Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 126.893
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202504455/1/R1

Bij besluiten van 17 en 24 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Eijsden-Margraten aan [appellant A] respectievelijk [appellant B] een last onder dwangsom opgelegd wegens permanente bewoning van recreatiewoningen in strijd met het bestemmingsplan op de percelen [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3] in Sint Geertruid. Het college heeft, aan zowel [appellant A] als [appellant B], een last onder dwangsom opgelegd voor het in strijd met het bestemmingsplan gebruiken van recreatiewoningen op de percelen [locatie 1], [locatie 2] en [locatie 3] in Sint Geertruid vanwege permanente bewoning in meerdere wooneenheden. [appellant A] is de eigenaar van de percelen en [appellant B] woont op [locatie 1] in één van de wooneenheden. [appellant A] en haar dochter [appellant B] zijn samen opgekomen tegen de besluiten tot het opleggen van de lasten onder dwangsom door daartegen bezwaar te maken bij het college en vervolgens beroep in te stellen bij de rechtbank. De rechtbank heeft geoordeeld dat met de permanente bewoning sprake is van een overtreding en dat het college terecht een last onder dwangsom heeft opgelegd. [appellant A] en [appellant B] zijn het hier niet mee eens, omdat zij menen dat er zich bijzondere omstandigheden voordoen waardoor van handhaving moest worden afgezien.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5813
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202504455/1/R1

202504490/1/R4

Dama dama heeft bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college op een aanvraag om een omgevingsvergunning voor het tijdelijk plaatsen van een zogeheten tiny house, voor gebruik als bedrijfswoning, op een perceel nabij deZouwendijk 5 in Ameide, gemeente Vijfheerenlanden. Dama dama heeft een omgevingsvergunning aangevraagd voor het tijdelijk plaatsen van een tiny house, voor gebruik als bedrijfswoning, op een perceel nabij de Zouwendijk 5 in Ameide. Het college heeft geweigerd om deze omgevingsvergunning te verlenen, omdat een bedrijfswoning volgens het college in strijd is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan en het college niet bereid is om van het bestemmingsplan af te wijken. De rechtbank heeft deze weigering in stand gelaten, maar wel vastgesteld dat het college niet tijdig op de aanvraag van Dama dama heeft beslist. Dama dama heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak van de rechtbank. Zij vindt onder meer dat de rechtbank bij de beoordeling of de aanvraag in strijd is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan is uitgegaan van de verkeerde (combinatie van) planregels en verbeelding.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5802
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202504490/1/R4

202504509/1/A2

Bij besluit van 24 oktober 2022 (het verkeersbesluit) heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag een geslotenverklaring ingesteld, met uitzondering van fietsers en bromfietsers, door het plaatsen van pollers tussen de wijken Vroondaal Noord 1 en Vroondaal Noord 2 op de kruising Nederhoflaan/Oostmadeweg. Vroondaal is een woonwijk in Den Haag, die deel uitmaakt van het stadsdeel Loosduinen. De wijk bestaat uit vier wijkdelen. Tussen de wijkdelen Vroondaal Noord 1 (Westmadepark) en Vroondaal Noord 2 (Hofstedepark) ligt de kruising Nederhoflaan/Oostmadeweg. Het verkeersbesluit voorziet op deze kruising in een verkeerskundige knip. Deze zaak gaat, onder meer, over de vraag of Bewonersvereniging Vroondaal Westmadepark belanghebbende is bij het verkeersbesluit van 24 oktober 2022. Bewonersvereniging Vroondaal Westmadepark is opgericht op 24 november 2022. Volgens haar statuten heeft zij tot doel de collectieve belangen van de eigenaren en huurders van woningen in het deelgebied Vroondaal Westmadepark in en buiten rechte te behartigen, de goede verstandhouding tussen deze eigenaren en huurders te bevorderen en de leefbaarheid, veiligheid, duurzaamheid en sociale cohesie in het woongebied en de woonwijk Vroondaal als geheel te bevorderen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5810
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202504509/1/A2

202505115/1/A2

Bij besluit van 13 september 2024 heeft de Dienst Toeslagen het kindgebonden budget van [appellante] over 2023 definitief berekend, vastgesteld op nihil en het betaalde voorschot inclusief rente van € 2.487,00 teruggevorderd. De Dienst Toeslagen heeft aan [appellante] voor het jaar 2023 een voorschot kindgebonden budget verleend van € 2.468,00. Bij het vaststellen van het voorschot is de Dienst Toeslagen uitgegaan van een geschat inkomen van € 70.000,00 en een vermogen van nihil. De Dienst Toeslagen heeft op 3 juni 2024 een melding ontvangen vanuit de Basisregistratie Inkomen dat de inspecteur van de Belastingdienst het toetsingsinkomen van [appellante] over 2023 heeft vastgesteld op € 90.444,00 en de rendementsgrondslag op € 235.129,00. Op basis van deze gegevens heeft de Dienst Toeslagen het kindgebonden budget voor het jaar 2023 definitief bepaald op nihil en van [appellante] een bedrag van € 2.487,00 inclusief € 19,00 rente aan teveel ontvangen voorschot teruggevorderd. De Dienst Toeslagen heeft dit besluit in bezwaar gehandhaafd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5796
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Geld
  • uitspraakin de zaak202505115/1/A2

202505449/1/A2

Bij besluit van 6 december 2024 heeft de minister van Financiën het verzoek om schadevergoeding van [appellant] afgewezen. De minister heeft [appellant] laten weten dat zijn persoonsgegevens in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) waren geregistreerd. [appellant] heeft de minister vervolgens verzocht om schadevergoeding vanwege de onrechtmatige FSV-registratie. Hij stelt daardoor materiële en immateriële schade te hebben geleden. De minister heeft het verzoek om schadevergoeding afgewezen. [appellant] heeft met de door hem overgelegde gegevens onvoldoende onderbouwd dat hij schade heeft geleden en hoe hoog die schade is. Ook heeft hij niet aangetoond dat de gestelde schade het gevolg is van de FSV-registratie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5791
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Schadevergoeding
  • uitspraakin de zaak202505449/1/A2

202505709/1/A2

Bij besluit van 1 maart 2024 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen [appellant] verplicht om medewerking te verlenen aan een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid. Bij besluit van 1 maart 2024 heeft het CBR [appellant] verplicht om medewerking te verlenen aan een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid. De beoordeling door het CBR van die feiten en omstandigheden heeft tot de conclusie geleid dat een vermoeden van ongeschiktheid gerechtvaardigd is. Bij het in bezwaar gehandhaafde besluit van 1 maart 2024 heeft het CBR [appellant] verplicht om medewerking te verlenen aan een onderzoek naar zijn rijgeschiktheid. Dit besluit is opgelegd op grond van artikel 23, derde lid, sub b, van de Regeling maatregelen rijvaardigheid en geschiktheid (de Regeling). Ingevolge artikel 25, eerste lid, van de Regeling komen de kosten van het onderzoek voor rekening van [appellant].

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5785
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Wegenverkeerswet
  • uitspraakin de zaak202505709/1/A2

202505725/1/R1

Bij besluit van 21 november 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Medemblik een volgens het college door [appellant] verbeurde dwangsom van € 15.000,00 ingevorderd. Het college heeft bij besluit van 11 augustus 2022, verzonden op diezelfde datum, gelast het huisvesten van arbeidsmigranten op het perceel [locatie] in Wervershoof, te beëindigen en beëindigd te houden, onder aanzegging van een dwangsom van €1.500,00 per week met een maximum van €15.000,00. De begunstigingstermijn van de last is gesteld op acht weken na de verzenddatum. Naar aanleiding van de brief van [appellant] van 6 september 2022 heeft het college op 11 oktober 2022 de begunstigingstermijn verlengd tot en met 1 januari 2023. Het besluit tot oplegging van de dwangsom van 11 augustus 2022 is in rechte onaantastbaar geworden. Het college heeft meermaals geconstateerd dat niet aan de last is voldaan en heeft op 21 november 2023 een besluit tot invordering van de dwangsom genomen. Volgens het college is de volledige dwangsom verbeurd.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5815
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202505725/1/R1

202505942/1/A2

Bij besluit van 27 maart 2025 heeft het college van burgemeesters en wethouders van Delft een aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] woont met zijn partner en kind in een flatwoning op de tweede verdieping. Hij heeft een urgentieverklaring aangevraagd, omdat de huidige woning niet passend is gelet op zijn lichamelijke en psychische klachten. De woning is te klein, waardoor hij wordt beperkt in zijn bewegingsruimte en de woning is alleen bereikbaar door eerst twee trappen op te lopen. Door een zeldzame ziekte die de druk in de hersenen verhoogt, knieproblemen en meerdere medische complicaties bestaat er noodzaak tot verhuizing. In hoger beroep is alleen nog in geschil of het college, in het kader van het toepassen van de hardheidsclausule, nader medisch onderzoek door een onafhankelijke arts had moeten laten doen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5794
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202505942/1/A2

202506063/1/A2

Bij brief van 4 augustus 2023 heeft de Belastingdienst/Toeslagen aan [appellant] laten weten dat zijn persoonsgegevens in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) stonden. De minister van Financiën heeft [appellant] bij brief van 4 augustus 2023 laten weten dat zijn persoonsgegevens in de FSV stonden. In die brief staat vermeld dat [appellant]’ gegevens daarin stonden, omdat het Landelijke Bureau Inning Onderhoudsbijdragen, een overheidsorganisatie, zijn belastinggegevens bij de Belastingdienst had opgevraagd. Verder staat daarin dat wordt onderzocht of de opname van de persoonsgegevens in de FSV gevolgen heeft gehad voor [appellant]. De minister heeft het door [appellant] tegen de brief van 4 augustus 2023 gemaakte bezwaar kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. De brief is geen besluit als bedoeld in artikel 1:3, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht. De brief bevat slechts algemene informatie over de FSV en een feitelijke mededeling dat en waarom de persoonsgegevens daarin waren opgenomen. Deze informatie en mededeling is niet gericht op rechtsgevolg.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5784
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202506063/1/A2

202506150/1/R4

Dama dama heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door het college van burgemeester en wethouders van Vijfheerenlanden. Dama dama heeft op 13 december 2022 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een veldschuur en schuilstal voor schapen op een perceel nabij de Zouwendijk 5 in Ameide, gemeente Vijfheerenlanden. Op 27 maart 2025 heeft Dama dama bij de rechtbank beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op deze aanvraag door het college. De rechtbank heeft zich onbevoegd verklaard om van het beroep kennis te nemen, omdat volgens de rechtbank geen sprake is van een met een besluit gelijk te stellen niet tijdig nemen van een besluit. De rechtbank heeft in dit verband overwogen dat Dama dama de aanvraag van 13 december 2022 met een e-mail van 2 februari 2023 heeft ingetrokken en dat Dama dama zich wat die intrekking betreft niet kan beroepen op dwaling. Dama dama is het hiermee niet eens en heeft daarom hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:5800
Datum uitspraak
30 september 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202506150/1/R4
vorige pagina1...171819...12.690volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon