Besluit diergeneesmiddelen 2022.
- Kenmerk
- W11.21.0368/IV
- Datum aanhangig
- 10 december 2021
- Datum vastgesteld
- 26 januari 2022
- Datum advies
- 26 januari 2022
- Datum publicatie
- 10 maart 2022
- Vindplaats
- Staatscourant 2022, nr. 7837
- Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 10 december 2021, no.2021002417, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, na overleg met de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende regels over diergeneesmiddelen en gemedicineerde diervoeders (Besluit diergeneesmiddelen 2022), met nota van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het ontwerpbesluit en adviseert het besluit te nemen.
Gelet op artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, adviseert de Afdeling dit advies openbaar te maken.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 22 februari 2022
Het voorstel geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
Van de gelegenheid is gebruik gemaakt om enkele aanpassingen in het ontwerpbesluit en de nota van toelichting aan te brengen. Artikel 5.3, eerste lid, van het ontwerpbesluit is zodanig gewijzigd dat ook diergeneesmiddelen kunnen worden aangewezen die uitsluitend mogen worden toegepast door andere diergeneeskundigen dan dierenartsen. Hiermee wordt bestaand beleid voortgezet, dat was opgenomen in artikel 2.18, tweede lid, van de Regeling diergeneesmiddelen. In artikel 10.1 van het ontwerpbesluit is overgangsrecht opgenomen met betrekking tot de kanalisatie van diergeneesmiddelen. Dit overgangsrecht is noodzakelijk, aangezien het nog niet mogelijk was diergeneesmiddelen aan te wijzen op grond van de artikelen 5.1, tweede lid, en 5.3, eerste lid, van het ontwerpbesluit. Met het overgangsrecht wordt de bestaande kanalisatie van diergeneesmiddelen voortgezet, zolang de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit nog geen nieuw aanwijzingsbesluit heeft genomen. Daarnaast is overgangsrecht opgenomen in artikel 10.2 van het ontwerpbesluit. Met dit overgangsrecht wordt bestaand beleid voortgezet waarin dierverloskundigen en castreurs van rechtswege beschikken over een vergunning voor kleinhandel. Artikel 10.2 van het ontwerpbesluit zal vervallen met ingang van 1 maart 2025. Na die datum zullen dierverloskundigen en castreurs een kleinhandelsvergunning moeten aanvragen.
In de nota van toelichting is in het artikelsgewijze deel een toelichting opgenomen bij het nieuwe artikel 10.1. Ook is in de transponeringstabel een aparte rij opgenomen voor artikel 13, vijfde lid, van verordening (EU) nr. 2019/4. Verder is de nota van toelichting aangevuld ten aanzien van het overgangsrecht voor kleinhandelsvergunningen voor dierverloskundigen en castreurs.
Ik moge U hierbij, in overeenstemming met de Minister van Volksgezondheid en Sport, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit