Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft, het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector en het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten, ter implementatie van richtlijn nr. 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012, van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2014, L 173), richtlijn nr. 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en de uitoefening van het verzekerings- en herverzekeringsbedrijf (PbEU 2009, L 335), alsmede ter implementatie van gedelegeerde verordening (EU) nr. 2015/63 van de Commissie van 21 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van wat de vooraf te betalen bijdragen aan afwikkelingsfinancieringsregelingen betreft (PbEU 2015, L 11), met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W06.15.0352/III
- Datum advies
- 6 november 2015
- Vindplaats
- Staatscourant 2015, nr. 42928
- Financiën
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft, het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector en het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten, ter implementatie van richtlijn nr. 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012, van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2014, L 173), richtlijn nr. 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en de uitoefening van het verzekerings- en herverzekeringsbedrijf (PbEU 2009, L 335), alsmede ter implementatie van gedelegeerde verordening (EU) nr. 2015/63 van de Commissie van 21 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van wat de vooraf te betalen bijdragen aan afwikkelingsfinancieringsregelingen betreft (PbEU 2015, L 11), met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 6 oktober 2015, no.2015001733, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Financiën, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit prudentiële regels Wft, het Besluit bijzondere prudentiële maatregelen, beleggerscompensatie en depositogarantie Wft, het Besluit bestuurlijke boetes financiële sector en het Besluit uitvoering EU-verordeningen financiële markten, ter implementatie van richtlijn nr. 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012, van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2014, L 173), richtlijn nr. 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en de uitoefening van het verzekerings- en herverzekeringsbedrijf (PbEU 2009, L 335), alsmede ter implementatie van gedelegeerde verordening (EU) nr. 2015/63 van de Commissie van 21 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van wat de vooraf te betalen bijdragen aan afwikkelingsfinancieringsregelingen betreft (PbEU 2015, L 11), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit stelt regels bij de Implementatiewet Europees kader voor herstel en afwikkeling van banken en beleggingsondernemingen. (zie noot 1)
De Afdeling advisering van de Raad van State adviseert het besluit vast te stellen, maar acht aanpassing van het ontwerpbesluit aangewezen, nu in het ontwerpbesluit een regeling voor overbruggingsinstellingen voor verzekeraars is opgenomen, welke niet strekt tot implementatie van de Europese regels inzake herstel en afwikkeling van banken en beleggingsinstellingen, (zie noot 2) en die afwijkt van de regeling die zal gelden voor banken en beleggingsinstellingen.
1. Overbruggingsinstellingen voor verzekeraars
Uitgangspunt bij de implementatie van Europese regels in de Nederlandse wetgeving is, dat in de implementatieregeling geen andere regels worden opgenomen dan voor de implementatie noodzakelijk zijn. (zie noot 3) De achtergrond hiervan is om, gelet op de noodzaak van tijdige implementatie, onnodige redenen voor vertragingen te voorkomen. (zie noot 4) In dit geval is de implementatietermijn voor de Europese regels inzake herstel en afwikkeling voor banken en beleggingsinstellingen op 1 januari 2015 verstreken. Daar komt bij dat de Europese Commissie onlangs dienaangaande een procedure bij het Hof van Justitie is gestart.
De Afdeling merkt op dat de voorgestelde regeling inzake overbruggingsinstellingen voor verzekeraars niet voortvloeit uit de thans te implementeren Europese regels inzake herstel en afwikkeling. Die zien alleen op banken en beleggingsinstellingen. De voorgestelde regeling voor verzekeraars is gebaseerd op het reeds bestaande artikel 3:159t van de Wet op het financieel toezicht (Wft). De verwijzing in de considerans naar richtlijn nr. 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en de uitoefening van het verzekerings- en herverzekeringsbedrijf (PbEU 2009, L 335) doet hieraan niet af, nu die richtlijn reeds bij eerdere gelegenheid is geïmplementeerd, en de introductie van overbruggingsinstellingen in die richtlijn niet is geregeld.
In het licht van het voorgaande adviseert de Afdeling twee besluiten te nemen: één dat zich beperkt tot de implementatie van de Europese regels in het kader van de Implementatiewet Europees kader voor herstel en afwikkeling van banken en beleggingsondernemingen, en één gebaseerd op artikel 3:159t Wft met betrekking tot overbruggingsinstellingen voor verzekeraars. Hierbij merkt de Afdeling op dat, als de inhoud van de ontwerpbesluiten na splitsing niet wezenlijk wijzigt, deze niet opnieuw aan de Afdeling behoeven te worden voorgelegd. Voorts is de Afdeling van mening dat een nieuwe voorhang als bedoeld in art. 3:159t, tweede lid, Wft, in dat geval evenmin behoeft te geschieden.
2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W06.15.0352/III
- In het in artikel I, onderdeel B, voorgestelde artikel 23d, derde lid, Besluit prudentiële regels Wft na "wanneer" invoegen: zich.
Nader rapport (reactie op het advies) van 13 november 2015
1. Naar aanleiding van de opmerkingen van de Afdeling over het karakter van de regeling inzake overbruggingsinstellingen voor de afwikkeling van verzekeraars, is in het opschrift, de considerans en de nota van toelichting de verwijzing naar richtlijn nr. 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en de uitoefening van het verzekerings- en herverzekeringsbedrijf (PbEU 2009, L 335) (richtlijn Solvabiliteit II) verwijderd. Het uitgangspunt om bij de implementatie van Europese regelgeving geen andere regels in een ontwerpregeling op te nemen dan voor de implementatie noodzakelijk is, wordt onderschreven. Voor de regeling van overbrugging bij de afwikkeling van verzekeraars is inhoudelijk bij de implementatieregeling voor banken aangesloten. De regeling is uitgewerkt in dezelfde ontwerpbepalingen voor telkens zowel banken als verzekeraars. Om die redenen is besloten van een splitsing van het ontwerpbesluit af te zien.
2. De redactionele opmerking van de Afdeling is opgevolgd.
3. Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om in het besluit en de nota van toelichting nog enige redactionele verbeteringen aan te brengen. Daarnaast is de toepassing van de regeling op grond van de gedelegeerde verordening (zie noot 5) tot het opleggen van een dagelijkse boeterente bij het niet tijdig voldoen van de bijdrage aan het afwikkelingsfonds anders geregeld. Hiertoe wordt afdoende ruimte geboden aan de toezichthouder door rangschikking van overtreding van de betalingsverplichting in boetecategorie 3 in plaats van 1.
Tot slot is voor wat betreft de bijdrage van banken of beleggingsondernemingen met activa tot en met 3 miljard geregeld dat de bijdrage die op basis van de richtlijn herstel en afwikkeling van banken en beleggingsondernemingen in 2015 wordt geheven op eenzelfde wijze wordt berekend als de bijdrage die vanaf 2016 door de SRB wordt berekend. (zie noot 6) Concreet houdt dit in dat over de eerste 300 miljoen aan totale passiva minus eigen vermogen en gedekte deposito’s een forfaitair bedrag wordt betaald van 50.000 euro. Voor het bedrag daarboven geldt de reguliere berekeningsbijdrage.
Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Financiën
(1) Kamerstukken I 2014/15, 34 208, A.
(2) Richtlijn nr. 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de totstandbrenging van een kader voor het herstel en de afwikkeling van kredietinstellingen en beleggingsondernemingen en tot wijziging van Richtlijn 82/891/EEG van de Raad en de Richtlijnen 2001/24/EG, 2002/47/EG, 2004/25/EG, 2005/56/EG, 2007/36/EG, 2011/35/EU, 2012/30/EU en 2013/36/EU en Verordeningen (EU) nr. 1093/2010 en (EU) nr. 648/2012, van het Europees Parlement en de Raad (PbEU 2014, L 173), alsmede ter implementatie van gedelegeerde verordening (EU) nr. 2015/63 van de Commissie van 21 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van wat de vooraf te betalen bijdragen aan afwikkelingsfinancieringsregelingen betreft (PbEU 2015, L 11).
(3) Zie ook aanwijzing 331 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.
(4) Zie de toelichting bij aanwijzing 331 van de Aanwijzingen voor de regelgeving.
(5) Artikel 13, vierde lid, van gedelegeerde verordening (EU) 2015/63 van de Commissie van 21 oktober 2014 tot aanvulling van Richtlijn 2014/59/EU van het Europees Parlement en de Raad van wat de vooraf te betalen bijdragen aan afwikkelingsfinancieringens betreft (PbEU 2015, L 11).
(6) Artikel 8, vijfde lid, van de uitvoeringsverordening (EU) 2015/81 van de Raad van 19 december 2014 tot vaststelling van eenvormige voorwaarden voor de toepassing van Verordening (EU) nr. 806/2014 van het Europees Parlement en de Raad wat vooraf te betalen bijdragen aan het gemeenschappelijk afwikkelingsfonds betreft (PbEU 2015, L 15).