Samenvatting advies over initiatiefvoorstel rijkswet financiële defensieverplichtingen

Gepubliceerd op 21 augustus 2023

De Afdeling advisering van de Raad van State van het Koninkrijk heeft op 16 augustus 2023 haar advies vastgesteld over het initiatiefvoorstel van de Tweede Kamerleden Stoffer (SGP), Valstar (VVD), Boswijk (CDA) en Dassen (Volt) van de rijkswet over financiële defensieverplichtingen. Het advies is op 21 augustus 2023 openbaar gemaakt en gepubliceerd op de website van de Raad van State.

Inhoud van het voorstel

De initiatiefnemers willen in een rijkswet vastleggen dat twee procent van het bruto binnenlands product aan defensie-uitgaven moet worden besteed. Dit percentage is door de NAVO-landen afgesproken. De Nederlandse defensie-uitgaven lagen lange tijd onder de norm van twee procent. De initiatiefnemers maken zich zorgen over, zoals zij het noemen, de ‘verwaarloosde defensieorganisatie’. Daarnaast introduceert het wetsvoorstel een vijftien jaarlijks defensieplan en een vierjaarlijkse defensiemonitor.

Keuze voor een rijkswet

Het Koninkrijk der Nederlanden bestaat uit de landen Nederland, Aruba, Curaçao en Sint Maarten en kent één krijgsmacht. Deze wordt gefinancierd vanuit de jaarlijkse begroting van het Nederlandse ministerie van Defensie. De landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten hebben geen eigen krijgsmacht. Ook bestaat er geen begroting voor het Koninkrijk. Bij het maken en wijzigen van rijkswetten zijn alle landen van het Koninkrijk betrokken. Zulke rijkswetten kunnen niet door een ‘gewone’ Nederlandse wet worden gewijzigd. Door in een rijkswet een begrotingsnorm op te nemen, krijgen de Caribische landen invloed op de Nederlandse begroting, die dan niet meer door (enkel) de Nederlandse wetgever kan worden aangepast. Hierdoor kan het Nederlandse parlement het budgetrecht niet effectueren. Daarom adviseert de Afdeling advisering het voorstel niet als rijkswet te formuleren.

Wettelijk vastleggen van budgettaire ondergrens

De Afdeling advisering onderschrijft de noodzaak van een adequate uitrusting van de krijgsmacht. Een vijftien jaarlijks defensieplan en een vierjaarlijkse defensiemonitor kunnen hierin een nuttige functie vervullen. De initiatiefnemers moeten in hun voorstel beter toelichten wat de meerwaarde is van het wettelijk vastleggen van de budgettaire ondergrens van twee procent. Het is namelijk aan regering en parlement om ieder jaar een afweging te maken tussen verschillende belangen en financieringsbehoeften. Het advies aan de initiatiefnemers luidt dan ook om in de toelichting nader in te gaan op de meerwaarde van het wettelijk verankeren van een budgettaire ondergrens.

Conclusie

De Afdeling advisering heeft een aantal bezwaren bij het initiatiefvoorstel van de rijkswet en adviseert het voorstel "niet in behandeling te nemen, tenzij het is aangepast".


Defensie

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering over dit initiatiefvoorstel.