Wijziging van het Besluit landelijk register kinderopvang, register buitenlandse kinderopvang en personenregister kinderopvang.
- Kenmerk
- W12.25.00003/III
- Datum aanhangig
- 9 januari 2025
- Datum vastgesteld
- 12 februari 2025
- Datum advies
- 12 februari 2025
- Datum publicatie
- 17 februari 2025
- Vindplaats
- Staatscourant 2025, nr. 43790
- Sociale zaken en Werkgelegenheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 9 januari 2025, no.2025000019, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit kwaliteit kinderopvang in verband met het verhogen van de kwaliteit van de gastouderopvang, tot wijziging van het Besluit landelijk register kinderopvang, register buitenlandse kinderopvang en personenregister kinderopvang in verband met het afschermen van het woonadres van vraagouders in het landelijk register kinderopvang en tot intrekking van het Besluit kwaliteit gastouderbureaus, gastouders en voorzieningen voor gastouderopvang, met nota van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het ontwerpbesluit en adviseert het besluit te nemen.
De vice-president van de Raad van State
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het ontwerpbesluit en adviseert het besluit te nemen.
De vice-president van de Raad van State,
Nader rapport (reactie op het advies) van 2 december 2025
Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om verbeteringen van redactionele en (wets)technische aard aan te brengen in het ontwerpbesluit en de nota van toelichting. In dit verband is ook de verwijzing naar een aantal artikelen uit de relevante wet- en regelgeving verbeterd dan wel verduidelijkt. Verder is in de nota van toelichting aangevuld wanneer inwerkingtreding van het besluit beoogd is. Hieronder worden de belangrijkste aanpassingen benoemd.
Voor wat betreft het ontwerpbesluit is allereerst de structuur van artikel 28 aangepast. Die bepaling is ten gevolge van de wijziging nu opgesplitst in twee leden. Daarnaast is de delegatiebepaling in artikel 30a van het ontwerpbesluit aangevuld. In dat artikel miste een bevoegdheid om organisaties te kunnen aanwijzen die belast zijn met de waardering van bewijsstukken voor opleidingen afkomstig van buiten de Europese Economische Ruimte of Zwitserland. Tot slot is in artikel 1 van het Besluit landelijk register kinderopvang, register buitenlandse kinderopvang en personenregister kinderopvang (Besluit registers) de begripsomschrijving van "aantal kindplaatsen" gewijzigd. Deze wijziging is het gevolg van een amendement, (zie noot 1) waarmee de leeftijd van de eigen kinderen van de gastouder die meetellen voor het aantal op te vangen kinderen is gewijzigd van een leeftijd tot 10 jaar naar een leeftijd tot 8 jaar. Ten gevolge daarvan zijn enkele bepalingen van de Wet kinderopvang en het ontwerpbesluit gewijzigd. Per abuis was de aanpassing van artikel 1 van het Besluit registers niet meegenomen. Die onvolkomenheid is met deze wijziging hersteld.
De nota van toelichting is op enkele onderdelen geactualiseerd. Eerder was in paragraaf 2.4 aangegeven dat de regering onderzoek zou doen naar de redenen van uitstroom van gastouders. Dat onderzoek is inmiddels verricht en de nota van toelichting is daarop aangepast. Daarbij is vermeld dat naar aanleiding van dat onderzoek de regering maatregelen heeft aangekondigd om extra daling van het aantal gastouders tegen te gaan en om de instroom van nieuwe gastouders te bevorderen. (zie noot 2) In paragraaf 3.5 was eerst opgenomen dat de regering voornemens was om extra middelen aan het gemeentefonds toe te voegen. Dit onderdeel in de nota van toelichting is ook aangepast, omdat de regering de extra middelen aan het gemeentefonds inmiddels heeft toegevoegd voor het jaar 2026. In paragraaf 4.4 was in reactie op respondenten in de internetconsultatie eerder aangegeven dat de regering een kostprijsonderzoek liet uitvoeren. Ook dat onderzoek is inmiddels verricht. De nota van toelichting is daarop aangepast. Nu is onder andere vermeld dat het kostprijsonderzoek laat zien dat de kostprijs voor het bieden van gastouderopvang hoger ligt dan de maximum uurprijs of het gemiddelde tarief dat gastouders vragen, maar dat de regering geen budgettaire ruimte heeft om de maximum uurprijs voor gastouderopvang extra te verhogen.
Daarnaast is paragraaf 3.6, met betrekking tot de gegevensverwerking, aangevuld. Toegelicht is op welke wijze bij het volgen van de ontwikkeling van het kind sprake kan zijn van verwerking van gevoelige persoonsgegevens. Hierbij is benadrukt dat ouders hiervoor uitdrukkelijke toestemming moeten geven op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming. Paragraaf 2.2.3, subparagraaf b, over het pedagogisch werkplan van de gastouder en het volgen van de ontwikkeling van het kind, is ook aangepast, om die subparagraaf beter in lijn te laten lopen met paragraaf 3.6.
In de artikelsgewijze toelichting bij artikel I, onderdeel G, betreffende artikel 29, tweede lid, onderdeel c, is ten slotte verduidelijkt dat met die bepaling geen inhoudelijke wijziging is bedoeld ten opzichte van het voorheen geldende artikel 14, eerste lid, onderdeel d, van de Regeling kwaliteit gastouderbureaus, gastouders en voorzieningen voor gastouderopvang.
Ik bied U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting aan en verzoek U overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken
en Werkgelegenheid,
Voetnoten
(1) Kamerstukken II 2023/24, 36 513, nr. 9.
(2) Kamerstukken II 2024/25, 31322, nr. 554.