Ontwerpbesluit houdende wijziging van enkele besluiten in verband met het vervangen van de aanduiding "Koningin" door "Koning" in deze besluiten, met nota van toelichting.
- Kenmerk
- W04.13.0426/I
- Datum advies
- 12 december 2013
- Vindplaats
- Staatscourant
- Binnenlandse zaken en Koninkrijksrelaties
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Ontwerpbesluit houdende wijziging van enkele besluiten in verband met het vervangen van de aanduiding "Koningin" door "Koning" in deze besluiten, met nota van toelichting.
Bij Kabinetsmissive van 28 november 2013, no.2013002469, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister voor Wonen en Rijksdienst, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende wijziging van enkele besluiten in verband met het vervangen van de aanduiding "Koningin" door "Koning" in deze besluiten, met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit strekt ertoe in enkele algemene maatregelen van bestuur (amvb’s) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de aanduiding "Koningin" te vervangen door de grondwettelijke term "Koning".
De Afdeling advisering van de Raad van State maakt naar aanleiding van het ontwerpbesluit de opmerking dat zij een afgestemd inwerkingtreding van alle wetten en amvb’s waarin de term "Koningin" wordt aangepast geboden acht. Zij is van oordeel dat het ontwerpbesluit in verband daarmee nader dient te worden overwogen.
1. Coördinatie
In dit ontwerpbesluit wordt alleen in de amvb’s van het ministerie van BZK de aanduiding "Koningin" vervangen. Daarnaast wordt een aanpassing voorbereid van een overzichtelijk en beperkt aantal amvb’s van enkele andere ministeries; (zie noot 1) deze zijn echter niet meegenomen in dit ontwerpbesluit. Verder komt de aanduiding "Koningin" nog voor in een aantal wetten. Mogelijk worden deze aanpassingswetten eveneens per afzonderlijk departement voorbereid.
De Afdeling acht het met het oog op de eenheid van terminologie in het recht, geboden deze verschillende aanpassingsoperaties, die een identieke strekking hebben, in ieder geval wat de inwerkingtreding van deze wijzigingen betreft op elkaar af te stemmen.
Gelet op het voorgaande adviseert de Afdeling de aanpassing van de term "Koningin" in alle wetten en amvb’s te coördineren en in ieder geval wat betreft de datum van inwerkingtreding op elkaar af te stemmen.
2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.
De Afdeling advisering van de Raad van State geeft U in overweging in dezen geen besluit te nemen dan nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De vice-president van de Raad van State
Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W04.13.0426/I
- In artikel III van het ontwerpbesluit de verdeling van de te wijzigen regelingen inrichten overeenkomstig aanwijzing 235, eerste lid, van de Aanwijzingen voor de regelgeving.
Nader rapport (reactie op het advies) van 13 maart 2014
De Afdeling advisering van de Raad van State adviseert met het oog op de eenheid van terminologie in het recht de aanpassing van de term “Koningin” in alle wetten en amvb’s te coördineren, of anders in ieder geval de datum van inwerkingtreding op elkaar af te stemmen.
De regering wijst erop dat dit voorstel niet leidt tot een verminderde eenheid van terminologie omdat die eenheid in de gebruikte aanduidingen reeds voorafgaand aan de troonswisseling niet volledig was. De onderhavige voorgestelde wijziging draagt juist bij aan meer eenheid en een consequenter gebruik van de aanduiding “Koning” voor het staatshoofd. Het ontbreken van eenheid in terminologie heeft in juridisch opzicht bovendien geen gevolgen, omdat steeds duidelijk is dat waar de wetgever spreekt van “Koningin” daarmee het staatshoofd wordt bedoeld. De strekking van artikel 2 van de Wet van 22 juni 1891, betreffende de wettelijk vastgestelde formulieren, ambtstitels en officiële benamingen in verband met het overgaan van de Kroon op een Koningin, is immers dat het gebruik van de aanduiding “Koningin” dan wel “Koning” niet afdoet aan de rechtsgeldige toepassing van deze wettelijke voorschriften. Voor het aanhouden van één inwerkingtredingsdatum, zoals de Raad adviseert, bestaat dan ook geen juridische noodzaak.
Er zij verder op gewezen dat niet alleen wetten in formele zin en algemene maatregelen van bestuur worden aangepast, maar ook (kleine) koninklijke besluiten en ministeriële regelingen. Zoals reeds is opgemerkt, is het in juridisch opzicht niet noodzakelijk dat voor alle aanpassingen hetzelfde tijdstip van inwerkingtreding wordt aangehouden. Het is evenmin wenselijk gezien het verschil in duur van de verschillende totstandkomingsprocedures. De langzaamste procedure zou dan het tempo voor inwerkingtreding bepalen, wat omwille van snelheid en wetgevingseconomie binnen de departementen, die hun wet- en regelgeving moeten aanpassen, niet de voorkeur heeft.
De regering ziet daarom geen noodzaak de in dit voorstel vervatte wijzigingen aan te houden en in plaats daarvan over te gaan tot één rijksbrede aanpassingsoperatie.
De redactionele opmerking is overgenomen.
Ik moge U hierbij verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister voor Wonen en Rijksdienst
(1) Het betreft het Besluit justitiële en strafvorderlijke gegevens, het Bekendmakingsbesluit, het Inkomstenbesluit militairen, het Algemeen militair ambtenarenreglement, het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie en het Besluit omgevingsrecht.