Wijziging van de Wet precursoren voor explosieven en de Wet op de economische delicten.
- Kenmerk
- W16.20.0397/II
- Datum aanhangig
- 10 november 2020
- Datum vastgesteld
- 25 november 2020
- Datum advies
- 25 november 2020
- Datum publicatie
- 23 december 2020
- Vindplaats
- Kamerstukken II 2020/21, 35689, nr. 4
- Justitie en Veiligheid
- Wet
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 10 november 2020, no.2020002308, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Justitie en Veiligheid, mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet tot wijziging van de Wet precursoren voor explosieven en de Wet op de economische delicten ter uitvoering van Verordening (EU) 2019/1148 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven, tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 en tot intrekking van Verordening (Wijziging van de Wet precursoren voor explosieven en de Wet op de economische delicten ter uitvoering van Verordening (EU) 2019/1148 van het Europees Parlement en de Raad van 20 juni 2019 over het op de markt brengen en het gebruik van precursoren voor explosieven, tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1907/2006 en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 98/2013 (PbEU 2019, L 186), met memorie van toelichting.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen bij het voorstel en adviseert het voorstel bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal in te dienen.
Gelet op artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, adviseert de Afdeling dit advies openbaar te maken.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 15 december 2020
Het kabinet is de Afdeling erkentelijk voor de voortvarendheid waarmee het advies over het bovenvermelde voorstel van wet is uitgebracht. Het voorstel geeft de Afdeling geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen. Van de gelegenheid is gebruikgemaakt om enkele redactionele en technische verbeteringen in het voorstel van wet en de memorie van toelichting aan te brengen.
Ik verzoek U, mede namens de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, het hierbij gevoegde gewijzigde voorstel van wet en de gewijzigde memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal te zenden.
De Minister van Justitie en Veiligheid