Verzamelbesluit rechtspositie politie 2022.


Volledige tekst

Bij Kabinetsmissive van 21 juni 2022, no.2022001324, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Justitie en Veiligheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot wijziging van onder meer het Besluit algemene rechtspositie politie en Besluit bezoldiging politie in verband met de formalisering van afspraken uit de Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Politie 2021 en ontwikkelingen in de uitvoeringspraktijk alsmede enkele technische wijzigingen (Verzamelbesluit rechtspositie politie 2022), met nota van toelichting.

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het ontwerpbesluit en adviseert het besluit te nemen.

De waarnemend vice-president van de Raad van State

Nader rapport (reactie op het advies) van 25 augustus 2022

Het ontwerp geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen. Van de gelegenheid is gebruikgemaakt nog een enkele wetstechnische wijziging door te voeren en artikel VII (inwerkingtreding) te actualiseren.

Voorts is van de gelegenheid gebruikgemaakt artikel 3a, negende lid, te schrappen, onder vernummering van het tiende lid tot negende lid. Het geschrapte negende lid regelde de situatie waarbij iemand vanuit het maximum bedrag van schaal 4a respectievelijk 5a van bijlage II, naar salarisschaal 6 respectievelijk salarisschaal 8 van bijlage I gaat. Normaal gesproken zou inschaling dan plaatsvinden in salarisregel 2 respectievelijk salarisregel 0. Aangezien dit slechts een marginale verhoging van het salaris zou betekenen, werd in het geschrapte negende lid geregeld dat inschaling in deze situatie zou plaatsvinden in salarisregel 3 van salarisschaal 6 respectievelijk salarisregel 1 van salarisschaal 8. Deze ‘uitzondering’ was nodig om te voorkomen dat het salaris slechts marginaal verhoogd zou worden. Met de nieuwe cao politie 2022-2024 wordt aan de schalen in bijlage I echter € 100,– toegevoegd en aan de schalen in bijlage II niet. Het probleem van de marginale verhoging doet zich dan niet meer voor, waardoor de regeling van het geschrapte negende lid niet meer nodig is.

Ik moge U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.

De Minister van Justitie en Veiligheid