Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 503
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202104300/1/R2

Bij besluit van 26 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Landerd het verzoek om een in twee fasen verleende omgevingsvergunning voor de activiteiten milieu en bouwen ten behoeve van het oprichten van een varkenshouderij aan de [locatie] in Zeeland (de varkenshouderij) in te trekken of te wijzigen, afgewezen. Deze zaak draait om een verzoek om de eerder verleende omgevingsvergunning van de varkenshouderij in te trekken of te wijzigen. [appellant A] is de exploitant van de varkenshouderij en maakt daarbij gebruik van een combiluchtwasser. Uit een onderzoek van de Wageningen University & Research (WUR) uit 2018 is gebleken dat combiluchtwassers een veel lager geurreductiepercentage hebben dan eerst werd aangenomen. Naar aanleiding van dit onderzoek is de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) gewijzigd. Het geurreductiepercentage van de combiluchtwasser BWL 2009.12.V4 is verlaagd van 85% naar 45% en de bijbehorende geuremissiefactoren zijn verhoogd. Het college is ervan uitgegaan dat op twee adressen in de directe omgeving van de varkenshouderij een geurbelasting zal optreden van meer dan 30 odour units per m3 (Ou/m3) (berekend met het toen geldige model V-stacks 2010). Volgens de verzoekers moet de omgevingsvergunning van de varkenshouderij worden ingetrokken of gewijzigd, omdat deze hoge geurbelasting een ontoelaatbaar milieugevolg is.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4569
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • Vee e.a. dieren
  • uitspraakin de zaak202104300/1/R2
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202104300/1/R2

202200069/1/R4

Bij besluit van 25 november 2021 heeft de raad van de gemeente Nijkerk het bestemmingsplan "[locatie A], Nijkerk" (het plan) vastgesteld. Aan de [locatie A] in Nijkerk bevindt zich een agrarisch bouwperceel dat is opgedeeld in twee delen. Op het voorste gedeelte is een agrarisch bedrijf gevestigd, waaraan in het plan opnieuw een agrarische bestemming is toegekend. [bedrijf] exploiteren een houtzagerij en houthandel op het achterste en zuidelijk gelegen gedeelte van het agrarische bouwperceel. De bedrijfsactiviteiten van de houtzagerij en houthandel vinden plaats in een bestaande schuur van 1.250 m2 en gedeeltelijk op het onbebouwde terrein daarbuiten. Met het plan wordt de houtzagerij en houthandel als zodanig bestemd. [appellant sub 2] woont op de [locatie B] in Nijkerk op ongeveer 220 m ten zuidwesten van het plangebied. Hij ervaart overlast van met name geluid van de houtzagerij en houthandel. [appellante sub 1] exploiteert een houthandel op de [locatie C] in Hoevelaken, die op ongeveer 3 kilometer afstand van het plangebied ligt. Beide beroepen zijn alleen gericht tegen het plandeel met de bestemming "Bedrijf - Niet agrarisch". Volgens [appellant sub 2] en [appellante sub 1] hoort de houtzagerij en houthandel niet thuis in het buitengebied maar op een bedrijventerrein.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4608
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202200069/1/R4
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202200069/1/R4

202203982/1/R4

In deze uitspraak oordeelt de Afdeling bestuursrechtspraak dat het procedeerverbod voor overheden in de Crisis- en herstelwet niet in strijd is met het Verdrag van Aarhus. De staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat verleende omgevingsvergunningen voor een aardwarmte-installatie in Luttelgeest. Tegen die vergunning kwam het college van gedeputeerde staten van Overijssel eerder in beroep bij de rechtbank. Die oordeelde dat het procedeerverbod voor overheden dat is neergelegd in artikel 1.4 van de Crisis- en herstelwet, niet mocht worden toegepast omdat dat in strijd zou zijn met het Verdrag van Aarhus en het zogenoemde 'Varkens in Nood'-arrest van het Hof van Justitie in Luxemburg. Het college van gs was naar het oordeel van de rechtbank wel bevoegd om beroep in te stellen tegen de omgevingsvergunningen. De rechtbank vernietigde de vergunningen en droeg de staatssecretaris op om een nieuw besluit te nemen. De Afdeling bestuursrechtspraak komt in de uitspraak van vandaag tot de conclusie dat het procedeerverbod voor overheden uit de Crisis- en herstelwet niet in strijd is met het Verdrag van Aarhus. Uit dat verdrag volgt niet dat de toegang tot de rechter uitsluitend ziet op toegang tot de bestuursrechter. Het verdrag bepaalt weliswaar dat elke verdragspartij of lidstaat toegang tot een rechterlijke instantie moet waarborgen, maar laat de invulling daarvan verder aan de autonomie van die verdragspartij of lidstaat. Het college van gs kan zich ook wenden tot de civiele rechter en daarmee is naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak effectieve rechtsbescherming gewaarborgd. Ook het 'Varkens in Nood'-arrest en de daaropvolgende uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 14 april 2021 leiden niet tot een ander oordeel. Zowel het arrest als de uitspraak ging over de beperking van het beroepsrecht op grond van artikel 6:13 Awb, niet over het procedeerverbod voor overheden op grond van artikel 1.4 van de Crisis- en herstelwet. Naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak was het college van gedeputeerde staten dus niet bevoegd om bij de rechtbank in beroep te komen tegen de omgevingsvergunningen. De Afdeling bestuursrechtspraak vernietigt de uitspraak van de rechtbank, waarmee de vergunningen voor de aardwarmte-installatie 'herleven' en met deze uitspraak definitief zijn geworden.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4577
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202203982/1/R4
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202203982/1/R4

202301742/1/R1

BACT B.V. heeft op grond van artikel 8:55f, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) beroep ingesteld tegen het uitblijven van de bekendmaking van een volgens haar van rechtswege gegeven omgevingsvergunning voor de verbouw en uitbreiding van een bestaand gebouw op het perceel Mijnsherenweg 8 in De Kwakel. Op 19 augustus 2022 heeft BACT een omgevingsvergunning aangevraagd voor het verbouwen en uitbreiden van het bestaande gebouw aan de Mijnsherenweg 8 in De Kwakel om daarin een datacenter te realiseren. Het gebouw was voorheen in gebruik als distributiecentrum en groothandel. Het perceel heeft in het bestemmingsplan "Landelijk gebied - Glastuinbouwgebied" de bestemming "Bedrijf". Bij brief van 13 oktober 2022 heeft het college aan BACT medegedeeld dat op haar aanvraag de uitgebreide voorbereidingsprocedure van toepassing is en dat de beslistermijn in verband daarmee zes maanden bedraagt. BACT heeft op 30 december 2022 beroep ingesteld bij de rechtbank tegen het volgens haar niet tijdig bekendmaken van een van rechtswege gegeven omgevingsvergunning. De rechtbank heeft dat beroep bij uitspraak van 6 februari 2023 gegrond verklaard en heeft het college opgedragen om de van rechtswege gegeven omgevingsvergunning bekend te maken. Het college is het niet eens met deze uitspraak en heeft hiertegen hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4455
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202301742/1/R1
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202301742/1/R1

202303235/1/R1

Bij besluit van 21 maart 2023 heeft de raad van de gemeente Peel en Maas het bestemmingsplan "Maasbreeseweg 55 te Helden" gewijzigd vastgesteld. Het bestemmingsplan maakt de uitbreiding van het bedrijventerrein van Panningen mogelijk en biedt planologische ruimte voor diverse bedrijvigheid in de milieucategorieën 1, 2 en 3 op het perceel van een voormalige glastuinbouwlocatie met bedrijfswoning. Het plangebied ligt op de hoek van de Maasbreeseweg en Loo in Helden-Panningen, aangrenzend aan de oostzijde van het bestaande bedrijventerrein "Panningen". De locatie van de vroegere bedrijfswoning van het glastuinbouwbedrijf heeft in het plan een woonbestemming gekregen. Het gedeelte van het plangebied dat een bedrijfsbestemming heeft gekregen, heeft drie bouwvlakken. Initiatiefnemer van de herontwikkeling is [gemachtigde A], die haar bouwbedrijf naar het plangebied heeft verplaatst. De op 21 maart 2023 verleende omgevingsvergunning maakt de bouw van haar bedrijfsgebouw op het meest noordelijk gelegen bouwvlak mogelijk. Dit gebouw is inmiddels in gebruik ten behoeve van het bouwbedrijf.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4605
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Limburg
  • uitspraakin de zaak202303235/1/R1

202305040/1/R1

Bij besluit van 1 juni 2023 heeft raad van de gemeente Uithoorn het bestemmingsplan "Parapluplan Datacenters" vastgesteld. In het bestemmingsplan is als strijdig gebruik aangemerkt: het gebruiken van gronden of laten gebruiken van gronden of bebouwing als een datacenter met een oppervlakte van 2.000 m2 en waarvan het elektrisch aansluitvermogen meer dan 5 MVA bedraagt. Het bestemmingsplan geldt voor het gehele grondgebied van de gemeente Uithoorn. BACT is eigenaar van het perceel aan de Mijnsherenweg 8 in de Kwakel. Zij is het niet eens met het bestemmingsplan, omdat zij voornemens is om op dat perceel een datacenter te realiseren. Oudendijk Beheer B.V. was eigenaar van het perceel aan de Mijnsherenweg 4-6 in de Kwakel. Zij is het niet eens met het bestemmingsplan, omdat het volgens haar de gebruiksmogelijkheden van haar perceel beperkt. GTMH heeft het perceel aan de Mijnsherenweg 4-6 van Oudendijk Beheer gekocht en wenst als rechtsopvolger van Oudendijk Beheer het beroep te handhaven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4589
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland
  • uitspraakin de zaak202305040/1/R1

202305275/1/R1

Bij besluit van 4 juli 2023 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat, voor zover in deze zaak van belang, het saneringsplan "Rijkswegen West-Nederland Noord A7, A8, N9, A10" vastgesteld en een aantal geluidproductieplafonds verlaagd. Op grond van artikel 11.19 van de Wet milieubeheer bevinden zich langs rijkswegen referentiepunten waar, voor het geluid van het verkeer op de weg, geluidproductieplafonds gelden. De beheerder van de weg draagt ingevolge artikel 11.20 van de Wet milieubeheer zorg voor naleving van deze geluidproductieplafonds. Met de geluidproductieplafonds worden in de omgeving van de referentiepunten gelegen woningen en andere geluidsgevoelige objecten beschermd tegen geluidsbelasting vanwege de weg. [appellant A] en anderen, [appellant B] en [appellant C] wonen in Zuidoostbeemster, aan weerszijden van het hiervoor genoemde stuk van de A7. Zij ervaren geluidsoverlast van deze rijksweg. Zij vinden de saneringsmaatregel niet toereikend om hun woningen te beschermen tegen geluidsoverlast. Ook vinden zij dat zij te lang zullen moeten wachten op de uitvoering van die maatregel. Bovendien is volgens hen onzeker of het project A7/A8 Amsterdam-Hoorn zal doorgaan.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4568
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • RO - Geluid
  • uitspraakin de zaak202305275/1/R1
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202305275/1/R1

202307578/1/A3

Bij besluit van 5 augustus 2022 heeft de minister van Financiën het verzoek van [appellante] om inzage in haar persoonsgegevens op grond van artikel 15 van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) ingewilligd. De persoonsgegevens van [appellante] stonden in de Fraude Signalering Voorziening (FSV) van de Belastingdienst. De FSV was een applicatie die van 2012 tot en met 27 februari 2020 door de Belastingdienst werd gebruikt met als doel om mogelijke signalen van belastingfraude te registreren. [appellante] heeft verzocht om inzage in haar persoonsgegevens. Verder wil zij weten wat het doel van het gebruik van haar gegevens was, aan wie de gegevens verder zijn verstrekt, wat de herkomst van de gegevens was, hoe lang deze door de Belastingdienst opgeslagen zijn, en wat het belang, de onderliggende logica en de gevolgen van eventuele geautomatiseerde besluitvorming door de Belastingdienst is geweest. [appellante] voert aan dat zij ten onrechte niet alle informatie heeft gekregen over haar registratie in de FSV.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4575
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Hoger beroep
  • Persoonsgegevens
  • uitspraakin de zaak202307578/1/A3

202400949/1/R3

De Afdeling bestuursrechtspraak heeft vier ontgrondingsvergunningen vernietigd die de minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft verleend voor schelpenwinning in de Waddenzee en de Noordzeekustzone. De vergunningen waren in december 2023 verleend voor een periode van drie jaar tot en met 31 december 2025. Het ging in totaal om het winnen van 160.000 m³ schelpen per jaar. Dit aantal te winnen schelpen was onderverdeeld in tien kavels van ieder 16.000 m³. In december 2023 heeft de minister een ontgrondingsvergunning verleend aan Zand & Schelpenwinning Waddenzee (16.000 m³, daarover gaat deze uitspraak), aan Zand- & Grinthandel Van Ouwerkerk (64.000 m³), aan Visserij Rousant (32.000 m³) en aan Testamare Holding (48.000 m³). De Waddenvereniging en Vereniging Natuurmonumenten zijn het niet eens met de vergunningen en kwamen daartegen in beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Zij vinden dat de bedrijven een te grote hoeveelheid schelpen mochten winnen en dat de minister eerst een zogenoemd milieueffectrapport ('mer') had moeten opstellen om te beoordelen of de schelpenwinning belangrijke nadelige gevolgen kan hebben voor het milieu. Volgens de minister zal de schelpenwinning geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu hebben, maar hij erkent wel dat er iets schort aan de onderbouwing ervan. Het zogenoemde mer-beoordelingsbesluit vertoont gebreken en daarom vernietigt de Afdeling bestuursrechtspraak de ontgrondingsvergunningen. Omdat de periode waarvoor de ontgrondingsvergunningen zijn verleend is verstreken op 1 januari 2026, hoeft de minister hierover niet opnieuw te beslissen. Elke drie jaar worden nieuwe ontgrondingsvergunningen verleend voor het winnen van schelpen in de Waddenzee en Noordzeekustzone. Inmiddels zijn nieuwe aanvragen ingediend voor de periode 2026-2028. De bezwaren die de Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten tegen deze nieuwe ontgrondingsvergunningen zullen hebben, zullen dezelfde zijn die zijn aangevoerd in de procedure waarover vandaag uitspraak is gedaan. Daarom hebben de Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten belang bij een inhoudelijke beoordeling van hun bezwaren in deze rechtszaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4484
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Ontgrondingen
  • uitspraakin de zaak202400949/1/R3
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202400949/1/R3

202400950/1/R3

De Afdeling bestuursrechtspraak heeft vier ontgrondingsvergunningen vernietigd die de minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft verleend voor schelpenwinning in de Waddenzee en de Noordzeekustzone. De vergunningen waren in december 2023 verleend voor een periode van drie jaar tot en met 31 december 2025. Het ging in totaal om het winnen van 160.000 m³ schelpen per jaar. Dit aantal te winnen schelpen was onderverdeeld in tien kavels van ieder 16.000 m³. In december 2023 heeft de minister een ontgrondingsvergunning verleend aan Zand & Schelpenwinning Waddenzee (16.000 m³), aan Zand- & Grinthandel Van Ouwerkerk (64.000 m³, daarover gaat deze uitspraak), aan Visserij Rousant (32.000 m³) en aan Testamare Holding (48.000 m³). De Waddenvereniging en Vereniging Natuurmonumenten zijn het niet eens met de vergunningen en kwamen daartegen in beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak. Zij vinden dat de bedrijven een te grote hoeveelheid schelpen mochten winnen en dat de minister eerst een zogenoemd milieueffectrapport ('mer') had moeten opstellen om te beoordelen of de schelpenwinning belangrijke nadelige gevolgen kan hebben voor het milieu. Volgens de minister zal de schelpenwinning geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu hebben, maar hij erkent wel dat er iets schort aan de onderbouwing ervan. Het zogenoemde mer-beoordelingsbesluit vertoont gebreken en daarom vernietigt de Afdeling bestuursrechtspraak de ontgrondingsvergunningen. Omdat de periode waarvoor de ontgrondingsvergunningen zijn verleend is verstreken op 1 januari 2026, hoeft de minister hierover niet opnieuw te beslissen. Elke drie jaar worden nieuwe ontgrondingsvergunningen verleend voor het winnen van schelpen in de Waddenzee en Noordzeekustzone. Inmiddels zijn nieuwe aanvragen ingediend voor de periode 2026-2028. De bezwaren die de Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten tegen deze nieuwe ontgrondingsvergunningen zullen hebben, zullen dezelfde zijn die zijn aangevoerd in de procedure waarover vandaag uitspraak is gedaan. Daarom hebben de Waddenvereniging en de Vereniging Natuurmonumenten belang bij een inhoudelijke beoordeling van hun bezwaren in deze rechtszaak.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:4485
Datum uitspraak
5 augustus 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Ontgrondingen
  • uitspraakin de zaak202400950/1/R3
  • persaankondiging bij de uitspraak in de zaak 202400950/1/R3
vorige pagina12345...51volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon