Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 123.756
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202401581/1/A3

Bij besluit van 9 juni 2022 heeft de burgemeester van Utrecht aan Lepeltje Lepeltje B.V. een evenementenvergunning verleend voor het evenement 'Lepeltje Lepeltje' op de locatie Park Lepelenburg van 22 juni 2022 tot en met 28 juni 2022, inclusief twee dagen opbouw en twee dagen afbouw. Op 30 maart 2022 heeft Lepeltje Lepeltje B.V. een evenementenvergunning aangevraagd voor het driedaagse evenement 'Lepeltje Lepeltje' in het Park Lepelenburg in Utrecht. Het evenement betrof een kleinschalig foodtruck festival waarbij ook livemuziek ten gehore werd gebracht. Bij besluit van 9 juni 2022 heeft de burgemeester de evenementenvergunning verleend en aan die vergunning diverse voorschriften verbonden met betrekking tot de geluidsnormen en het openbaar groen. In bezwaar heeft de burgemeester de vergunningverlening gehandhaafd. De Stichting is het niet eens met de besluitvorming.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5491
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202401581/1/A3

202401585/1/R2

Bij besluit van 5 oktober 2022 heeft het college aan Schoorsteen B.V. een omgevingsvergunning verleend voor de activiteiten bouwen, afwijken van het bestemmingsplan, verbreden van een uitweg en het maken van handelsreclame ten behoeve van het vestigen van een McDonald’s restaurant met een McDrive aan de Steenovenweg 21 in Helmond. McDonald’s Nederland B.V. is de rechtsopvolger van Schoorsteen B.V. en wil een McDonald's restaurant met een McDrive realiseren op het perceel. Op het perceel rust op grond van het ter plaatse geldende bestemmingsplan "Schooten" de bestemming "Bedrijventerrein" en de functieaanduiding "specifieke vorm van bedrijf-2", waar onder meer horeca I-bedrijven zijn toegestaan. [appellant A] en [appellant B] wonen tegenover het perceel en kunnen zich niet met de komst van een McDonald's restaurant met een McDrive op het perceel verenigen. Zij vinden dat een McDonald's restaurant met een McDrive geen horeca I-bedrijf is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5461
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202401585/1/R2

202401783/1/A2

Bij beslissing van 25 augustus 2023 heeft de examencommissie het verzoek van [appellant] om hem een extra toets gelegenheid te bieden, afgewezen. [appellant] heeft in het laatste jaar van zijn bacheloropleiding slechts 11 van de vereiste 30 onderzoekscredits gehaald voor het praktijkvak Onderzoeksparticipatie 2, waardoor hij zijn bacheloropleiding niet op tijd zou kunnen afronden om in september 2023 te kunnen starten met een masteropleiding. Hij heeft de examencommissie daarom per e-mail van 27 juni 2023 verzocht hem een extra gelegenheid te bieden om de benodigde onderzoekscredits voor het vak te halen, zodat hij alsnog in september 2023 zou kunnen starten met een masteropleiding. [appellant] betoogt dat dat het niet redelijk is dat hem geen reële mogelijkheid tot herstel is geboden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5446
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Studentenzaken
  • uitspraakin de zaak202401783/1/A2

202401791/1/R3

Bij besluit van 25 februari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Aa en Hunze het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden tegen het tuinhuis op het perceel [locatie] in Rolde (hierna: het perceel) afgewezen. Het gaat in deze zaak om het tuinhuis bij de woning van [partij] op het perceel [locatie 1] in Rolde. [appellant] woont op [locatie 2]. Op 13 december 2021 heeft [appellant] een verzoek om handhaving ingediend. Volgens [appellant] is het tuinhuis op het perceel op een kunstmatige ophoging van 0,45 m gerealiseerd en daarmee te hoog. Het college heeft het verzoek afgewezen, omdat het tuinhuis volgens het college voldoet aan de vereisten voor vergunningvrij bouwen en geen sprake is van een kunstmatige ophoging van de grond. [appellant] betoogt dat de rechtbank niet heeft onderkend dat het college bij het bepalen van de hoogte van het tuinhuis ten onrechte heeft gemeten vanaf het bestaande, afgewerkte terrein. Volgens [appellant] heeft [partij] het tuinhuis op een fundering van 0,45 m boven peil gebouwd en het terrein rondom het tuinhuis daarna kunstmatig opgehoogd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5474
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202401791/1/R3

202402284/1/R2

Bij besluit van 8 juni 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Etten-Leur aan [appelante] een tijdelijke omgevingsvergunning verleend voor de huisvesting van maximaal zes individuele personen in de woning op het perceel gelegen aan de [locatie] in Etten-Leur. [appelante] is eigenaresse van het perceel en de daarop gelegen woning. Zij wenst dat zes arbeidsmigranten gehuisvest kunnen worden in deze woning. Voor het perceel geldt het bestemmingsplan "Grauwe Polder". Het perceel heeft de bestemming "Wonen-Aaneengesloten". Hier zijn minimaal drie aaneengesloten woningen toegestaan. Onder een "woning" moet volgens artikel 1.69 van de planregels "een gebouw dat dient voor de huisvesting van één huishouden" worden verstaan. Omdat de door [appelante] gewenste huisvesting daarmee in strijd is, heeft zij daarvoor een omgevingsvergunning aangevraagd. Na bezwaren van [partij A] en anderen heeft het college dit besluit op 22 november 2022 in bezwaar herroepen. Het college heeft daarvoor in de plaats een tijdelijke omgevingsvergunning verleend voor de huisvesting van maximaal vier individuele personen in de woning op het perceel.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5420
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202402284/1/R2

202402728/1/R2

Bij besluit van 30 januari 2024 heeft de raad het bestemmingsplan "Herontwikkeling Terpeborch 1, Rosmalen" vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de herontwikkeling van een voormalig kantoorpand aan de Terpeborch in Rosmalen mogelijk. In het pand worden negen appartementen mogelijk gemaakt en in de tuin twee grondgebonden twee-onder-een-kapwoningen. VvE Terpeborch is de vereniging van eigenaren van het appartementengebouw aan de Terpeborch ten zuiden van het plan en [appellant sub 1] is een van de bewoners. [appellanten sub 2] en [appellant sub 3] en anderen zijn allen direct omwonenden van het plangebied. VvE Terpeborch en [appellant sub 1], [appellanten sub 2] en [appellant sub 3] en anderen vrezen dat het plan leidt tot aantasting van hun woon- en leefklimaat. [appellanten sub 2] en [appellant sub 3] en anderen betogen dat het plan niet zorgvuldig is voorbereid, omdat de inspraakprocedure onzorgvuldig is doorlopen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5460
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202402728/1/R2

202402975/1/A2

Bij ongedateerd besluit, verzonden op 19 mei 2023, heeft de raad de voor de toevoeging met kenmerk 1JJ8058 vastgestelde vergoeding aan [appellant] van € 1.532,86 ingetrokken en verrekend met zijn rekening-courant. [appellant] nam deel aan het High Trust-programma van de raad. Uitgangspunt van dit programma is dat de vraag of een zaak toevoegingswaardig is niet langer door de raad naar aanleiding van een toevoegingsaanvraag, maar door de rechtsbijstandverlener voorafgaand aan het indienen van de aanvraag wordt beoordeeld. Afgegeven toevoegingen en vastgestelde vergoedingen worden vervolgens achteraf steekproefsgewijs gecontroleerd. [appellant] heeft rechtsbijstand verleend aan [persoon A] (hierna: rechtzoekende). De raad heeft aan rechtzoekende op 12 mei 2021 een toevoeging verstrekt met kenmerk 1JH9064 en op 30 juli 2021 een toevoeging met kenmerk 1JJ8058. In geschil is of het bij beide toevoegingen gaat om hetzelfde rechtsbelang dan wel belangen die zo nauw met elkaar samenhangen, dat er geen sprake is van een zelfstandig rechtsbelang en of sprake is van diversiteit van procedures als bedoeld in de artikelen 28, eerste lid en onder b, en 32 van de Wet op de rechtsbijstand.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5470
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202402975/1/A2

202403130/1/A2

Bij besluit van 27 juni 2022 heeft de minister geweigerd om private schulden van [appellante] over te nemen. Deze uitspraak gaat over verschoonbaarheid van termijnoverschrijding als bedoeld in artikel 6:11 van de Algemene wet bestuursrecht. Dat artikel luidt: "Ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediend bezwaar- of beroepschrift blijft niet-ontvankelijkverklaring op grond daarvan achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest." [appellante] is een gedupeerde van de toeslagenaffaire. Zij heeft de minister verzocht om schulden over te nemen op grond van de Wet hersteloperatie toeslagen. De minister heeft bij besluit van 27 juni 2022, voor zover relevant, geweigerd om een schuld over te nemen van € 1.200,00 aan Primeline en een schuld van € 2.300,00 aan Qander Consumer Finance. De minister heeft bij besluit van 16 oktober 2023 het op 22 februari 2023 daartegen gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard, omdat dit bezwaar te laat is ingediend. De termijn hiervoor liep tot en met 8 augustus 2022.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5482
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202403130/1/A2

202403264/1/A2

Bij besluiten van 7 oktober 2021 en 8 oktober 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Stichtse Vecht de aanvragen van [appellant] en anderen om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. appellant] en anderen hebben ieder afzonderlijk een aanvraag gedaan om een tegemoetkoming in planschade die zij, in de vorm van waardevermindering van hun woningen, hebben geleden door de inwerkingtreding op 29 juli 2016 van het bestemmingsplan Oud-Zuilen en Op Buuren e.o. Volgens [appellant] en anderen is het op grond van het nieuwe bestemmingsplan toegestaan om hogere bedrijfsbebouwing te realiseren op het perceel dan was toegestaan op grond van het voorheen geldende bestemmingsplan Maarssen-Zuid. De rechtbank is tot de conclusie gekomen dat het college de aanvragen om een tegemoetkoming in planschade terecht heeft afgewezen. Volgens de rechtbank is het geschil in beroep beperkt tot de uitleg van de maximale invulling van de bouwmogelijkheden onder het oude bestemmingsplan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5453
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202403264/1/A2

202403368/1/A3

Bij besluit van 19 juli 2022 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat aan [appellant] een bestuurlijke boete opgelegd van € 2.500,00. [appellant] bezit het motorvrachtschip [naam] met duwbak. Het motorvrachtschip valt in categorie 4 van de Binnenvaartregeling en voldoet aan de standaarduitrusting S2. De minister heeft op 19 juli 2022 een boete aan [appellant] opgelegd wegens overtreding van artikel 2Op het moment van controle bestond de bemanning uit twee schippers en één stuurman. De toezichthouders hebben hieruit geconcludeerd dat er een bemanningstekort was van twee lichtmatrozen. 2, negende lid, van de Binnenvaartwet en de daarop berustende regelgeving. De rechtbank heeft het beroep van [appellant] ongegrond verklaard. Volgens de rechtbank is het aan [appellant] om aan te tonen dat het gaat om een administratieve fout als er een onjuiste exploitatiewijze zou zijn vermeld in het vaartijdenboek. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat hij onvoldoende heeft aangetoond dat hij feitelijk A1 voer en dat er sprake was van een administratieve fout in het vaartijdenboek.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:5495
Datum uitspraak
12 november 2025
  • Hoger beroep
  • Boete
  • uitspraakin de zaak202403368/1/A3
vorige pagina1...213214215...12.376volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon