Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit beschikbaarheidbijdrage WMG in verband met het vervallen van niet noodzakelijke personele eisen voor spoedeisende hulp.
- Kenmerk
- W13.16.0411/III
- Datum advies
- 18 januari 2017
- Vindplaats
- Staatscourant
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit beschikbaarheidbijdrage WMG in verband met het vervallen van niet noodzakelijke personele eisen voor spoedeisende hulp.
Bij Kabinetsmissive van 14 december 2016, no.2016002218, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende wijziging van het Besluit beschikbaarheidbijdrage WMG in verband met het vervallen van niet noodzakelijke personele eisen voor spoedeisende hulp, met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling geeft U in overweging dienovereenkomstig te besluiten.
Gelet op artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, is de Afdeling van oordeel dat openbaarmaking van dit advies achterwege kan blijven.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W13.16.0411/III
- Niet alleen het vervallen van de personele eis met betrekking tot een SEH-arts, maar ook die met betrekking tot de SEH-verpleegkundige toelichten, en daarbij ingaan op de vraag op grond waarvan op een SEH toch tenminste één SEH-verpleegkundige aanwezig dient te zijn.
Nader rapport (reactie op het advies) van 14 maart 2017
De redactionele opmerking van de Afdeling is verwerkt in de nota van toelichting.
Ik moge U hierbij het ontwerp-besluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport