Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 94
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202406281/1/A2

Bij besluit van 13 maart 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een aanvraag van [appellant] om hernieuwde afgifte van zijn certificaat als Flight Examiner (FE) afgewezen. [appellant] was in het bezit van een certificaat voor examinator FE, geldig tot 31 juli 2022. Op 5 oktober 2021 heeft hij een aanvraag gedaan voor verlenging (revalidation) van het certificaat. Daartoe heeft op 6 oktober 2022 een zogenoemd ‘Assessment of Competence’ (AoC) plaatsgevonden. [appellant] heeft onder andere het onderdeel theorie niet gehaald en is daarom gezakt voor het AoC. Op 8 oktober 2022 heeft [appellant] opnieuw een aanvraag gedaan voor hernieuwde afgifte (renewal) van het certificaat, onder verwijzing naar het eerder gezakt zijn voor het AoC. Op dat moment was de geldigheidsduur van zijn certificaat reeds verlopen. Op 14 december 2022 heeft [appellant] opnieuw een AoC afgelegd. Ook voor dat AoC is hij gezakt. De minister heeft daarop het besluit van 13 maart 2023 genomen. Uit het besluit blijkt dat de minister aan dat besluit de aanvraag van [appellant] van 8 oktober 2022 ten grondslag heeft gelegd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2751
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Luchtvaart
  • uitspraakin de zaak202406281/1/A2

202406651/1/R1

Bij besluit van 11 mei 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam aan Amsterdam Open Air B.V. een tijdelijke omgevingsvergunning verleend voor het evenement "Amsterdam Open Air festival 2023" in het Gaasperpark op 3 en 4 juni 2023. Amsterdam Open Air is een evenement dat jaarlijks plaatsvond in het Gaasperpark in Amsterdam. Het evenement is in strijd met het geldende bestemmingsplan "Gaasperdam". Om dit evenement mogelijk te maken, heeft het college een omgevingsvergunning verleend. Het gaat om een tijdelijke omgevingsvergunning voor de activiteit handelen in strijd met regels ruimtelijke ordening als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo. De omgevingsvergunning is verleend met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2o, van de Wabo in samenhang met artikel 4, aanhef en onderdeel 11, van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2747
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406651/1/R1

202407529/1/A3

Bij besluit van 2 maart 2022 heeft de Commissie Eindtermen Accountantsopleiding (CEA) het verzoek van [appellant] om openbaarmaking van documenten op grond van de Wet openbaarheid van bestuur gedeeltelijk toegewezen. [appellant] heeft op 16 januari 2022 bij de CEA op grond van de Wob verzocht om openbaarmaking van documenten over de aanwijzingsbesluiten van alle door de CEA aangewezen Registeraccount (RA)-opleidingen en over verschillende toezichtsinstrumenten. Op 23 februari 2022 heeft [appellant] ook verzocht om openbaarmaking van de door de CEA in het kader van de behandeling van het verzoek ontvangen zienswijzen. Bij besluit van 2 maart 2022 heeft de CEA de verzochte documenten gedeeltelijk openbaar gemaakt. Bij besluit van 10 maart 2022 heeft de CEA de door [appellant] verzochte zienswijzen verstrekt. Bij besluit van 21 april 2022 heeft de CEA het bezwaar van [appellant] deels gegrond verklaard, aanvullende documenten verstrekt en voor het overige het bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2768
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202407529/1/A3

202500540/1/A3

Bij besluit van 8 september 2022 heeft het college van Almere een aan FEBO Almere verleende terrasvergunning en vergunning alcoholvrij bedrijf ingetrokken. De bestuurder van FEBO Almere, [gemachtigde], heeft voor een andere onderneming aanvragen ingediend voor een terrasvergunning en een vergunning voor een alcoholvrij bedrijf. Bij die procedure heeft de burgemeester de Wet Bibob toegepast en geweigerd de vergunningen te verlenen. De burgemeester heeft aanleiding gezien om in deze procedure de Wet Bibob toe te passen en heeft FEBO Almere daarom gevraagd een Bibob-vragenformulier in te vullen. Aan dat verzoek heeft FEBO Almere geen gehoor gegeven. De burgemeester heeft vervolgens de vergunningen van FEBO Almere ingetrokken. Omdat zij het Bibob-vragenformulier niet heeft ingevuld, bestaat volgens de burgemeester een ernstig gevaar dat de vergunning mede zal worden gebruikt om strafbare feiten te plegen. Daarnaast is de burgemeester van mening dat feiten en omstandigheden erop wijzen dat FEBO Almere in relatie staat tot strafbare feiten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2749
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • Wet Bibob
  • uitspraakin de zaak202500540/1/A3

202500679/1/A3

Bij besluit van 1 november 2023 heeft de burgemeester van Enschede aan [appellant] een gebiedsverbod opgelegd voor de duur van drie maanden. De burgemeester heeft aan [appellant] een gebiedsverbod opgelegd voor een gebied in het centrum van Glanerbrug, voor de duur van drie maanden. De burgemeester heeft daaraan een bestuurlijke rapportage van de politie van 13 juli 2023 ten grondslag gelegd. In de bestuurlijke rapportage staat dat Glanerbrug als grensdorp al jaren kampt met drugsoverlast. Uit de bestuurlijke rapportage volgt dat [appellant] veel dealgedrag vertoont. Hij wordt dagelijks gezien wanneer hij contact legt met afnemers, meestal verslaafden uit Duitsland. De politie heeft meerdere overdrachten gezien tussen [appellant] en afnemers. Ook is [appellant] meerdere keren staande gehouden en aangehouden geweest en zijn er zaken bij hem aangetroffen die wijzen op de handel in harddrugs (harddrugs, meerdere telefoons, coupures geld). [appellant] vertoont ook dealgedrag vanuit een woning aan de [locatie] en het treinstation in Glanerbrug.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2758
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202500679/1/A3

202501066/1/A3

Bij besluit van 3 november 2022 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties het verzoek om openbaarmaking gedeeltelijk toegewezen. [appellant] heeft op 27 maart 2022 bij het ministerie van Financiën een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) ingediend. Omdat een deel van dit verzoek gaat over informatie die bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) berust, is dit verzoek voor dat gedeelte doorgestuurd naar de minister. Bij besluit van 3 november 2022 heeft de minister op het verzoek beslist en daarbij geweigerd de personeelsdossiers, voor zover deze berusten onder het ministerie van BZK, en de persoonsgegevens van de Algemene Bestuursdienst (ABD)-managers openbaar te maken. Verder heeft de minister verwezen naar het al openbare Jaarverslag van de Algemene Bestuursdienst over 2021 en de Jaarrapportage Bedrijfsvoering Rijk 2021. Bij besluit van 13 juli 2023 heeft de minister het bezwaar van [appellant] ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2770
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202501066/1/A3

202501184/1/A2

Bij brief van 30 juni 2023 heeft de stichting Wlz-uitvoerder Zorg en Zekerheid aan [appellante] onder meer medegedeeld dat het maatregelen jegens haar heeft genomen. [appellante] was van 19 december 2013 tot 16 december 2021 bewindvoerder van [naam dochter], haar dochter, en in die hoedanigheid de contactpersoon voor de stichting ten aanzien van het persoonsgebonden budget dat haar dochter op grond van de Wet langdurige zorg ontving. De stichting heeft onderzoek gedaan naar de rechtmatigheid van het over de periode van 1 januari 2018 tot 1 mei 2021 verstrekte persoonsgebonden budget. In de brief van 30 juni 2023 heeft de stichting mededeling gedaan van haar bevindingen. In de brief is de conclusie getrokken dat [appellante] zich schuldig heeft gemaakt aan fraude. Verder is in de brief mededeling gedaan van twee maatregelen - het opnemen van haar (persoons)gegevens in zowel het incidentenregister van de stichting als het Extern Verwijzingsregister - die jegens [appellante] zijn genomen. Aan het besluit van 18 juli 2023 heeft de stichting ten grondslag gelegd dat de brief van 30 juni 2023 geen besluit is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2724
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Geld
  • Gezondheidszorg
  • uitspraakin de zaak202501184/1/A2

202501436/1/A2

Bij besluit van 24 augustus 2023 heeft de Belastingdienst/Toeslagen op verzoek van [appellante] een betalingsregeling vastgesteld voor aflossing van teruggevorderde kinderopvangtoeslag over 2020 en 2022. [appellante] heeft over 2020 € 37.836,00 aan voorschotten kinderopvangtoeslag ontvangen, gebaseerd op een geschat jaarinkomen van € 24.256,00. De Dienst Toeslagen heeft vervolgens tussen 27 februari 2023 en 16 maart 2023 met haar gesproken over hoe de situatie van haar echtgenoot in 2020 was. Uit dat gesprek heeft de Dienst Toeslagen geconcludeerd dat de echtgenoot in 2020 niet voldeed aan het woonplaatsvereiste en niet werkte. Hierdoor had [appellante] geen recht op kinderopvangtoeslag over het jaar 2020. Daarom heeft de Dienst Toeslagen de toeslag op nihil vastgesteld en het voorgeschoten bedrag, vermeerderd met rente, teruggevorderd. [appellante] heeft op 24 mei 2023 een verzoek om een persoonlijke betalingsregeling ingediend voor de op dat moment openstaande terugvordering van kinderopvangtoeslag.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2743
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202501436/1/A2

202501473/1/R1

Bij besluit van 11 februari 2025 heeft de raad van de gemeente Schagen het bestemmingsplan "Jonkerhof, Waarland" gewijzigd vastgesteld. Het plan voorziet onder andere in de nieuwbouw van maximaal 24 woningen in de vorm van een hof op het perceel ten noorden van [locatie] in Waarland. Uit de plantoelichting volgt dat met het plan is beoogd 24 woningen ten behoeve van senioren te realiseren, waarvan 8 sociale huurwoningen, 8 middeldure koopwoningen of betaalbare huurwoningen en 8 vrije sector woningen. Aan de westzijde van het plangebied is de bestemming "Agrarisch met waarden" toegekend met de aanduidingen "ijsbaan" (gedeeltelijk) en "milieuzone - spuitzone".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2744
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202501473/1/R1
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202501473/1/R1

202502302/1/A2

Bij besluit van 2 februari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] woont, samen met zijn vrouw en minderjarige zoon, in een woning op de tweede verdieping, die uitsluitend bereikbaar is via trappen. In het gebouw is geen lift aanwezig. Vanwege verscheidene fysieke beperkingen (aandoening aan het gehoor- en evenwichtsorgaan, kortademigheid, duizeligheid en ouderdomsklachten) heeft [appellant] moeite met traplopen, waardoor hij weinig buitenshuis komt. Daarom heeft hij op 30 oktober 2023 een aanvraag om een urgentieverklaring ingediend. [appellant] wil graag een woning die zonder trappen, of met een lift, bereikbaar is. Naar aanleiding van de aanvraag van [appellant] heeft het college advies gevraagd aan Calder Werkt. Volgens het advies van Calder Werkt van 11 december 2023 is de woonsituatie ernstig, maar niet levensbedreigend of levensontwrichtend. Weliswaar heeft [appellant] conditionele beperkingen, maar deze zijn niet zodanig ernstig, dat hij niet in staat is enige malen per dag een trap op of af te lopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:2746
Datum uitspraak
13 mei 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202502302/1/A2
vorige pagina1...456...10volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon