Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W03.14.0179/II

Voorstel van wet tot uitvoering van Verordening (EU) Nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken (PbEU 2013, L 181) (Uitvoeringswet verordening wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken), met memorie van toelichting.

Kenmerk
W03.14.0179/II
Datum advies
24 juli 2014
Vindplaats
Kamerstukken II 2013/2014, 34 021, nr. 4
  • Justitie en Veiligheid
  • Wet

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

Voorstel van wet tot uitvoering van Verordening (EU) Nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken (PbEU 2013, L 181) (Uitvoeringswet verordening wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken), met memorie van toelichting.

Bij Kabinetsmissive van 5 juni 2014, no.2014001087, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet tot uitvoering van Verordening (EU) Nr. 606/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 12 juni 2013 betreffende de wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken (PbEU 2013, L 181) (Uitvoeringswet verordening wederzijdse erkenning van beschermingsmaatregelen in burgerlijke zaken), met memorie van toelichting.

Het wetsvoorstel geeft uitvoering aan de verordening, waarbij een mechanisme wordt ingevoerd (een certificaat) om ervoor te zorgen dat een bedreigde persoon ook als hij of zij verhuist naar een andere Iidstaat of daar regelmatig verblijft, de bescherming van een in een lidstaat van oorsprong opgelegde beschermingsmaatregel kan meenemen.

De Afdeling advisering van de Raad van State onderschrijft de strekking van het wetsvoorstel, maar maakt opmerkingen over de verplichte vertegenwoordiging en verschuldigdheid van griffierecht bij de aanpassing van het certificaat. Zij is van oordeel dat in verband daarmee enige aanpassing van het wetsvoorstel wenselijk is.

1. Verplichte vertegenwoordiging en griffierecht bij aanpassing certificaat
Bij een verzoek tot aanpassing van een certificaat door de rechter is volgens het voorstel, anders dan bij het verzoek tot afgifte en intrekking daarvan, procesvertegenwoordiging verplicht. Daartoe vermeldt de toelichting dat de voorzieningenrechter zich zal moeten buigen over de ligging van het adres en de functie die het voor degene om wie het gaat, vervult. (zie noot 1)

De Afdeling merkt op dat in een groot deel van de gevallen van een buitenlandse beschermingsmaatregel niet zal kunnen worden volstaan met de enkele afgifte van het certificaat, omdat een op de situatie in Nederland toegespitste aanpassing zal moeten plaatsvinden (met name ten aanzien van het adres). De vraag kan worden gesteld waarom daarvoor beroepsmatige rechtsbijstand benodigd is. Het betreft veelal informatie van feitelijke aard, die geen belangenafweging vergt. Uit de toelichting bij de procedure tot afgifte van het certificaat blijkt dat met onderhavig voorstel juist is bedoeld een laagdrempelige procedure voor het meenemen van bescherming in te richten, waarbij verplichte bijstand door een advocaat voor de verzoeker onnodige kosten zou opleveren. (zie noot 2) Voorts vermeldt de toelichting dat afgifte van een certificaat onder de reikwijdte van artikel 20 van de Wet griffierecht burgerlijke zaken valt, zodat daarvoor geen griffierecht verschuldigd is. (zie noot 3) Niet wordt aangegeven of dit tevens geldt voor de aanpassing van het certificaat.
De Afdeling adviseert in de toelichting op het vorenstaande in te gaan en het voorstel zo nodig aan te passen.

2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.

De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging het voorstel van wet te zenden aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.

De waarnemend vice-president van de Raad van State


Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W03.14.0179/II

- In artikel 2, tweede lid, ‘authentiek’ schrappen.
- In artikel 2, tweede lid, na ‘de gegevens’ opnemen: als bedoeld in artikel 7 van de verordening. Daarnaast toelichten wat in die bepaling, onder ‘voor zover mogelijk‘ wordt verstaan.
- In artikel 2, derde lid, na ‘kennisgeving’ opnemen: als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de verordening.
Daarnaast in de toelichting op deze bepaling (zie noot 4) aanvullen dat als de persoon van wie de dreiging uitgaat in de oorspronkelijke procedure is verschenen, dit betekent dat hij kennis heeft van de beschermingsmaatregel, omdat daaruit voortvloeit dat de maatregel aan hem bekend wordt gemaakt.
- In artikel 2, vierde lid, tevens voorzien in een regeling voor het in kennis stellen van de persoon van wie de dreiging uitgaat van de afgifte van het certificaat door de burgemeester dan wel de hulpofficier. (zie noot 5) - In artikel 4, eerste lid, ‘het verzoek’, vervangen door: een verzoek.
- In artikel 5, eerste lid, in aansluiting op artikel 11, eerste lid, van de verordening niet alleen verwijzen naar het bepaalde onder a van artikel 3, eerste lid, van de verordening, maar ook naar het bepaalde onder c.
- In artikel 6, eerste lid, na ‘dan’ invoegen: wel.
- In artikel 7 na ‘verzoek’ invoegen: om weigering van erkenning of tenuitvoerlegging van de beschermingsmaatregel.


Nader rapport (reactie op het advies) van 4 september 2014

De Afdeling merkt op dat feitelijke gegevens, met name ten aanzien van het adres, in een in het buitenland afgegeven beschermingsmaatregel meestal in Nederland zullen moeten worden aangepast. Het betreft veelal informatie van feitelijke aard, waarbij de aanpassing geen belangenafweging vergt. Tevens merkt de Afdeling op dat in de toelichting niet is ingegaan op de vraag of voor de aanpassing van een in het buitenland afgegeven beschermingsmaatregel griffierecht verschuldigd is. Naar aanleiding van het advies is in het wetsvoorstel bepaald dat een verzoek tot aanpassing van een in het buitenland afgegeven beschermingsmaatregel kan worden ingediend zonder tussenkomst van een advocaat. Tevens is in de memorie van toelichting aangegeven dat voor de feitelijke aanpassing geen griffierecht geheven zal worden. Deze uitzondering zal in artikel 1 van de Regeling griffierechten burgerlijke zaken worden opgenomen.

De in de bijlage bij het advies opgenomen redactionele opmerkingen zijn in het wetsvoorstel en de memorie van toelichting verwerkt.

Ik moge U verzoeken het hierbij gevoegde gewijzigde voorstel van wet en de gewijzigde memorie van toelichting aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal te zenden.

De Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie


(1) Memorie van toelichting, Algemeen, Inrichting van de uitvoeringswet.
(2) Memorie van toelichting, Algemeen, Inrichting van de uitvoeringswet.
(3) Memorie van toelichting, Algemeen, Inrichting van de uitvoeringswet.
(4) Memorie van toelichting, Artikelsgewijs, artikel 2, derde lid.
(5) In het voorstel is voor de procedure bij de rechter voor het in kennis stellen van de persoon van wie de dreiging uitgaat een regeling opgenomen in artikel 2, derde lid, maar deze wordt niet van overeenkomstige toepassing verklaard op de procedure bij de burgemeester dan wel officier van justitie.


Gehele tekst ontwerpregeling met toelichting (pdf, 235 kB)


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon