Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.844
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202406395/1/A3

Bij besluit van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunning van [appellant] voor onbepaalde tijd gewijzigd in een ligplaatsvergunning voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2028. Het college heeft de ligplaatsvergunning van [appellant] gewijzigd in een ligplaatsvergunning voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2030. Bij brief van 17 september 2025 heeft [appellant] medegedeeld dat hij zijn vaartuig heeft verkocht. De ligplaatsvergunning voor het vaartuig staat nu op naam van Flagship Holding B.V. Hij heeft het hoger beroep echter niet ingetrokken. Op de zitting heeft de Afdeling daarom met [appellant] besproken of hij nog belang heeft bij een inhoudelijk oordeel over zijn hoger beroep.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1064
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406395/1/A3

202406396/1/A3

Bij twee besluiten van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunningen van [appellant] voor onbepaalde tijd gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2026 en 1 maart 2028. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college ligplaatsvergunningen gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Het college heeft het gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en de rechtbank heeft het beroep tegen het besluit van 23 januari 2023 niet-ontvankelijk verklaard en tegen het verlengingsbesluit van 22 april 2024 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1060
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406396/1/A3

202406397/1/A3

Bij besluit van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunning van Canal Motorboats voor onbepaalde tijd gewijzigd in een ligplaatsvergunning voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2024. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college een ligplaatsvergunning gewijzigd in een ligplaatsvergunning voor bepaalde tijd. De einddatum is gesteld op 1 maart 2024. Het college heeft het gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en de rechtbank heeft het beroep tegen het besluit van 26 januari 2023 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1062
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406397/1/A3

202406405/1/A3

Bij vijftien besluiten van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunningen van Blue Boat Company voor onbepaalde tijd gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2024 en 1 maart 2026. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college ligplaatsvergunningen gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2024, 1 maart 2026, 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Het college heeft de gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1047
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406405/1/A3

202406408/1/A3

Bij vijf besluiten van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunningen van Rederij Amsterdam voor onbepaalde tijd gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2024, 1 maart 2026 en 1 maart 2028. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college ligplaatsvergunningen gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2024, 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Het college heeft het gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en de rechtbank heeft het beroep tegen de besluiten van 23 januari 2023 en 22 april 2024 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1066
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406408/1/A3

202406418/1/A3

Bij 27 besluiten van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunningen van Stromma en Canal Bus voor onbepaalde tijd gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2024, 1 maart 2026, 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college ligplaatsvergunningen gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2024, 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Het college heeft de gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1065
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406418/1/A3

202406420/1/A3

Bij twee besluiten van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam ligplaatsvergunningen van Sloepdelen voor onbepaalde tijd gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2024, 1 maart 2026 en 1 maart 2028. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college een ligplaatsvergunning gewijzigd in een ligplaatsvergunning voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2024, 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Het college heeft het gemaakte bezwaar ongegrond verklaard en de rechtbank heeft het beroep tegen de besluiten van 16 maart 2023 en 22 april 2024 ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1061
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406420/1/A3

202406423/1/A3

Bij vier besluiten van 15 juli 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de ligplaatsvergunningen van Rederij Lovers voor onbepaalde tijd gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd met als einddatum 1 maart 2024,1 maart 2026 en 1 maart 2028. Bij twee besluiten van 22 april 2024 heeft het college ligplaatsvergunningen van Rederij Lovers verlengd tot 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Bij uitspraak van 9 september 2024 heeft de rechtbank het door Rederij Lovers tegen de besluiten van 6 maart 2023 en 22 april 2024 ingestelde beroep gegrond verklaard, de besluiten van 6 maart 2023 en 22 april 2024 vernietigd en de besluiten van 15 juli 2022 herroepen. Deze zaak kent een voorgeschiedenis die uitgebreid uiteen is gezet in de uitspraak van vandaag, ECLI:NL:RVS:2026:823. Ook in deze zaak heeft het college ligplaatsvergunningen gewijzigd in ligplaatsvergunningen voor bepaalde tijd. De einddatum is, na verlenging, gesteld op 1 maart 2024, 1 maart 2028 en 1 maart 2030. Het college heeft de gemaakte bezwaren ongegrond verklaard.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1058
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202406423/1/A3

202406596/1/A2

Bij besluit van 30 september 2022, kenmerk TKW433, heeft het college van gedeputeerde staten van Drenthe aan [appellante] een tegemoetkoming van € 2.449,44 toegekend voor door een wolf aangerichte schade aan haar schapenhouderij. [appellante] exploiteert een schapenhouderij. Zij houdt schapen van het speciale ras Shropshire. Dit ras wordt ingezet voor landschapsbeheer op verschillende locaties waaronder voor het begrazen van boomkwekerijen, omdat het geen boombast eet en wel onkruid en gras (onder de bomen). Op 29 oktober 2021 heeft [appellante] wolvenschade geconstateerd en daarvan melding gemaakt. Op dezelfde dag heeft een taxateur in opdracht van het college geconstateerd dat één schaap is gedood. Vervolgens heeft het college bij besluit van 11 maart 2022 aan [appellante] een tegemoetkoming van € 386,77 toegekend.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1037
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202406596/1/A2

202407136/1/A2

Bij besluit van 10 oktober 2022 heeft de burgemeester van Zoetermeer het handhavingsverzoek van [wederpartij] c.s afgewezen. Bij besluit van 11 april 2023 heeft de burgemeester beslist op het daartegen door [wederpartij] c.s. ingediende bezwaarschrift en daarbij het besluit van 10 oktober 2022 herroepen. [wederpartij] c.s. woont met zijn twee kinderen (geboren in 2014 en 2018) in Zoetermeer. [buurman] woont daar vlakbij. Zijn woning en tuin grenzen aan de tuin van [wederpartij] c.s. De buurman krijgt begeleiding vanwege een autismespectrumstoornis. Hij heeft moeite met het verdragen van het leefgeluid uit de woning van [wederpartij] c.s., met name de geluiden van de kinderen. Sinds 2020 ervaart het gezin overlastgevend gedrag van de buurman. Vanaf mei 2020 hebben zij herhaaldelijk meldingen gedaan bij de politie. De meldingen betreffen het opzettelijk veroorzaken van geluidsoverlast door luide muziek ten gehore te brengen, het uiten van beledigingen en het richten van scheldpartijen tot leden van het gezin.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:1039
Datum uitspraak
25 februari 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202407136/1/A2
vorige pagina1...747576...12.385volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon