teruggevorderd. [appellante] woont in Nederland, maar ontving in 2022 haar inkomsten uit een arbeidsongeschiktheidsuitkering vanuit haar Belgische dienstverband. Tussen partijen is niet in geschil dat zij daarom van rechtswege onder de socialezekerheidswetgeving van België valt en niet verplicht is in Nederland een zorgverzekering af te sluiten. Omdat haar Belgische zorgverzekering niet de kosten dekt die zij in Nederland moet maken, heeft zij in Nederland een zogenoemde verdragspolis met aanvullende verzekering afgesloten. [appellante] heeft voor de premie die zij moet betalen voor deze Nederlandse aanvullende zorgverzekering voor het jaar 2022 zorgtoeslag aangevraagd. De Dienst Toeslagen heeft die aanvraag in eerste instantie toegewezen en haar een voorschot zorgtoeslag toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3131
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202405032/1/A2

202405266/1/V6

Bij besluit van 16 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellant] is sinds 2000 in Nederland en heeft een verblijfsvergunning op grond van de Regeling afwikkeling nalatenschap oude Vreemdelingenwet. Hij heeft op 20 december 2021 het verzoek ingediend. De staatssecretaris heeft op 6 december 2022 een voornemen uitgebracht tot afwijzing van het verzoek, omdat hij twijfelt aan de identiteit en nationaliteit van [appellant]. De rechtbank heeft geoordeeld dat de staatssecretaris deugdelijk heeft gemotiveerd dat er gegronde redenen zijn om te twijfelen aan de identiteit en nationaliteit van [appellant]. [appellant] is het niet eens met het oordeel van de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3113
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202405266/1/V6

202405402/1/R4

Bij besluit van 14 november 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van IJsselstein aan [vergunninghouder] een omgevingsvergunning verleend om het gebruik van de horecagelegenheid [bedrijf] aan de [locatie 1] in IJsselstein, in strijd met het bestemmingsplan, te wijzigen van horecacategorie 1c naar horecacategorie 2. [vergunninghouder] is eigenaar van de horecagelegenheid. In de horecagelegenheid kunnen gasten een drankje drinken en op schermen naar sportevenementen kijken, poolbiljarten, darten of een bordspel doen. Op grond van het bestemmingsplan ‘Binnenstad’ heeft de horecagelegenheid de bestemming 'Centrum'. Binnen deze bestemming zijn horeca-activiteiten tot ten hoogste categorie 1c toegestaan. De horecagelegenheid valt met zijn activiteiten onder de horecacategorie 2 ‘middelzware horeca’ als bedoeld in de Staat van horeca-activiteiten, bijlage 2 bij het bestemmingsplan. Daarom heeft [vergunninghouder] bij het college een aanvraag voor een omgevingsvergunning ingediend voor de activiteit gebruik van bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3094
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • Project strijd bestemmingsplan
  • uitspraakin de zaak202405402/1/R4

202405404/1/A2

Bij besluit van 24 november 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veere de vergunningaanvraag van [appellant] om de woning aan de [locatie] te Meliskerke als tweede woning te mogen gebruiken, afgewezen. [appellant] heeft in maart 2019 een woning aan de [locatie] te Meliskerke gekocht. De woning ligt in het centrumgebied van Meliskerke. Op navraag van [appellant] heeft een gemeenteambtenaar hem per e-mail van 21 maart 2019 laten weten dat de woning als tweede woning gebruikt mag worden en dat daar de komende vier jaar, uitgaande van de inhoud van het toen ter visie liggende concept van een nieuwe Huisvestingsverordening, geen verandering in zou komen, omdat de koopovereenkomst is gesloten voor de inwerkingtreding van de nieuwe versie van de Huisvestingsverordening tweede woningen Veere 2019, en omdat het centrumgebied, waar de woning ligt, uitgezonderd is van het werkingsgebied. Het college heeft de vergunningaanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij de woning binnen drie jaar gaat gebruiken voor permanente bewoning, zoals bepaald in artikel 6, vijfde lid, van de Hvv.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3138
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202405404/1/A2

202405578/1/A2

Bij besluit van 18 oktober 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] is eigenaar van het perceel aan de [locatie] te Kudelstaart. Op 1 mei 2020 heeft hij het college verzocht om een tegemoetkoming in planschade die hij zou hebben geleden als gevolg van het bestemmingsplan Nieuw Calslagen 2016. Bij besluit van 23 november 2021 heeft het college deze aanvraag afgewezen. Bij besluit van 31 augustus 2022 heeft het college het door [appellant] daartegen gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 10 mei 2023 heeft de rechtbank het door [appellant] daartegen ingestelde beroep ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 11 december 2024, ECLI:NL:RVS:2024:5097, heeft de Afdeling het door [appellant] daartegen ingestelde hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3097
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202405578/1/A2

202405900/1/R4

Bij besluit van 14 mei 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad zijn beslissing om op 10 mei 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. Daarbij heeft het college vermeld dat de kosten van de toepassing van bestuursdwang, te weten € 210,00, voor rekening van [appellante] komen. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een huisvuilzak die op 10 mei 2024 is aangetroffen naast de afvalcontainer met nummer 71447 aan de Vrieschgroenstraat in Zaandam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de huisvuilzak verkeerd heeft aangeboden, omdat in de huisvuilzak een reclamefolder is aangetroffen waar haar naam en adres op staan. [appellante] betwist dat de huisvuilzak van haar afkomstig is. Zij stelt dat zij haar afval altijd op de juiste wijze aanbiedt, omdat zij zich ergert aan troep op straat en omdat zij ook niet wil riskeren dat zij een groot geldbedrag moet betalen. Zij wijst er in dit verband op dat zij moet bestaan van een kleine bijstandsuitkering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3120
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202405900/1/R4

202405963/1/V6

Bij besluit van 6 maart 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een verzoek van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 18 juli 2022 en 20 februari 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij in de periode van 2007 tot en met 2010 heeft gewerkt als logistiek medewerker en bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Kamp Holland in Uruzgan, Afghanistan. De minister heeft het verzoek afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3130
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202405963/1/V6

202406050/1/A2

Bij besluit van 27 december 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen [appellant] een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd en de geldigheid van zijn rijbewijs geschorst. Het CBR heeft de geldigheid van het rijbewijs van [appellant] geschorst en bepaald dat hij een medisch onderzoek moet ondergaan naar zijn geestelijke geschiktheid om een motorvoertuig te besturen. Daaraan heeft het CBR ten grondslag gelegd dat het vermoeden bestaat dat hij als houder van een rijbewijs niet langer beschikt over de vereiste rijvaardigheid. Dat vermoeden is gebaseerd op politieregistraties over [appellant] die gaan over gebruik van lachgas in het verkeer. Volgens het CBR is sprake van ernstig gestoord inzicht of gedrag in de zin van artikel 23, derde lid, aanhef en onder b, van de Regeling maatregelen rijvaardigheid 2011, in samenhang met de bijlage, onder B, onderdeel II, onder b, van de regeling. De rechtbank heeft het beroep van [appellant] ongegrond verklaard. Volgens de rechtbank geldt de eis dat er een proces-verbaal wordt gemaakt van een verdenking in dit geval niet. Verder heeft de rechtbank geoordeeld dat de vele politieregistraties de conclusie rechtvaardigen dat sprake is van ernstig gestoord inzicht of gedrag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3122
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202406050/1/A2

202406358/1/R4

Bij besluit van 20 december 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Echt-Susteren zijn beslissing om op 12 december 2023 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Echt-Susteren 2019 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van twee huisvuilzakken die op 12 december 2023 door een toezichthouder zijn aangetroffen naast de restafvalcontainer aan de Prinses Irenestraat in Echt. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de huisvuilzakken verkeerd heeft aangeboden, omdat daarin poststukken zijn aangetroffen waar haar naam en adres op staan. [appellante] betoogt dat het college niet mag uitgaan van de juistheid van het rapport van de toezichthouder, die het huisvuil heeft aangetroffen. Zij stelt dat in dat rapport staat dat het gaat om één huisvuilzak, terwijl op de bijgevoegde foto’s te zien is dat er twee huisvuilzakken zijn gevonden, één voor plastic, metaal en drinkkartons, en één voor restafval. Aangezien het rapport tegenstrijdig is, kan het niet worden gebruikt in deze procedure, aldus [appellante].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3119
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202406358/1/R4

