Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W16.26.00154/II

Besluit uitsluiting oproepingsprocedure enkelvoudige kamer.

Kenmerk
W16.26.00154/II
Datum aanhangig
10 juni 2026
Datum vastgesteld
24 juni 2026
Datum advies
24 juni 2026
Datum publicatie
29 juni 2026
Vindplaats
Website Raad van State
  • Justitie en Veiligheid
  • Algemene maatregel van bestuur

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

Bij Kabinetsmissive van 10 juni 2026, no.2026001214, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende bepalingen over de uitsluiting van strafbare feiten van de oproepingsprocedure, bedoeld in artikel 4.5.5, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering (Besluit uitsluiting oproepingsprocedure enkelvoudige kamer), met nota van toelichting.

Het ontwerpbesluit bevat de strafbare feiten waarvoor oproeping bij de kantonrechter door uitreiking van een door een opsporingsambtenaar gedagtekende en ondertekende oproeping niet is toegelaten. De inhoud van het ontwerpbesluit is ongewijzigd overgenomen uit het huidige Besluit uitsluiting oproepingsprocedure, (zie noot 1) behoudens één strafbaar feit. Deze omzetting is gedaan in het kader van het wetgevingsprogramma nieuw Wetboek van Strafvordering. (zie noot 2)

Het uitgangspunt in het nieuwe (en huidige) Wetboek van Strafvordering is dat strafzaken ter berechting worden aangebracht door het indienen en doen betekenen van een procesinleiding door de officier van justitie. (zie noot 3) Hierop is één uitzondering: indien sprake is van ontdekking op heterdaad door een opsporingsambtenaar van een overtreding, kan de strafzaak bij de kantonrechter ter berechting worden aangebracht doordat de opsporingsambtenaar een door hem gedagtekende en ondertekende oproeping uitreikt aan de verdachte. (zie noot 4)

Deze uitzondering geldt alleen niet voor de overtredingen die hiervan bij algemene maatregel van bestuur zijn uitgesloten. (zie noot 5) Volgens artikel 1.1.1 van het ontwerpbesluit zijn dat de overtredingen waarvan geconstateerd is dat de feiten:

  1. niet eenvoudig van aard zijn en waarvan de toedracht niet duidelijk is;
  2. waarbij tegenstrijdige verklaringen zijn afgelegd;
  3. waarbij sprake is van schade, niet zijnde lichte schade; of
  4. waarbij sprake is van letsel, niet zijnde gering letsel.

Het huidige besluit bevat nog een extra feit, te weten de vermoedelijke overtreding van artikel 314 van het Wetboek van Strafrecht (stroperij). (zie noot 6) In de Nota van Toelichting is toegelicht waarom dit onderdeel niet is overgenomen. Over de onderdelen die wel zijn overgenomen in artikel 1.1.1 wordt niets opgemerkt. Om die reden ontbreekt een toelichting over de wijze waarop die onderdelen moeten worden geïnterpreteerd,  wat met deze uitzonderingen is beoogd, en welke overwegingen van de regering hieraan ten grondslag liggen.

In de Nota van Toelichting bij het huidige besluit staat over de opneming van deze feiten slechts dat het hierdoor mogelijk is om bij eenvoudige aanrijding een oproeping uit te reiken. (zie noot 7) Deze toelichting geeft onvoldoende inzicht. Bovendien stamt deze toelichting uit 1997. Daardoor rijst de vraag of ze nog volledig aansluit bij de huidige opvattingen van de regering.

De Afdeling advisering van de Raad van State adviseert de voorgestelde inhoud van artikel 1.1.1 nader toe te lichten en zo nodig aan te passen.

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een opmerking bij het ontwerpbesluit en adviseert daarmee rekening te houden voordat een besluit wordt genomen.

De vice-president van de Raad van State

Voetnoten

(1) Stb. 1997, 412.
(2) Stb. 2026, 56 en 57.
(3) Artikelen 4.1.1, eerste lid, en 4.5.4, eerste lid, nieuw Wetboek van Strafvordering (nieuw Sv). In het huidige Wetboek van Strafvordering (huidig Sv) is dit eveneens het uitgangspunt, maar is sprake van een dagvaarding in plaats van een procesinleiding, zie artikel 258 huidig Sv.
(4) Artikel 4.5.5, eerste lid, nieuw Sv; artikel 385, eerste lid, huidig Sv.
(5) Artikel 4.5.5, tweede lid, nieuw Sv; artikel 384, eerste lid, huidig Sv.
(6) Artikel 1, onderdeel a, Besluit uitsluiting oproepingsprocedure, Stb. 1997, 412.
(7) Nota van Toelichting, punt 3, Stb. 1997, 412.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon