Nieuwe griffierechtbedragen met ingang van 1 januari 2024

Gepubliceerd op 1 januari 2024

Bij rechtbanken en ook bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State moet je een bedrag betalen als je wilt dat het (hoger)beroepschrift in behandeling wordt genomen.

Dat bedrag wordt griffierecht genoemd. Er gelden verschillende tarieven. Deze zijn afhankelijk van de soort procedure en van de hoedanigheid van de indiener van het (hoger)beroepschrift.

De soort procedure kan een beroep of een hoger beroep zijn. In een beroepsprocedure ga je direct bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in beroep tegen een besluit van een overheidsorgaan. In een hoger beroepsprocedure ga je na een uitspraak van de rechtbank in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

De minister voor Rechtsbescherming heeft de griffierechtbedragen met ingang van 1 januari 2024 met enkele euro’s verhoogd.

particulieren

verenigingen, stichtingen, bedrijven, overheden

Beroep

€ 187 (was € 184)

€ 371 (was € 365)

Hoger beroep

€ 279 (was € 274)

€ 559 (was € 548)

Overgangsrecht

Voor de (hoger)beroepschriften die op of ná 1 januari 2024 zijn ontvangen en die gericht zijn tegen hetzelfde besluit of dezelfde uitspraak als waartegen in 2023 al een ander (hoger)beroepschrift is binnengekomen, gelden nog de ‘oude’ bedragen.


Op deze pagina leest u meer informatie over het griffierecht.