Ontwerpbesluit digitalisering burgerlijk procesrecht en bestuursprocesrecht.
- Kenmerk
- W03.15.0303/II
- Datum advies
- 7 oktober 2015
- Vindplaats
- Staatscourant 2016, nr. 39513
- Justitie en Veiligheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit houdende regels betreffende de digitale rechtsgang in het burgerlijk en bestuursrecht (Besluit digitalisering burgerlijk procesrecht en bestuursprocesrecht), met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 8 september 2015, no.2015001495, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Veiligheid en Justitie, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende regels betreffende de digitale rechtsgang in het burgerlijk en bestuursrecht (Besluit digitalisering burgerlijk procesrecht en bestuursprocesrecht), met nota van toelichting.
Verschillende wetswijzigingen maken digitaal procederen in civiel- en bestuursrechtelijke zaken in de toekomst mogelijk. (zie noot 1) Het onderhavige besluit (hierna: ontwerpbesluit) stelt enerzijds voorwaarden aan het nieuwe digitale systeem van de rechterlijke instanties en anderzijds stelt het voorwaarden aan de rechtzoekende en diens procesvertegenwoordiger als gebruiker van het digitale systeem.
De Afdeling advisering van de Raad van State adviseert het besluit vast te stellen, maar acht aanpassing van het ontwerpbesluit aangewezen, zodat het gebruik van een noodkanaal bij alle gerechten is verzekerd. Dat onder omstandigheden van een dergelijk noodkanaal gebruik gemaakt moet kunnen worden, maakt naar het oordeel van de Afdeling dat daarin voorzien moet worden.
1. Instellen noodkanaal
Artikel 8 van het ontwerpbesluit bepaalt dat een overschrijding van de indieningstermijn van een bericht niet aan de indiener zal worden toegerekend, als deze het gevolg is van een niet aan hem toerekenbare verstoring van de toegang tot het digitale systeem. (zie noot 2) Een daardoor veroorzaakte overschrijding van de termijn is verschoonbaar als het bericht uiterlijk wordt ingediend op de eerstvolgende dag na de dag waarop de indiener ermee bekend had kunnen zijn dat de verstoring is verholpen. In de consultatie is door diverse instanties de behoefte geuit om voor bepaalde gevallen een noodkanaal beschikbaar te stellen. Hierbij wordt gedacht aan procedures waar binnen een korte periode proceshandelingen moeten worden verricht, met eventueel vergaande en onomkeerbare gevolgen. In de toelichting wordt de wenselijkheid van een dergelijk noodkanaal in uitzonderingssituaties onderschreven. (zie noot 3) Het noodkanaal kan volgens de toelichting worden geïntegreerd in de huidige piketvoorzieningen. Rechterlijke instanties kunnen hierover bij (proces)reglement nadere regels opstellen.
De Afdeling onderschrijft de noodzaak van een noodkanaal voor situaties waar binnen een korte tijd proceshandelingen moeten worden verricht met eventueel vergaande of onomkeerbare gevolgen. Weliswaar kan via de procesreglementen in een noodkanaal worden voorzien, maar daarmee is het bestaan van een noodkanaal bij alle gerechten niet verzekerd. Dat onder omstandigheden van een dergelijk noodkanaal gebruik gemaakt moet kunnen worden, maakt naar het oordeel van de Afdeling dat daarin voorzien moet worden. De Afdeling adviseert daarom de instelling van een noodkanaal bij alle gerechten te verzekeren en het besluit daarop aan te passen.
Gelet hierop adviseert de Afdeling het ontwerpbesluit op dit punt aan te passen.
2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W03.15.0303/II
- In de toelichting wordt ten onrechte vermeld dat er een Privacy Impact Assessment (PIA) is opgesteld. (zie noot 4) Het door de Raad voor de Rechtspraak opgestelde Privacykader Digitaal Procederen in het Civiele en Bestuursrecht (KEI), gedateerd 16 april 2015, is een beschrijving van het kader voor mogelijke inbreuken op de privacy en geen PIA.
Nader rapport (reactie op het advies) van 12 juli 2016
Het ontwerp geeft de Afdeling advisering aanleiding tot het maken van de volgende opmerkingen.
1. Noodkanaal
Zoals de Afdeling terecht opmerkt, is een noodkanaal van essentieel belang voor partijen om met de rechter te communiceren, indien een storing zich voordoet. Het is aan de rechterlijke instanties om een dergelijk noodkanaal in te richten. Dit noodkanaal zal vergelijkbaar werken als de huidige piketregeling, waardoor buiten kantooruren om een partij met spoed kan communiceren met de rechter. In overeenstemming met het advies van de Afdeling is in de nota van toelichting duidelijker verwoord dat bij procesreglement een noodkanaal geregeld zal worden. Het is niet noodzakelijk om in het ontwerpbesluit een bepaling op te nemen die ziet op het instellen van een noodkanaal, aangezien de systematiek van de wetsvoorstellen inzake eenvoudig en digitaal procederen en het ontwerpbesluit uitgaan van het nader uitwerken van de wet- en regelgeving bij procesreglement. Het procesreglement is een landelijk reglement, zodat de zorg van de Afdeling dat niet bij alle gerechten een noodkanaal verzekerd is, niet gerechtvaardigd is. De huidige piketregeling bestaat eveneens al bij alle gerechten. De procesreglementen worden in overleg met ketenpartijen van de rechterlijke instanties opgesteld en kunnen naar aanleiding van ervaringen in de praktijk eenvoudig aangepast worden, indien nodig.
2. Redactionele bijlage
Met de redactionele opmerkingen van de Afdeling is rekening gehouden. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om ook nog enkele andere technische aanpassingen te doen.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Veiligheid en Justitie
(1) De Wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Algemene wet bestuursrecht in verband met vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht (EK 2014-15 34 059, A), de Wet tot wijziging van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering in verband met vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht in hoger beroep en cassatie (EK 2014-15 34 138, A) en de Wet tot aanpassing van de wetgeving aan en invoering van de Wet vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht en van de Wet vereenvoudiging en digitalisering van het procesrecht in hoger beroep en cassatie (Kamerstukken II 2014-15 34 212, nr. 2) zijn hiertoe momenteel aanhangig bij de Eerste respectievelijk de Tweede Kamer.
(2) Artikel 8 van het ontwerpbesluit luidt: Indien op de laatste dag van een voor de indiener geldende termijn voor indiening van een bericht een niet aan hem toerekenbare verstoring plaatsvindt van de toegang tot een digitaal systeem voor gegevensverwerking van de rechterlijke instanties, is een daardoor veroorzaakte overschrijding van die termijn verschoonbaar indien het bericht uiterlijk wordt ingediend op de eerstvolgende dag na de dag waarop de indiener ermee bekend had kunnen zijn dat de verstoring is verholpen. Artikel 1, eerste lid, van de Algemene termijnenwet is van overeenkomstige toepassing op deze eerstvolgende dag.
(3) Artikelsgewijze toelichting artikel 8.
(4) Algemeen deel van de toelichting, onder 3.