202406430/1/R4

Bij besluit van 15 augustus 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad zijn beslissing om op 14 augustus 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Zaanstad 2020 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een huisvuilzak die op 14 augustus 2024 is aangetroffen naast de afvalcontainer met nummer 70816, ter hoogte van huisnummer 86 aan de Meidoornstraat in Zaandam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de huisvuilzak verkeerd heeft aangeboden omdat in de huisvuilzak een poststuk is aangetroffen waar zijn adres op staat. [appellant] betwist dat de huisvuilzak van hem afkomstig is. Een enkel poststuk in de huisvuilzak is volgens hem onvoldoende bewijs dat hij het was die de huisvuilzak verkeerd heeft aangeboden. Hij wijst er bovendien op dat de naam die op het poststuk staat niet zijn naam is, maar die van zijn zoon.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3112
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202406430/1/R4

202406485/1/R4

Bij besluit van 13 juli 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Kampen zijn beslissing om op 11 juli 2023 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening gemeente Kampen 2023 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een huisvuilzak die op 11 juli 2023 is aangetroffen aan een paaltje aan de Vermuydenstraat in Kampen, ter hoogte van de flat met huisnummers 170 t/m 252. Het college is ervan uitgegaan dat [appellante] de huisvuilzak verkeerd heeft aangeboden omdat daarin een adreslabel is aangetroffen met haar naam en adres. [appellante] is het niet eens met het besluit en heeft daartegen achtereenvolgens bezwaar en beroep ingesteld. In beroep heeft zij verzocht om een schadevergoeding. Haar beroep en het bijbehorende verzoek zijn behandeld door de rechtbank.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3111
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202406485/1/R4

202406512/4/R1

Bij besluit van 30 september 2024 heeft de raad van de gemeente Noordoostpolder het bestemmingsplan "Ens, Oost- fase 3" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de realisatie van maximaal 80 woningen mogelijk op een locatie direct ten noorden van de kruising tussen de Drietorensweg en de Zuiderringweg in Ens. Het gaat daarbij om twee-onder-één-kapwoningen, vrijstaande woningen, rijwoningen en zogenoemde rug-aan-rugwoningen. In het vorige bestemmingsplan had het plangebied een agrarische bestemming. OVT ontwikkeling is de initiatiefnemer van het plan. [appellant] woont aan de [locatie A]. Zijn perceel grenst aan alle zijden aan het plangebied, behalve aan de zijde die grenst aan de Zuiderringweg. [appellant] stelt zich op het standpunt dat de raad in het bestemmingsplan ten onrechte geen groenstrook van 3 m rondom zijn perceel heeft opgenomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3128
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Flevoland
  • uitspraakin de zaak202406512/4/R1

202407286/1/A2

Bij besluit van 7 februari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van Spectrum Invest om verlening van een woningvormingsvergunning voor de woning Maststraat 51 te Den Haag, afgewezen. Het college heeft de aanvraag om een woningvormingsvergunning afgewezen, omdat de woning is gelegen in een gebied waar woningvorming negatieve gevolgen kan hebben op kwaliteit van de woonruimtevoorraad, het karakter van het gebied of de leefbaarheid van de omgeving. Verder heeft het college belang gehecht aan het behoud van een grotere woning in dit gebied. De rechtbank heeft overwogen dat het college de leefbaarheid op de juiste wijze in zijn besluitvorming heeft betrokken en dat het de hardheidsclausule niet hoefde toe te passen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3121
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202407286/1/A2

202407929/1/V6

Bij besluit van 23 mei 2023 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een verzoek van [appellant] om op enige wijze zijn overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. [appellant] heeft de Afghaanse nationaliteit en verblijft in Afghanistan. Op 3 april 2023 heeft hij de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat hij in de periode van 2007 tot en met 2010 heeft gewerkt als medewerker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Kamp Holland in Uruzgan, Afghanistan. Hij is door ASG ingezet voor het kopen van uniformen en schoenen. Ook bood hij onderdak aan bewakers die van en naar Kamp Holland reisden en deed hij achtergrondonderzoek naar bewakers. De minister heeft het verzoek afgewezen, omdat [appellant] niet valt onder de bij de brief van 11 oktober 2021 getroffen speciale voorziening (Kamerstukken II 2021/22, 27 925, nr. 860; hierna: de Kamerbrief). Onder die speciale voorziening vallen twee groepen vreemdelingen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3129
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202407929/1/V6

202500728/1/R4

Bij besluit van 27 november 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam zijn beslissing om op 14 oktober 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening Rotterdam 2009 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die op 14 oktober 2024 is aangetroffen in de vulopening van de papiercontainer ter hoogte van huisnummer 17a aan het Willebrordesplein in Rotterdam. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden omdat op de doos een adreslabel zat met daarop zijn naam en adres. [appellant] betwist niet dat de kartonnen doos van hem afkomstig is, maar hij betoogt dat het college hem ten onrechte als overtreder heeft aangemerkt. De doos was volgens hem niet verkeerd aangeboden. De doos was in de container geplaatst maar stak alleen een beetje uit, aldus [appellant]. Dat lag volgens hem deels aan de technische uitvoering van de oudere papiercontainers, waar papier vaak in blijft hangen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3118
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202500728/1/R4

202500990/1/A2

Bij beslissing van 15 augustus 2024 heeft de commissie Toelating en Plaatsing Geneeskunde van de faculteit Medische Wetenschappen, namens het instellingsbestuur, het verzoek van [appellant] om toelating tot de master Geneeskunde afgewezen. Bij beslissing van 16 januari 2025 heeft het CBE het door [appellant] daartegen ingestelde administratief beroep ongegrond verklaard. [appellant] heeft in 2005 zijn doctoraaldiploma Geneeskunde gehaald aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Daarnaast heeft hij in 2014 de bacheloropleiding Biomedische wetenschappen afgerond. Hij heeft in 2024 een toelatingsverzoek ingediend tot de masteropleiding Geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Dit verzoek is door de toelatingscommissie afgewezen. Het doctoraaldiploma Geneeskunde is te lang geleden behaald.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3142
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202500990/1/A2

202501488/1/R4

Bij besluit van 15 december 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag zijn beslissing om op 27 november 2024 spoedeisende bestuursdwang toe te passen wegens het in strijd met de Afvalstoffenverordening 2010 aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen, op schrift gesteld. De toepassing van spoedeisende bestuursdwang heeft bestaan uit het verwijderen van een kartonnen doos die op 27 november 2024 is aangetroffen naast de ondergrondse restafvalcontainer aan het Jan van Riebeekplein in Den Haag, ter hoogte van huisnummer 104. Het college is ervan uitgegaan dat [appellant] de doos verkeerd heeft aangeboden, omdat op de doos een adreslabel zat waar zijn naam en adres op stonden. [appellant] betwist niet dat de kartonnen doos van hem afkomstig is. Hij betwist wel hij die doos naast de ORAC zou hebben gezet. Hij stelt dat hij de doos in de Sinterklaasperiode heeft meegegeven aan een groepje hem onbekende kinderen dat aan de deur kwam. Hij dacht dat de doos zou worden gebruikt om een surprise mee te maken en weet niet hoe de doos naast de ORAC terecht is gekomen. [appellant] stelt dat het voor hem niet goed mogelijk is om de kinderen, die zijn relaas zouden kunnen staven, te traceren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3117
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Afval
  • uitspraakin de zaak202501488/1/R4

202502472/1/A2

Bij uitspraak van 9 april 2025 in zaken nrs. 202406985/1/A2, 202500574/1/A2 en 202500574/2/A2, ECLI:NL:RVS:2025:1534, heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak met toepassing van artikel 8:86 van de Awb de beroepen van [verzoeker] tegen het niet-tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk verklaard, de verzoeken om voorlopige voorziening afgewezen en het van rechtswege ontstane beroep tegen het besluit van 28 november 2023 verwezen naar het college van beroep voor de examens van de Technische Universiteit Eindhoven, ter behandeling als administratief beroep. [verzoeker] heeft de Afdeling verzocht die uitspraak te herzien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3115
Datum uitspraak
9 juli 2025
  • Herziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202502472/1/A2

202306476/3/V3

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, van 12 oktober 2023 in zaak nr. NL23.18813. De staatssecretaris heeft het hoger beroep ingetrokken. Verzoeker, vertegenwoordigd door P.L.M. Stieger, advocaat in ‘s-Hertogenbosch, heeft de Afdeling verzocht de minister van Asiel en Migratie te veroordelen in de bij hem opgekomen proceskosten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3065
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202306476/3/V3

202403741/1/V1

Bij besluit van 8 februari 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3069
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403741/1/V1

202501752/2/R4

Bij besluit van 27 januari 2025 heeft de raad van de gemeente Lochem het bestemmingsplan "Almen-Zuid 2b" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van 15 woningen met bijbehorende ontsluitingswegen, parkeerplaatsen en waterberging aan de zuidkant van Almen. Daarvan zullen 7 woningen worden gebouwd op onbebouwde percelen die momenteel agrarisch in gebruik zijn. De overige 8 woningen zullen worden gebouwd op een perceel dat in de huidige situatie in gebruik is als parkeerterrein voor een naburig hotel. Het plan voorziet ook in een vervangend parkeerterrein voor dat hotel. [verzoekster] stelt echter dat het plan zal leiden tot feitelijk onomkeerbare gevolgen en verzoekt daarom het plan te schorsen. Zo wijst zij erop dat in de bomen aan de westzijde van het plangebied - die zullen worden gekapt - mogelijk beschermde diersoorten waaronder uilen en vleermuizen aanwezig zijn.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3036
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202501752/2/R4

202502706/1/V1

Bij besluit van 19 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3068
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202502706/1/V1

202503567/1/V3

Bij besluit van 1 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3067
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503567/1/V3

202503724/2/V2

Bij besluit van 23 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 20 juni 2025 heeft de rechtbank het daartegen door verzoeker ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft verzoeker hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3145
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503724/2/V2

BRS.24.000460 en BRS.24.000461

Bij besluiten van 1 november 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie appellanten een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3039
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaakBRS.24.000460 en BRS.24.000461

BRS.25.000759

Bij besluit van 23 augustus 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3040
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000759

BRS.25.000773

Bij besluit van 14 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3038
Datum uitspraak
8 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000773

202304155/1/V3

Bij besluit van 21 november 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen en ambtshalve geweigerd hem krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3043
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202304155/1/V3

202402364/1/V2

Bij besluit van 15 september 2022, aangevuld bij besluit van 30 mei 2023, heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, opnieuw afgewezen, hem opgedragen de Europese Unie onmiddellijk te verlaten en een inreisverbod tegen hem uitgevaardigd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3064
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202402364/1/V2

202402365/1/V3

Bij besluit van 1 september 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid bepaald dat op 4 september 2023 het recht op bescherming eindigt dat betrokkene geniet op grond van Richtlijn 2001/55/EG en het daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluit (EU) 2022/382 van 4 maart 2022. De staatssecretaris heeft betrokkene ook opgedragen om de Europese Unie binnen vier weken na 4 september 2023 te verlaten. De staatssecretaris heeft dit besluit op 14 februari 2024 ingetrokken. Bij besluit van 24 januari 2024 heeft de staatssecretaris vastgesteld dat betrokkene met ingang van 5 maart 2024 niet langer rechtmatig in Nederland verblijft. Bij besluit van 7 februari 2024 heeft zij betrokkene vervolgens opgedragen om de Europese Unie binnen vier weken na 4 maart 2024 te verlaten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3045
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202402365/1/V3

202406999/1/V1

Bij besluit van 31 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om appellant een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen. Bij besluit van 22 januari 2024 heeft de staatssecretaris het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3046
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202406999/1/V1

202407134/1/V2

Bij besluit van 19 september 2024 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3047
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407134/1/V2

202500090/1/V3

Bij besluit van 16 december 2024 heeft de minister appellant van Asiel en Migratie een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3048
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500090/1/V3

202501247/1/V3

Bij besluit van 21 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3060
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501247/1/V3

202501728/1/V2

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (hierna: de asielaanvraag) te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3066
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501728/1/V2

202501792/1/V1

Appellant heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op een aanvraag om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3059
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202501792/1/V1

202502282/2/R2

Bij besluit van 6 februari 2025 heeft de raad van de gemeente Sint-Michielsgestel het "TAM-imro-omgevingsplan, hoofdstuk 22a Veldstraat ong. Den Dungen" als wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Sint-Michielsgestel vastgesteld. Het besluit tot wijziging maakt de bouw van maximaal 24 woningen mogelijk bij de Veldstraat in Den Dungen. De voormalige basisschool op de locatie is gesloopt en het terrein ligt braak. [verzoeker] en anderen wonen naast of dichtbij de locatie. Zij kunnen zich niet vinden in het besluit tot wijziging omdat de grote toename van het aantal woningen, het tekort aan parkeerplaatsen, het ontbreken van klimaatadaptieve maatregelen en het verdwijnen van groen volgens hen zullen leiden tot een aanzienlijke verslechtering van het woon- en leefklimaat. [verzoeker] en anderen betogen dat het bouwvolume te groot is. Er zijn volgens hen te veel woningen op een te klein oppervlak voorzien. Een massief appartementencomplex past volgens hen niet in een straat met individuele woningbouw en ruime kavels.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3035
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202502282/2/R2

202503055/1/V3

Bij besluit van 4 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3058
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503055/1/V3

202503102/1/V2 en 202503102/2/V2

Bij besluit van 30 januari 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3056
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503102/1/V2 en 202503102/2/V2

202503408/1/V3

Bij besluit van 26 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3057
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503408/1/V3

202503435/1/V3

Bij uitspraak van 13 juni 2025 heeft de rechtbank het met een kennisgeving vanwege de minister daartegen aanhangig gemaakte beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3055
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503435/1/V3

202503457/1/V2 en 202503457/2/V2

Bij besluit van 4 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3054
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503457/1/V2 en 202503457/2/V2

202503492/2/V2

Bij besluit van 24 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3053
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503492/2/V2

202503511/1/V3

Bij besluit van 31 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3051
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503511/1/V3

202503512/1/V3

Bij besluit van 25 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3050
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503512/1/V3

202503806/1/A2

Het verzoek richt zich tegen de beslissing van 3 juli 2025, waarbij de Teamexamencommissie het door [verzoeker] gemaakte examen P6-K1-3 Voert marktonderzoeken uit deel 1 ongeldig heeft verklaard vanwege fraude. De kern van de beslissing van de Teamexamencommissie is dat een surveillant, tevens haar vakdocent, tijdens het afleggen van het examen op 28 mei 2025 heeft geconstateerd dat [verzoeker] een browservenster met generatieve AI open had staan, te weten het programma ChatGPT. Van die verklaring is echter geen schriftelijk bewijs opgemaakt, althans niet overgelegd. Verder is er geen duidelijke verklaring gegeven over wat de surveillant tijdens het examen zou hebben gezien en onder welke omstandigheden, en ook is [verzoeker] niet tijdens of onmiddellijk na het examen aangesproken op het gebruik van het niet toegestane hulpmiddel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3204
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Voorlopige voorziening
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202503806/1/A2

BRS.25.000637

Bij besluit van 17 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3028
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000637

BRS.25.000731 en BRS.25.000732

Bij besluit van 23 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3030
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000731 en BRS.25.000732

BRS.25.000744

Bij besluit van 19 maart 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag om betrokkene een machtiging tot voorlopig verblijf te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3011
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000744

BRS.25.000748

Bij besluit van 19 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3020
Datum uitspraak
7 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000748

202503815/1/V3.

Bij besluit van 16 juni 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3649
Datum uitspraak
6 augustus 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202503815/1/V3.

202407261/1/R2 en 202407261/2/R2

Bij besluit van 12 september 2024 heeft de raad het "Bestemmingsplan gebiedsuitwerking FHeijdenstraat-noord (FvdHeijdenstraat-Schotelven-Hoenderberg)" (hierna: het bestemmingsplan) vastgesteld. Tegen dit besluit heeft [verzoeker] beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen. De raad heeft een verweerschrift ingediend. [verzoeker] heeft een nader stuk ingediend. [partij A] en [partij B] hebben een nader stuk ingediend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3529
Datum uitspraak
6 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202407261/1/R2 en 202407261/2/R2

202402446/1/V1

Bij besluit van 15 maart 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3034
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202402446/1/V1

202403482/1/V1

Bij besluit van 8 juli 2020 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3033
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403482/1/V1

202407908/1/V1

Bij besluit van 17 juni 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3032
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407908/1/V1

202502380/1/R2 en 202502380/2/R2

Bij besluit van 13 juni 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Bergen op Zoom aan tennisvereniging Smash Bergen op Zoom een omgevingsvergunning verleend voor het aanleggen van vier padelbanen en het verleggen van een tennisbaan. Het college heeft de omgevingsvergunning aan Smash verleend voor het aanleggen van vier padelbanen en het verleggen van een tennisbaan op het terrein van Smash in Bergen op Zoom aan de Beukenlaan 12. De locatie ligt in het noordelijke deel van het sportpark Rozenoord. [verzoekster] woont ten zuiden van dit sportpark, aan de [locatie] in Bergen op Zoom. Zij vreest voor overlast ten gevolge van de omgevingsvergunning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3014
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202502380/1/R2 en 202502380/2/R2

BRS.25.000709

Bij besluit van 25 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3010
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000709

BRS.25.000791

Bij besluit van 15 februari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van verzoeker om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, buiten behandeling gesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3031
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000791

202300231/2/A3

Ten aanzien van zaak nr. 202300231/1/A3, die op 7 juli 2025 op zitting zal worden behandeld, heeft staatsraad mr. E.J. Daalder, die als voorzitter van de meervoudige kamer belast is met de behandeling van deze zaak, op 4 juli 2025 het verzoek gedaan zich te mogen verschonen. De staatsraad heeft te kennen gegeven dat bij de voorbereiding van de zitting in bovenvermelde zaak is gebleken dat de door de Afdeling in persoon opgeroepen directeur-generaal van de Belastingdienst drs. P.H. Smink zal worden bijgestaan door mr. R.W. Veldhuis. Mr. Veldhuis is werkzaam op het kantoor Pels Rijcken, waar hij in het verleden ook aan verbonden is geweest.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3062
Datum uitspraak
4 juli 2025
  • Verschoning
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202300231/2/A3

202302321/1/V3

Bij besluit van 15 april 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2936
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202302321/1/V3

202304916/1/V3

Bij besluit van 8 juli 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om hem een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3021
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202304916/1/V3

202403487/1/V3

Bij besluit van 20 april 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aanvraag van appellant tot het opheffen van het tegen hem uitgevaardigde inreisverbod, afgewezen, en de aanvraag van appellant tot het verlenen van een verblijfsvergunning op grond van het Terugtrekkingsakkoord tussen de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3022
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403487/1/V3

202403655/1/V3

Bij besluit van 17 juni 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om afgifte van een document als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3017
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202403655/1/V3

202500876/1/V3

Bij besluit van 3 januari 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3025
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202500876/1/V3

202502808/1/V3

Bij besluit van 1 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3023
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502808/1/V3

202502809/1/V3

Bij besluit van 28 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3024
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502809/1/V3

202502835/1/V3

Bij besluit van 30 april 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie appellant in bewaring gesteld

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3026
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202502835/1/V3

202503275/1/V3 en 202503275/2/V3

Bij besluit van 25 maart 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3019
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503275/1/V3 en 202503275/2/V3

202503468/2/V1

Bij besluit van 21 juli 2022 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan betrokkene verleende verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd ingetrokken en een aanvraag om hem een EU-verblijfsvergunning voor langdurig ingezetenen of een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd te verlenen, afgewezen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3018
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaak202503468/2/V1

202503577/1/V2 en 202503577/2/V2

Bij besluit van 22 mei 2025 heeft de minister van Asiel en Migratie een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3016
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202503577/1/V2 en 202503577/2/V2

202502601/1/A2

Het beroep richt zich tegen het besluit van het college van bestuur van de Universiteit van Amsterdam van 25 maart 2025, waarbij het college het bezwaar van [appellant] niet-ontvankelijk heeft verklaard. Het geschil betreft de vraag of het college het bezwaar van [appellant] terecht niet-ontvankelijk heeft verklaard vanwege het ontbreken van procesbelang. [appellant] heeft een verzoek tot inschrijving ingediend voor de bacheloropleiding Fiscaal recht aan de Universiteit van Amsterdam. Het college heeft dit verzoek aanvankelijk op 12 september 2024 afgewezen, omdat hij niet had aangetoond het collegegeld te hebben betaald. [appellant] heeft bezwaar gemaakt en daarbij gewezen op een afgegeven machtiging voor de incasso van het collegegeld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:3162
Datum uitspraak
3 juli 2025
  • Mondelinge uitspraak
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202502601/1/A2

202202776/2/V3

Bij verwijzingsuitspraak van 30 augustus 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3275, heeft de Afdeling het Hof van Justitie verzocht om in een prejudiciële beslissing uitspraak te doen over de door haar gestelde vragen over de behandeling van asielverzoeken van personen die door Griekenland zijn erkend als vluchteling. De Afdeling heeft daarbij de behandeling van het hoger beroep geschorst tot het Hof uitspraak heeft gedaan en iedere verdere behandeling aangehouden. In de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2025:2865, heeft de Afdeling onder 7-7.3 aan de hand van het arrest QY uiteengezet hoe de minister moet omgaan met asielaanvragen van personen die door Griekenland zijn erkend als vluchteling, maar die niet naar Griekenland kunnen terugkeren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2866
Datum uitspraak
2 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Vreemdelingenkamer - Overige
  • uitspraakin de zaak202202776/2/V3

202407800/1/V2 en 202407800/2/V2

Bij besluit van 27 augustus 2024 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Bij uitspraak van 13 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A.C. Pool, advocaat in Arnhem, hoger beroep ingesteld. Ook heeft hij de voorzieningenrechter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2933
Datum uitspraak
2 juli 2025
  • Voorlopige voorziening / hoofdzaak
  • Asiel
  • uitspraakin de zaak202407800/1/V2 en 202407800/2/V2

202407873/1/V3

Bij besluit van 20 november 2024 heeft de minister betrokkene een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd. Bij uitspraak van 23 december 2024 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep, voor zover gericht tegen de tenuitvoerlegging van de maatregel, gegrond verklaard en voor het overige ongegrond, de wijziging van de tenuitvoerlegging van de maatregel met ingang van die dag bevolen en de minister opgedragen betrokkene schadeloos te stellen. Tegen deze uitspraak heeft de minister hoger beroep ingesteld. Betrokkene, vertegenwoordigd door mr. M.M. Volwerk, advocaat in Leiden, heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2932
Datum uitspraak
2 juli 2025
  • Hoger beroep
  • Bewaring
  • uitspraakin de zaak202407873/1/V3
vorige pagina1...414243...1.237volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon