Samenvatting advies wetsvoorstel meer ruimte voor nieuwe scholen

Datum publicatie: woensdag 3 oktober 2018 - Datum advies: maandag 27 februari 2017

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het wetsvoorstel 'meer ruimte voor nieuwe scholen'. Het wetsvoorstel is op 3 oktober 2018 bij de Tweede Kamer ingediend. Daarmee is ook het advies van de Afdeling advisering openbaar geworden.

Inhoud voorstel

Het wetsvoorstel heeft twee doelen. Ten eerste wordt het begrip 'richting' als bepalende factor in de scholenplanning losgelaten. Op dit moment wordt bij het stichten van nieuwe scholen gebruik gemaakt van indirecte metingen die zijn gebaseerd op de godsdienstige of levensbeschouwelijke grondslag (richting). In plaats daarvan wordt in het wetsvoorstel een systeem voorgesteld waarin rechtstreeks bij de ouders naar de belangstelling voor een nieuwe school wordt gevraagd. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van ouderverklaringen of van een marktonderzoek. Een ander doel van het wetsvoorstel is de invoering van een toets aan kwaliteitseisen, waaraan een nieuwe school moet voldoen om voor bekostiging in aanmerking te komen.

Nieuwe manier van scholenplanning

De Grondwet schrijft niet voor dat de scholenplanning op de richting van scholen gebaseerd moet worden. Er bestaan dan ook geen grondwettelijke bezwaren tegen de voorgestelde nieuwe manier van scholenplanning. Wel zullen op dit punt enkele passages in de toelichting over artikel 23 Grondwet moeten worden aangepast. Verder is er, vanwege de maatschappelijke ontwikkelingen, aanleiding om het bestaande stelsel van scholenplanning aan te passen. Hierbij is echter wel noodzakelijk dat voldoende duidelijk is aan welke voorwaarden een nieuw stelsel moet voldoen, en dat de hoofdlijnen van die voorwaarden in de wet worden vastgelegd. In dat licht wijst de Afdeling advisering erop dat de voorgestelde methoden om de interesse in nieuwe initiatieven te meten, in het wetsvoorstel onvoldoende zijn uitgewerkt. Hierdoor kan niet worden beoordeeld of deze methoden voldoende betrouwbare prognoses zullen opleveren, op grond waarvan een werkbare planning van scholen op (middel)lange termijn kan worden gemaakt. Ook kent de voorgestelde nieuwe regeling voor de stichting van scholen een aantal praktische bezwaren. Het gaat daarbij onder meer om de gevolgen voor bestaande scholen, voor gemeenten die moeten zorgen voor passende huisvesting en voor het bekostigd leerlingenvervoer. Het advies is dan ook om de toegevoegde waarde van het wetsvoorstel dragend te motiveren, en het wetsvoorstel anders te heroverwegen.

Toets vooraf op kwaliteitseisen

Daarnaast merkt de Afdeling advisering in het advies op dat het weliswaar toelaatbaar is om enige minimale basiseisen te stellen aan scholen die in aanmerking willen komen voor bekostiging, maar dat deze eisen objectief en technisch van aard moeten zijn, en bovendien noodzakelijk en proportioneel. Dit is bij de eisen die in het wetsvoorstel zijn opgenomen niet in alle gevallen overtuigend aangetoond. Daarnaast ontbreken in de toelichting op het wetsvoorstel gegevens over omvang en ernst van de problemen in verband met (het gebrek aan) kwaliteit van nieuwe scholen. Daarmee is nog niet aannemelijk gemaakt of het introduceren van nieuwe wettelijke maatregelen noodzakelijk is. Om die reden is het advies om het voorstel op dit punt dragend te motiveren en zo nodig nader te bezien. 

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering en het nader rapport van de minister.