Geen asielvergunning voor LHBTI uit Cuba

Woensdag 4 juli 2018

De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid mocht drie transgenders uit Cuba een asielvergunning weigeren. Dit blijkt uit drie uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State van vandaag (4 juli 2018).

De vreemdelingen zeggen dat zij niet kunnen terugkeren naar Cuba, omdat zij daar vervolgd zouden worden. Op papier lijkt het alsof Cuba een vooruitstrevend land is, maar in de praktijk is het volgens hen slecht gesteld met de rechten van lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen en transgenders en personen met een intersekse conditie, de zogenoemde LHBTI. De staatssecretaris schat de situatie in Cuba anders in en wil daarom geen asielvergunningen verlenen.

Verbeteringen in LHBTI-situatie in Cuba

In de uitspraken van vandaag volgt de Afdeling bestuursrechtspraak de staatssecretaris. Uit de in deze zaken overgelegde stukken blijkt niet dat de situatie voor LHBTI in Cuba zo slecht is dat zij als groep worden vervolgd. De situatie voor LHBTI is niet eenvoudig, maar is in de afgelopen jaren wel aanzienlijk verbeterd. Zo hebben de autoriteiten de 'gay pride' en een demonstratie voor het homohuwelijk toegestaan en zijn geslachtsveranderende operaties mogelijk. Weliswaar komt uit de stukken ook naar voren dat LHBTI niet altijd door de maatschappij worden geaccepteerd en een makkelijk doelwit zijn voor intolerantie, discriminatie, misbruik en geweld, maar uit de stukken blijkt niet dat de manier waarop de autoriteiten de rechten van LHBTI promoten niet oprecht is. LHBTI kunnen bij overheidsorganen klagen over aanhoudingen door de politie en over andere problemen.

Maatschappelijk en sociaal functioneren

Verder hebben de vreemdelingen bij de staatssecretaris niet aannemelijk gemaakt dat zij zijn aangehouden en boetes hebben gekregen om de enkele reden dat zij tot de groep van LHBTI behoren. Zo bezoekt de politie plekken waar LHBTI samenkomen, omdat die plekken ook bekend staan als zones waar prostitutie bedreven wordt. Er zijn voor LHBTI ook legale clubs waar zij elkaar kunnen ontmoeten. Het is dus niet zo dat de vreemdelingen door discriminatie zo ernstig worden beperkt in hun bestaansmogelijkheden dat zij onmogelijk op maatschappelijk en sociaal gebied kunnen functioneren. Ook de persoonlijke feiten en omstandigheden van de vreemdelingen hoefden voor de staatssecretaris geen aanleiding te zijn om asielvergunningen te verlenen, aldus de Afdeling bestuursrechtspraak.

Volledige tekst van de uitspraken

Lees hier de uitspraken met zaaknummers 201801423/1, 201801023/1 en 201801740/1.