Terug- en Overnameovereenkomst Belize.
- Kenmerk
- W02.26.00036/II/K
- Datum aanhangig
- 22 januari 2026
- Datum vastgesteld
- 4 maart 2026
- Datum advies
- 4 maart 2026
- Datum publicatie
- 9 maart 2026
- Vindplaats
- Website Raad van State
- Buitenlandse zaken
- Verdrag
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 22 januari 2026, no.2026000103, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk ter overweging aanhangig gemaakt de overeenkomst tussen de Benelux-staten en Belize inzake de terug- en overname van personen die onregelmatig op het grondgebied verblijven (terug- en overnameovereenkomst), met toelichtende nota.
In het terug- en overnameverdrag worden afspraken gemaakt tussen de Benelux-staten en Belize over de terug- en overname van eigen onderdanen en onder bepaalde voorwaarden ook de onderdanen van andere staten. Daarmee wordt beoogd de procedures voor het vaststellen van de identiteit en nationaliteit van personen zonder geldig verblijfsrecht te verkorten en hun terugkeer te bevorderen. De Benelux-staten hebben op dit moment al met meer dan twintig staten een dergelijk terug- en overnameverdrag gesloten. “(zie noot 1)”
Met het terug- en overnameverdrag wordt onder meer geregeld in welke situaties één van de staten in moet stemmen met de overname van een onderdaan van een derde staat of staatloze persoon. Dat is bijvoorbeeld het geval als die persoon beschikt over een geldige verblijfsvergunning in de staat waaraan het verzoek tot overname wordt gedaan (de zogenoemde aangezochte staat). “(zie noot 2)”
In het verdrag wordt daarnaast geregeld dat er sprake is van een verplichting tot overname indien een persoon het grondgebied van de verzoekende staat is binnengekomen nadat hij het grondgebied van de aangezochte staat is doorgereisd of aldaar heeft verbleven. “(zie noot 3)” Deze grond voor overname is niet opgenomen in andere recent gesloten terug- en overnameverdragen en geeft de aangezochte staat een verplichting om een aanvullende groep vreemdelingen over te nemen.
In de toelichtende nota bij het terug- en overnameverdrag wordt niet op deze grond voor overname ingegaan. Omdat de overnameplicht ten aanzien van onderdanen van derde staten of staatloze personen echter op meerdere manieren kan worden geïnterpreteerd, rijst de vraag naar de beoogde reikwijdte. Het is onduidelijk of overname al verplicht is indien iemand ooit op het grondgebied van de aangezochte lidstaat heeft verbleven, of wordt beoogd overname alleen te verplichten indien iemand direct is doorgereisd van het grondgebied van de aangezochte staat naar de verzoekende staat. Gelet op de gevolgen voor de omvang van de overnameplicht is het wenselijk dat de toelichting hier aandacht aan besteedt.
De Afdeling adviseert in de toelichting in te gaan op de reikwijdte van de overnameplicht van onderdanen van andere staten en staatloze personen die het grondgebied van de verzoekende staat zijn binnengekomen nadat zij het grondgebied van de aangezochte staat zijn doorgereisd of aldaar hebben verbleven.
De Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk heeft een opmerking bij het verdrag en adviseert daarmee rekening te houden voordat het verdrag aan de beide Kamers der Staten-Generaal, de Staten van Aruba, die van Curaçao en die van Sint Maarten wordt overgelegd.
De vice-president van de Raad van State van het Koninkrijk
Voetnoten
(1) De Benelux-staten hebben een terug- en overnameverdrag gesloten met Albanië, Armenië, Bosnië-Herzegovina, Bulgarije, Duitsland, Estland, Frankrijk, Hongarije, Kazachstan, Kirgizië, Kosovo, Kroatië, Letland, Litouwen, Mongolië, Noord-Macedonië, Oostenrijk, Roemenië, Servië, Slovenië, Slowakije, Suriname en Zwitserland.
(2) Zie artikel 3, lid 1, onder 1, van het terug- en overnameverdrag met Belize.
(3) Zie artikel 3, lid 1, onder 4, van het terug- en overnameverdrag met Belize.