Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Koeweit inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden, ‘s-Gravenhage, 16 oktober 2019 (Trb. 2019, 163).
- Kenmerk
- W17.19.0398/IV
- Datum aanhangig
- 12 december 2019
- Datum vastgesteld
- 22 januari 2020
- Datum advies
- 22 januari 2020
- Datum publicatie
- 7 februari 2020
- Vindplaats
- Kamerstukken II 2019/20, 35389, nr. B;2
- Infrastructuur en Waterstaat
- Verdrag
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 12 december 2019, no.2019002619, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Buitenlandse Zaken, mede namens de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Staat Koeweit inzake luchtdiensten tussen en via hun onderscheiden grondgebieden, ‘s-Gravenhage, 16 oktober 2019 (Trb. 2019, 163), met toelichtende nota.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft geen opmerkingen over het verdrag en adviseert het verdrag te overleggen aan de beide Kamers der Staten-Generaal.
Gelet op artikel 26, zesde lid jo vijfde lid, van de Wet op de Raad van State, adviseert de Afdeling dit advies openbaar te maken.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 27 januari 2020
Het verdrag geeft de Afdeling advisering van de Raad van State geen aanleiding tot het maken van inhoudelijke opmerkingen.
Ik moge U, mede namens de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, verzoeken mij te machtigen gevolg te geven aan mijn voornemen het verdrag vergezeld van de toelichtende nota ter stilzwijgende goedkeuring over te leggen aan de Eerste en aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal.
De Minister van Buitenlandse Zaken