Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W02.16.0047/II/K

Goedkeuring van het voornemen tot opzegging van het op 8 april 1979 te Wenen tot stand gekomen Statuut van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling, met memorie van toelichting.

Kenmerk
W02.16.0047/II/K
Datum advies
7 april 2016
Vindplaats
Kamerstukken II 2015/2016, 34 473 (R2069), nr. 4
  • Buitenlandse zaken
  • Verdrag

Toon inhoud

  • Samenvatting
  • Volledige tekst
Samenvatting

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het rijkswetsvoorstel tot opzegging van het lidmaatschap van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling. Het wetsvoorstel is op 12 mei 2016 bij de Tweede Kamer ingediend. Daarmee is ook het advies van de Afdeling advisering openbaar geworden.

Achtergrond

Met het wetsvoorstel vraagt de regering goedkeuring aan het parlement om het lidmaatschap van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling (UNIDO) op te zeggen. Ook in 2012 heeft de regering dit al voorgesteld, omdat zij van mening was dat UNIDO onvoldoende presteerde. De Eerste Kamer was daarvan niet overtuigd en gaf geen steun aan het wetsvoorstel, waarop het werd ingetrokken.
In juni 2015 heeft de regering de prestaties van 31 multilaterale organisaties in kaart gebracht. Daarin constateert de regering dat de effectiviteit van UNIDO onvoldoende is, dat het mandaat van UNIDO onvoldoende aansluit bij de Nederlandse beleidsprioriteiten en dat UNIDO geen belangrijke schakel vormt in het mondiale ontwikkelingssysteem. Daarop heeft de regering opnieuw een wetsvoorstel gemaakt tot opzegging van UNIDO.
De Afdeling advisering vindt dat de motivering van dit wetsvoorstel op de volgende punten moet worden versterkt.

Reputatie van Nederland

De regering heeft eerder erkend dat Nederland een reputatie en traditie heeft als een solide en kritische partner in multilaterale samenwerking. Daarom moet de beslissing om het lidmaatschap van een VN-organisatie op te zeggen zorgvuldig worden genomen. De regering heeft niet uiteengezet wat Nederland intussen heeft gedaan om het functioneren van UNIDO te verbeteren of om haar doelen beter te laten aansluiten bij de Nederlandse beleidsdoelen.

Europese samenwerking

De Europese Unie en haar lidstaten zijn verplicht hun beleid voor ontwikkelingssamenwerking te coördineren. Deze verplichting is mede op aandringen van de Nederlandse regering in de EU-verdragen opgenomen. De regering heeft de opzegging van het lidmaatschap van UNIDO echter nog niet aan de orde gesteld binnen de EU. De meeste EU-lidstaten zijn lid van UNIDO en de EU is een grote donor van UNIDO, die tevreden is over de resultaten van UNIDO. Ook daarom is afstemming in Europa belangrijk.

Cijfers

De toelichting meldt dat sinds 1992 tien lidstaten het lidmaatschap van UNIDO hebben opgezegd. Niet vermeld wordt dat in die periode elf staten zijn toegetreden.

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering en het nader rapport van de minister van Buitenlandse Zaken.

Volledige tekst

Voorstel van rijkswet tot goedkeuring van het voornemen tot opzegging van het op 8 april 1979 te Wenen tot stand gekomen Statuut van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling, met memorie van toelichting.

Van dit advies is een samenvatting gemaakt.

Bij Kabinetsmissive van 9 maart 2016, no.2016000435, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, bij de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van rijkswet tot goedkeuring van het voornemen tot opzegging van het op 8 april 1979 te Wenen tot stand gekomen Statuut van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling, met memorie van toelichting.

Met het voorstel wordt goedkeuring gevraagd aan de Staten-Generaal om het lidmaatschap van de Organisatie van de Verenigde Naties voor Industriële Ontwikkeling (UNIDO) op te zeggen.

De Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk adviseert de wetgevingsprocedure voort te zetten, maar heeft opmerkingen over de motivering van het voorstel.

1. Motivering van de opzegging
Ook in 2012 heeft de regering voorgesteld het lidmaatschap van UNIDO op te zeggen. In haar advies over dat voorstel oordeelde de Afdeling advisering dat er geen sluitende motivering werd gegeven voor een zo ingrijpende stap als het beëindigen van het lidmaatschap van een gespecialiseerde organisatie van de Verenigde Naties. (zie noot 1) Het voorstel is destijds ingediend bij de Tweede Kamer en door die Kamer aanvaard, maar daarna ingetrokken, omdat er te weinig steun voor bleek te zijn in de Eerste Kamer. De Eerste Kamer vond dat onvoldoende was onderbouwd dat UNIDO onvoldoende presteerde. (zie noot 2)

In juni 2015 heeft de regering de prestaties van 31 multilaterale organisaties in kaart gebracht. (zie noot 3) Daarin constateert de regering dat de effectiviteit van UNIDO onvoldoende is, dat het mandaat van UNIDO onvoldoende aansluit bij de Nederlandse beleidsprioriteiten, dat UNIDO onvoldoende relevant is voor een breder Nederlands beleidsbelang en dat UNIDO geen belangrijke schakel vormt in het mondiale ontwikkelingssysteem. (zie noot 4)

Opzeggingen en nieuwe toetredingen
De toelichting meldt dat sinds 1992 tien lidstaten het lidmaatschap van UNIDO hebben opgezegd; in chronologische volgorde: Canada, de Verenigde Staten, Australië, het Verenigd Koninkrijk, Litouwen, Nieuw-Zeeland, Frankrijk, Portugal en België. Eind 2015 is het Statuut opgezegd door Denemarken en Griekenland. Onvermeld blijft dat sinds 1992 elf staten, waaronder twee lidstaten van de Europese Unie, zijn toegetreden. (zie noot 5) Na de effectuering van de opzegging van Denemarken en Griekenland, eind 2016, zal UNIDO 170 lidstaten hebben.

De multilaterale reputatie en traditie van Nederland
Bij het eerdere voorstel tot opzegging van het lidmaatschap heeft de regering desgevraagd onderkend dat Nederland een multilaterale reputatie en traditie heeft. Die reputatie en traditie betekenen dat een besluit over terugtrekking uit een (VN-) organisatie met zorgvuldigheid moet worden genomen. Het zijn juist deze reputatie en traditie die van Nederland een solide en kritische multilaterale partner maken, zo stelde de regering toen. (zie noot 6) Uit de toelichting blijkt niet dat dit aspect nu is meegewogen.

In de toelichting wordt evenmin uiteengezet wat Nederland, alvorens in te zetten op het ingrijpende middel van opzegging, heeft gedaan om - al dan niet in EU-verband - het functioneren van UNIDO te verbeteren of om haar doelen beter te laten aansluiten bij de Nederlandse beleidsdoelen. Evenmin wordt aangegeven of geprobeerd is UNIDO te reorganiseren of op te laten gaan in een andere VN-organisatie, zoals het United Nations Development Programme (UNDP).

Samenwerking binnen de Europese Unie
Het EU-Werkingsverdrag bepaalt dat de Europese Unie en haar lidstaten hun ontwikkelingssamenwerkingsbeleid coördineren. Zij plegen overleg over hun hulpprogramma’s, ook in internationale organisaties. (zie noot 7) Deze bepaling is in de Europese verdragen opgenomen bij het Verdrag van Maastricht, dat onder Nederlands voorzitterschap tot stand is gekomen. (zie noot 8) De Nederlandse regering heeft zich destijds, naar eigen zeggen, sterk beijverd voor de totstandkoming van een artikel met deze strekking. Zij wilde daarmee een rechtsbasis geven aan het bestaande EG-beleid inzake ontwikkelingssamenwerking en tevens voorwaarden scheppen voor verdere uitbouw van het communautair ontwikkelingssamenwerkingsbeleid. (zie noot 9)
Ook na het vertrek van Denemarken en Griekenland zijn 19 EU-lidstaten (Nederland meegerekend) lid van UNIDO. Bovendien is volgens de toelichting de EU een grote donor van UNIDO. (zie noot 10) De EU en UNIDO hebben recent nog afgesproken hun samenwerking te koesteren nu deze volgens de Europese Commissie tastbare resultaten blijft opleveren. (zie noot 11)

Volgens de toelichting zal het voornemen tot opzegging worden gemeld in de Europese raadswerkgroep voor VN-aangelegenheden. (zie noot 12) Deze passage lijkt erop te wijzen dat het functioneren van UNIDO en de consequenties die Nederland overweegt daaraan te verbinden niet al eerder in de genoemde werkgroep aan de orde zijn gesteld. De Afdeling merkt op dat het zonder overleg opzeggen van het lidmaatschap afbreuk kan doen aan de ook door Nederland voorgestane samenwerking in EU-verband.

In het licht van het bovenstaande acht de Afdeling het van belang dat wordt uiteengezet hoe de voorgenomen opzegging zich verhoudt tot de Europese samenwerking. In het bijzonder zou in de toelichting ingegaan moeten worden op de invloed die de opzegging heeft op het - door het EU-Werkingsverdrag verplicht gestelde - gecoördineerde ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van de lidstaten in het verband van de Europese Unie en het feit dat in EU-verband ook de participatie en opstelling in internationale organisaties wordt gecoördineerd.

Conclusie
De Afdeling adviseert in de toelichting niet alleen te melden welke lidstaten sinds 1992 het Statuut van UNIDO hebben opgezegd, maar ook de nieuwe aanmeldingen te noemen. Voorts adviseert zij nader in te gaan op de vraag wat de opzegging van het lidmaatschap van een multilaterale organisatie betekent voor de multilaterale reputatie en traditie van Nederland en wat Nederland mede in dat licht bezien heeft gedaan om het functioneren van UNIDO te verbeteren dan wel UNIDO te reorganiseren. Ten slotte adviseert zij in te gaan op de invloed die de opzegging heeft op het gecoördineerde ontwikkelingssamenwerkingsbeleid van de Europese Unie.

2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.

De Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk geeft U in overweging het voorstel van rijkswet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, aan de Staten van Aruba, aan die van Curaçao en aan die van Sint Maarten, nadat aan het vorenstaande aandacht zal zijn geschonken.

De vice-president van de Raad van State van het Koninkrijk


Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk betreffende no.W02.16.0047/II

- In de considerans "alvorens het Koninkrijk daaraan kan worden gebonden" wijzigen in: alvorens tot opzegging van het Statuut kan worden overgegaan.
- In de bijlage Tsjechoslowakije en Antigua en Barbuda schrappen, Kiribati toevoegen.


Nader rapport (reactie op het advies) van 4 mei 2016

1. Motivering van opzegging
Gelet op het advies van de Afdeling advisering, beschreven onder het kopje "Conclusie", is paragraaf V van de Memorie van toelichting aangevuld met de sub-paragrafen V.1 en V.2.
Verder is in paragraaf VI van de Memorie ook een verwijzing opgenomen naar de lidstaten die sinds het begin van 1992 zijn toegetreden tot het Statuut van UNIDO.

2. Redactionele bijlage
Aan de redactionele kanttekening van de Afdeling is gevolg gegeven.

Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om artikel 1 van het voorstel van rijkswet aan te vullen met een correctie.

Ik moge U, mede namens de Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, verzoeken het hierbij gevoegde gewijzigde voorstel van rijkswet en de gewijzigde Memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, de Staten van Aruba, de Staten van Curaçao en de Staten van Sint Maarten te zenden.

De Minister van Buitenlandse Zaken


(1) Kamerstukken Staten-Generaal, 2012/13, 33 446 (R1992), B/nr. 2, punt 1.
(2) Toelichting, paragraaf 1 (Inleiding). Handelingen I 2013/14, nr. 7, blz. 11-18, 43-44. Kamerstukken II 2013/14, 33 625, nr. 12; Kamerstukken I 33 625, 2013/14, G.
(3) Kamerstukken II 2014/15, 33 625, 170 en bijlagen.
(4) Toelichting, paragraaf II.2 (Effectiviteit UNIDO) en II.3 (Relevantie UNIDO).
(5) De elf staten zijn Slovenië (1992), Slowakije (1993), Servië (2000), Zuid-Afrika (2000), Monaco (2003), Oost-Timor (2003), Montenegro (2006), Samoa (2008), Tuvalu (2011), de Marshalleilanden (2015) en Kiribati (2016).
(6) Kamerstukken II 2012/13, 33 446 (R1992), nr. 8, blz. 6. Handelingen I 2013/14, nr. 7, blz. 43.
(7) Artikel 210 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie.
(8) Verdrag betreffende de Europese Unie, met Protocollen, Maastricht, 7 februari 1992, Trb. 1992, 74.
(9) Kamerstukken II 1991/92, 22 647 (R 1437), nr. 3, blz. 61-63. Het was toen genummerd als artikel 130 X.
(10) Toelichting, paragraaf IV (Gevolgen van de opzegging).
(11) Jaarverslag 2013 over "EU’s development and external assistance policies", blz. 48.
(12) Toelichting, paragraaf III (Opzegging Statuut UNIDO).


Gehele tekst ontwerpregeling met toelichting (pdf, 111 kB)


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon