Besluit bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal.
- Kenmerk
- W16.25.00308/II
- Datum aanhangig
- 21 oktober 2025
- Datum vastgesteld
- 10 december 2025
- Datum advies
- 10 december 2025
- Datum publicatie
- 15 december 2025
- Vindplaats
- Staatscourant 2026, 14604
- Justitie en Veiligheid
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 21 oktober 2025, no.W16.25.00308/II, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Justitie en Veiligheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit houdende regels voor de openbaar te maken gegevens in geval van openbaarmaking van een bestuurlijke boete of last onder dwangsom en het behoud van kinderpornografisch materiaal, alsmede vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de artikelen 9 en 12 van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal (Besluit bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit bevat enkele nadere regels ter uitvoering van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal. Die wet geeft de Autoriteit Online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM) onder meer als taak de ontoegankelijkmaking van online kinderpornografisch materiaal af te dwingen. Daarvoor heeft de ATKM bestuursrechtelijke bevoegdheden gekregen. De wet bepaalt dat over een aantal onderwerpen bij algemene maatregel van bestuur (amvb) nadere regels worden gesteld. Het ontwerpbesluit voorziet in zulke regels.
De Afdeling advisering van de Raad van State maakt een opmerking over de regeling voor het behoud van kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens met het oog op een eventuele bestuursrechtelijke of strafrechtelijke procedure. Het ontwerpbesluit regelt in dat verband dat kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens niet langer zullen worden bewaard dan voor die doeleinden noodzakelijk en in ieder geval niet langer dan een jaar na de laatste verwerking.
De Afdeling wijst erop dat een dergelijke constructie, waarbij de peildatum van de bewaartermijn steeds opnieuw aanvangt na een laatste verwerking, het risico met zich brengt dat (bijzondere) persoonsgegevens van gevoelige aard aanmerkelijk langer worden bewaard dan de beoogde maximale termijn van een jaar. Om dat te voorkomen én met het oog op de rechtszekerheid van alle betrokkenen, adviseert de Afdeling een objectief vast te stellen bewaartermijn op te nemen.
In verband hiermee is aanpassing wenselijk van het ontwerpbesluit en de toelichting.
1. Achtergrond en inhoud van het ontwerpbesluit
a. Achtergrond
Op 1 juli 2024 is de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal in werking getreden. Die wet geeft de Autoriteit Online Terroristisch en Kinderpornografisch Materiaal (ATKM) onder meer als taak de ontoegankelijkmaking van online kinderpornografisch materiaal af te dwingen. Daarvoor heeft de ATKM bestuursrechtelijke bevoegdheden om op te treden tegen aanbieders van hosting- en communicatiediensten die niet vrijwillig meewerken aan de ontoegankelijkmaking van zulk materiaal. (zie noot 1) Zo kan de ATKM onder meer een last onder dwangsom en een bestuurlijke boete opleggen. (zie noot 2) Ook kan de beschikking tot oplegging van een last onder dwangsom of bestuurlijke boete openbaar worden gemaakt. (zie noot 3)
b. Inhoud
Ter uitvoering van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal worden met dit ontwerpbesluit enkele nadere regels gesteld. Zo bepaalt de wet dat bij amvb nadere regels worden gesteld met betrekking tot de openbaar te maken gegevens bij openbaarmaking van een beschikking waarmee een last onder dwangsom of bestuurlijke boete is opgelegd door de ATKM. In dat verband zijn onder meer regels nodig over de wijze waarop openbaarmaking plaatsvindt en de mogelijke reactie van de geadresseerde in verband met openbaarmaking van zijn gegevens. (zie noot 4) Het ontwerpbesluit voorziet in zulke regels. (zie noot 5)
Verder bepaalt de wet dat bij amvb regels worden gesteld omtrent het behoud van het kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens door de ATKM. (zie noot 6) In dat verband regelt het ontwerpbesluit de wijze waarop dit materiaal kan worden bewaard ten behoeve van de strafvordering of de bestuursrechtelijke procedure. (zie noot 7) Ook bevat het ontwerpbesluit een regeling voor het bewaren van dit materiaal ten behoeve van de onderzoekstaak van de ATKM. (zie noot 8)
2. Regeling voor behoud van het kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens
De ontoegankelijkmaking van online kinderpornografisch materiaal kan ertoe leiden dat dit materiaal wordt verwijderd door de aanbieder van hosting- of communicatiediensten. Kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens zijn niettemin van belang voor een eventuele bestuursrechtelijke of strafrechtelijke procedure. Ook voor de onderzoekstaak van de ATKM is het van belang om op een later moment online te kunnen toetsen of hetzelfde materiaal niet opnieuw opduikt. De regering acht het daarom van belang dat een kopie van dit materiaal behouden blijft. (zie noot 9)
Tegen deze achtergrond regelt artikel 5, eerste lid, van het ontwerpbesluit dat kinderpornografisch materiaal en daarbij de behorende persoonsgegevens voor zover noodzakelijk voor de strafvordering of bestuursrechtelijke procedure niet langer zal worden bewaard dan voor die doeleinden noodzakelijk en in ieder geval niet langer dan een jaar na de laatste verwerking. De regering vindt deze bewaartermijn passend, omdat dan ook de termijn voor het instellen van vervolgprocedures zal zijn verstreken, zo stelt de toelichting. (zie noot 10) Daarnaast is in het kader van de uitvoerbaarheid door de ATKM aangesloten bij de bewaartermijn die geldt op grond van de Uitvoeringswet verordening terroristische online-inhoud (hierna: Uitvoeringswet TOI-Verordening). (zie noot 11)
De Afdeling onderschrijft het belang van een regeling die gericht is op het behoud van kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens met het oog op een eventuele bestuursrechtelijke of strafrechtelijke procedure. Vanwege de rol die de ATKM heeft ten aanzien van zowel online kinderpornografisch materiaal als terroristische online-inhoud, begrijpt zij tevens de keuze om de bewaartermijnen onder het voorliggende besluit en de Uitvoeringswet TOI-verordening op elkaar te laten aansluiten.
Niettemin wijst de Afdeling erop dat de gekozen constructie, waarbij de peildatum van de bewaartermijn steeds opnieuw aanvangt na een laatste verwerking, het risico met zich brengt dat (bijzondere) persoonsgegevens van zeer gevoelige aard aanmerkelijk langer worden bewaard dan de beoogde maximale termijn van een jaar. Om te voorkomen dat de lengte van de termijn in de praktijk te zeer afhankelijk wordt van verwerkingshandelingen van de verwerkingsverantwoordelijke én met het oog op de rechtszekerheid van alle betrokkenen, dient naar het oordeel van de Afdeling een objectief vast te stellen bewaartermijn te worden geregeld. (zie noot 12)
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een aantal opmerkingen bij het ontwerpbesluit en adviseert daarmee rekening te houden voordat een besluit wordt genomen.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 07 april 2026
Reactie op punt 2 van het advies
De Afdeling benadrukt terecht het belang dat voorkomen dient te worden dat de lengte van bewaartermijnen te afhankelijk wordt van verwerkingshandelingen van de verwerkingsverantwoordelijke, nu dit het risico met zich brengt dat gegevens aanmerkelijk langer worden bewaard dan beoogd en daardoor het beginsel van opslagbeperking zou kunnen worden uitgehold.
Gelet op het bovenstaande wordt de bewaartermijn in artikel 5, eerste lid, van het Besluit, en de bijbehorende toelichting, aangepast. Geregeld wordt dat het materiaal, en bijbehorende gegevens, niet langer wordt bewaard dan voor de genoemde doeleinden noodzakelijk en in ieder geval niet langer dan een jaar nadat een door de ATKM genomen besluit naar aanleiding van het betreffende kinderpornografisch materiaal onherroepelijk is geworden.
De bovenstaande bepaling leidt tot een objectieve bewaartermijn, die niet (langer) afhankelijk is van (verwerkings)handelingen van de ATKM, en die het voor betrokkenen inzichtelijker maakt tot welk moment het materiaal uiterlijk zal worden bewaard. Tegelijkertijd stelt deze bepaling de ATKM in staat het materiaal te bewaren zolang dit voor hen nodig is voor de uitoefening van hun taken, in verband met de strafvordering of bestuursrechtelijke procedures.
Ik bied U hierbij het gewijzigde ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting aan en verzoek U overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Justitie en Veiligheid
Voetnoten
(1) De ATKM heeft vergelijkbare taken en bevoegdheden met betrekking tot de ontoegankelijkmaking van terroristische online-inhoud. Die taken en bevoegdheden vloeien voort uit de Verordening inzake het tegengaan van de verspreiding van terroristische online-inhoud en zijn vervat in de artikelen 11-13 van de Uitvoeringswet verordening terroristische online-inhoud.
(2) De artikelen 7 en 8 van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal.
(3) Artikel 9 van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal.
(4) Artikel 9, zesde lid, van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal.
(5) Zie voorgesteld artikel 2 van het ontwerpbesluit.
(6) Artikel 12 van de Wet bestuursrechtelijke aanpak online kinderpornografisch materiaal.
(7) Zie voorgesteld artikel 5, eerste lid, van het ontwerpbesluit.
(8) Zie voorgesteld artikel 5, tweede lid, van het ontwerpbesluit.
(9) Nota van toelichting, paragraaf 3 ‘Behoud van kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens’.
(10) Nota van toelichting, paragraaf 3 ‘Behoud van kinderpornografisch materiaal en de daarbij behorende persoonsgegevens’.
(11) Artikel 6, derde lid, Uitvoeringswet TOI-verordening.
(12) De Afdeling heeft eerder in deze zin geadviseerd over een constructie waarbij de bewaartermijn wordt gekoppeld aan de laatste verwerking. Zie het advies over de Wet gemeentelijk toezicht seksbedrijven (W16.23.00391/II), 17 april 2024, punt 4b. Zie ook de Autoriteit Persoonsgegevens, Advies over wetsvoorstel gemeentelijk toezicht seksbedrijven, 23 mei 2023, p. 7. De AP wees erop dat een constructie als deze het beginsel van opslagbeperking (artikel 5, aanhef en onder e, van de AVG) uitholt.