Ontwerpbesluit met nota van toelichting houdende regels voor honing (Warenwetbesluit honing).
- Kenmerk
- W13.03.0376/III
- Datum advies
- 20 oktober 2003
- Vindplaats
- Bijvoegsel staatscourant 13 januari 2004, nr 7
- Volksgezondheid, Welzijn en Sport
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Volledige tekst
Ontwerpbesluit met nota van toelichting houdende regels voor honing (Warenwetbesluit honing).
Bij Kabinetsmissive van 11 september 2003, no.03.003714, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, de Minister van Economische Zaken en de Minister van Justitie, bij de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit met nota van toelichting houdende regels voor honing (Warenwetbesluit honing).
Het ontwerpbesluit strekt tot implementatie van richtlijn 2001/110/EG van de Raad van de Europese Unie van 20 december 2001 inzake honing (PbEG 2002, L 10) (hierna: de richtlijn). De richtlijn vervangt richtlijn 74/409/EEG(zie noot 1) en beoogt de voorschriften voor de productie en het in de handel brengen van honing te vereenvoudigen. Het Honingbesluit (Warenwet) dat op deze oude richtlijn is gebaseerd wordt ingetrokken.
De Raad van State kan zich vinden in het ontwerpbesluit, maar maakt opmerkingen over de volledigheid van de implementatie en over de gevolgen van de overschrijding van de implementatietermijn.
1. Gevolgen overschrijding implementatietermijn
Ingevolge artikel 9 van de richtlijn dient implementatie van de richtlijn vóór 1 augustus 2003 plaats te vinden. Met ingang van 1 augustus 2004 wordt ingevolge artikel 20 van het ontwerpbesluit het in de handel brengen van producten die niet aan de richtlijn voldoen verboden, met uitzondering van producten die vóór die datum overeenkomstig de oude richtlijn zijn geëtiketteerd.
De Raad adviseert in de toelichting in te gaan op de gevolgen van deze te late implementatie en daarbij in het bijzonder aandacht te besteden aan de gevolgen die dit heeft voor de aanpassing van de etikettering en de termijn om de oude voorraden te verkopen.
2. Onvolledige implementatie
De Raad maakt de volgende opmerkingen over de volledigheid van de implementatie.
a. Volgens de transponeringstabel is implementatie van artikel 2, vierde lid, onder b, van de richtlijn niet vereist. Deze bepaling geeft echter uitdrukkelijk aan
dat de vermeldingen van het land of de landen van oorsprong gegevens zijn als bedoeld in artikel 3 van richtlijn 2000/13/EG.(zie noot 2) Volgens overweging 5 in de considerans van de richtlijn moet, gelet op de specifieke belangen van de consument met betrekking tot de geografische kenmerken van de honing en tot de volledige transparantie op dit punt, het land van oorsprong waar de honing is vergaard op het etiket worden vermeld. De Raad acht implementatie van deze bepaling dan ook geboden.
b. Volgens de transponeringstabel is Bijlage II, aanhef, eerste alinea, geïmplementeerd in artikel 4 van het ontwerpbesluit. De eerste zin, die aangeeft uit welke bestanddelen honing dient te bestaan, is echter in deze bepaling niet geïmplementeerd en evenmin in andere bepalingen van dit besluit. Gelet op de inhoud acht de Raad implementatie van deze zin geboden.
c. Volgens de transponeringstabel zijn de tweede en derde alinea van Bijlage II, aanhef, geïmplementeerd in de artikelen 3 en 7 van het ontwerpbesluit. De eerste zin van de tweede alinea van deze bijlage bevat een uitdrukkelijk verbod om aan honing levensmiddeleningrediënten, levensmiddelenadditieven of andere stoffen dan honing toe te voegen. Artikel 7 bevat echter slechts een verbod om andere stoffen dan honing toe te voegen. Op zich kan hierin tevens een verbod om additieven en ingrediënten toe te voegen worden gelezen. Uit het oogpunt van een zo volledig en nauwkeurig mogelijke implementatie acht de Raad het niettemin wenselijk dat in artikel 7 van het ontwerpbesluit deze additieven en ingrediënten uitdrukkelijk als afzonderlijke categorieën worden genoemd.
De Raad adviseert het ontwerpbesluit in vorengenoemde zin aan te passen.
3. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Bijlage bij het advies van de Raad van State van 20 oktober 2003, no. W13.03.0376/III, met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging geeft.
Ontwerpbesluit
In artikel 13, tweede lid, het woord "en" tussen de woorden "deze honing" en "een vreemde smaak" laten vervallen.
In artikel 15, eerste lid, onder b, de woorden "voorzover" vervangen door: "indien" teneinde zo dicht mogelijk bij de tekst van de richtlijn te blijven.
In artikel 15, eerste lid, onder c, voor het woord "kwaliteitscriteria" het woord "specifieke" invoegen.
In artikel 17, onder B, boetebedragen vaststellen voor overtreding van artikel 2, derde lid.
Nota van toelichting
In de toelichting de reden(en) vermelden om de inwerkingtreding van artikel 17 twee maanden later te laten plaatsvinden.
In de paragraaf over verplichte aanduidingen en vermeldingen, in het laatste tekstblok, na de woorden "Wat betreft" invoegen: de bepaling.
In de transponeringstabel, bij artikel 2, tweede lid, onder a, de corresponderende bepaling in het ontwerpbesluit, "12 lid 5" vervangen door: 13 lid 5.
In de transponeringstabel bij artikel 2, tweede lid, onder b, aanhef, de corresponderende bepaling in het ontwerpbesluit nader specificeren door aan het getal 15, de woorden "lid 1, aanhef en a tot en met c, lid 3" toe te voegen.
In de transponeringstabel, bij artikel 2, derde lid, de corresponderende bepaling "13 onder b", in het ontwerpbesluit vervangen door: 13, lid 6.
In de transponeringstabel bij artikel 3, de corresponderende bepalingen "8 lid 2, 9 lid 2, 12 lid 2, 13, lid 4" vervangen door: 9 lid 2, 13 lid 4.
In de transponeringstabel bij artikel 4, in de corresponderende bepaling artikel 16 vermelden dat alleen de laatste twee volzinnen implementatie behoeven.
In de transponeringstabel bij Bijlage II, artikel 1, eerste lid, eerste streepje, de corresponderende bepaling "9 lid 1 onder a" vervangen door: 10 aanhef en a.
Nader rapport (reactie op het advies) van 13 november 2003
1. De door de Raad geadviseerde toelichting is toegevoegd aan de nota van toelichting.
2a. Deze suggestie is niet overgenomen. Anders dan de Raad opmerkt betreft het hier artikel 2, vierde lid, onder a, van de richtlijn. Die bepaling is correct geïmplementeerd in artikel 15, eerste lid, onder d, van het ontwerpbesluit.
b. Artikel 4 van het ontwerpbesluit is conform het advies van de Raad gewijzigd.
c. Artikel 7 van het ontwerpbesluit is conform het advies van de Raad gewijzigd.
3. De redactionele kanttekeningen van de Raad zijn verwerkt.
Ik moge U hierbij, in overeenstemming met de Ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van Economische Zaken en van Justitie, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
(1) Richtlijn 74/409/EEG van de Raad van de Europese Unie van 22 juli 1974 betreffende de harmonisatie van de wettelijke voorschriften van de lidstaten inzake honing (PbEG L 221).
(2) Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 maart 2000 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgeving der lidstaten inzake etikettering en presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame (PbEG L 109).
Richtlijn nr.79/112/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 18 december 1978 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten inzake etikettering en presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame (PbEG L 33)
Het ontwerpbesluit strekt tot implementatie van richtlijn 2001/110/EG van de Raad van de Europese Unie van 20 december 2001 inzake honing (PbEG 2002, L 10) (hierna: de richtlijn). De richtlijn vervangt richtlijn 74/409/EEG(zie noot 1) en beoogt de voorschriften voor de productie en het in de handel brengen van honing te vereenvoudigen. Het Honingbesluit (Warenwet) dat op deze oude richtlijn is gebaseerd wordt ingetrokken.
De Raad van State kan zich vinden in het ontwerpbesluit, maar maakt opmerkingen over de volledigheid van de implementatie en over de gevolgen van de overschrijding van de implementatietermijn.
1. Gevolgen overschrijding implementatietermijn
Ingevolge artikel 9 van de richtlijn dient implementatie van de richtlijn vóór 1 augustus 2003 plaats te vinden. Met ingang van 1 augustus 2004 wordt ingevolge artikel 20 van het ontwerpbesluit het in de handel brengen van producten die niet aan de richtlijn voldoen verboden, met uitzondering van producten die vóór die datum overeenkomstig de oude richtlijn zijn geëtiketteerd.
De Raad adviseert in de toelichting in te gaan op de gevolgen van deze te late implementatie en daarbij in het bijzonder aandacht te besteden aan de gevolgen die dit heeft voor de aanpassing van de etikettering en de termijn om de oude voorraden te verkopen.
2. Onvolledige implementatie
De Raad maakt de volgende opmerkingen over de volledigheid van de implementatie.
a. Volgens de transponeringstabel is implementatie van artikel 2, vierde lid, onder b, van de richtlijn niet vereist. Deze bepaling geeft echter uitdrukkelijk aan
dat de vermeldingen van het land of de landen van oorsprong gegevens zijn als bedoeld in artikel 3 van richtlijn 2000/13/EG.(zie noot 2) Volgens overweging 5 in de considerans van de richtlijn moet, gelet op de specifieke belangen van de consument met betrekking tot de geografische kenmerken van de honing en tot de volledige transparantie op dit punt, het land van oorsprong waar de honing is vergaard op het etiket worden vermeld. De Raad acht implementatie van deze bepaling dan ook geboden.
b. Volgens de transponeringstabel is Bijlage II, aanhef, eerste alinea, geïmplementeerd in artikel 4 van het ontwerpbesluit. De eerste zin, die aangeeft uit welke bestanddelen honing dient te bestaan, is echter in deze bepaling niet geïmplementeerd en evenmin in andere bepalingen van dit besluit. Gelet op de inhoud acht de Raad implementatie van deze zin geboden.
c. Volgens de transponeringstabel zijn de tweede en derde alinea van Bijlage II, aanhef, geïmplementeerd in de artikelen 3 en 7 van het ontwerpbesluit. De eerste zin van de tweede alinea van deze bijlage bevat een uitdrukkelijk verbod om aan honing levensmiddeleningrediënten, levensmiddelenadditieven of andere stoffen dan honing toe te voegen. Artikel 7 bevat echter slechts een verbod om andere stoffen dan honing toe te voegen. Op zich kan hierin tevens een verbod om additieven en ingrediënten toe te voegen worden gelezen. Uit het oogpunt van een zo volledig en nauwkeurig mogelijke implementatie acht de Raad het niettemin wenselijk dat in artikel 7 van het ontwerpbesluit deze additieven en ingrediënten uitdrukkelijk als afzonderlijke categorieën worden genoemd.
De Raad adviseert het ontwerpbesluit in vorengenoemde zin aan te passen.
3. Voor redactionele kanttekeningen verwijst het college naar de bij het advies behorende bijlage.
De Raad van State geeft U in overweging in dezen een besluit te nemen, nadat met het vorenstaande rekening zal zijn gehouden.
De Vice-President van de Raad van State
Bijlage bij het advies van de Raad van State van 20 oktober 2003, no. W13.03.0376/III, met redactionele kanttekeningen die de Raad in overweging geeft.
Ontwerpbesluit
In artikel 13, tweede lid, het woord "en" tussen de woorden "deze honing" en "een vreemde smaak" laten vervallen.
In artikel 15, eerste lid, onder b, de woorden "voorzover" vervangen door: "indien" teneinde zo dicht mogelijk bij de tekst van de richtlijn te blijven.
In artikel 15, eerste lid, onder c, voor het woord "kwaliteitscriteria" het woord "specifieke" invoegen.
In artikel 17, onder B, boetebedragen vaststellen voor overtreding van artikel 2, derde lid.
Nota van toelichting
In de toelichting de reden(en) vermelden om de inwerkingtreding van artikel 17 twee maanden later te laten plaatsvinden.
In de paragraaf over verplichte aanduidingen en vermeldingen, in het laatste tekstblok, na de woorden "Wat betreft" invoegen: de bepaling.
In de transponeringstabel, bij artikel 2, tweede lid, onder a, de corresponderende bepaling in het ontwerpbesluit, "12 lid 5" vervangen door: 13 lid 5.
In de transponeringstabel bij artikel 2, tweede lid, onder b, aanhef, de corresponderende bepaling in het ontwerpbesluit nader specificeren door aan het getal 15, de woorden "lid 1, aanhef en a tot en met c, lid 3" toe te voegen.
In de transponeringstabel, bij artikel 2, derde lid, de corresponderende bepaling "13 onder b", in het ontwerpbesluit vervangen door: 13, lid 6.
In de transponeringstabel bij artikel 3, de corresponderende bepalingen "8 lid 2, 9 lid 2, 12 lid 2, 13, lid 4" vervangen door: 9 lid 2, 13 lid 4.
In de transponeringstabel bij artikel 4, in de corresponderende bepaling artikel 16 vermelden dat alleen de laatste twee volzinnen implementatie behoeven.
In de transponeringstabel bij Bijlage II, artikel 1, eerste lid, eerste streepje, de corresponderende bepaling "9 lid 1 onder a" vervangen door: 10 aanhef en a.
Nader rapport (reactie op het advies) van 13 november 2003
1. De door de Raad geadviseerde toelichting is toegevoegd aan de nota van toelichting.
2a. Deze suggestie is niet overgenomen. Anders dan de Raad opmerkt betreft het hier artikel 2, vierde lid, onder a, van de richtlijn. Die bepaling is correct geïmplementeerd in artikel 15, eerste lid, onder d, van het ontwerpbesluit.
b. Artikel 4 van het ontwerpbesluit is conform het advies van de Raad gewijzigd.
c. Artikel 7 van het ontwerpbesluit is conform het advies van de Raad gewijzigd.
3. De redactionele kanttekeningen van de Raad zijn verwerkt.
Ik moge U hierbij, in overeenstemming met de Ministers van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, van Economische Zaken en van Justitie, het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
(1) Richtlijn 74/409/EEG van de Raad van de Europese Unie van 22 juli 1974 betreffende de harmonisatie van de wettelijke voorschriften van de lidstaten inzake honing (PbEG L 221).
(2) Richtlijn 2000/13/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 20 maart 2000 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgeving der lidstaten inzake etikettering en presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame (PbEG L 109).
Richtlijn nr.79/112/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 18 december 1978 betreffende de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der Lid-Staten inzake etikettering en presentatie van levensmiddelen alsmede inzake de daarvoor gemaakte reclame (PbEG L 33)