Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 125.505
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

202404429/1/A2

Bij besluit van 23 augustus 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam de kosten van spoedeisende bestuursdwang van € 1.386,90 op [appellant] verhaald. Op 20 mei 2022 is in de kelder van het pand aan de [locatie] in Rotterdam een hennepkwekerij aangetroffen. Vanwege de gevaren voor de omgeving en omwonenden is spoedeisende bestuursdwang toegepast en is de hennepkwekerij direct ontmanteld. Volgens de rechtbank heeft het college [appellant] terecht aangemerkt als overtreder, als bedoeld in artikel 5:25 van de Algemene wet bestuursrecht, van het bepaalde in artikel 1a, tweede lid, van de Woningwet, zoals die bepaling ten tijde van de besluitvorming luidde. [appellant] had ten tijde van de overtreding een huurovereenkomst en een overeenkomst voor de levering van energie voor de woning afgesloten en was, ondanks dat hij destijds al geruime tijd in detentie zat, in de basisregistratie personen nog steeds op dat adres ingeschreven.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:465
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202404429/1/A2

202405116/1/R3

Bij besluit van 22 maart 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam ten behoeve van het bestemmingsplan "Mallegat" hogere waarden als bedoeld in artikel 110a van de Wet geluidhinder vastgesteld. Bij besluit van 11 juli 2024 heeft de raad van de gemeente Rotterdam het bestemmingsplan "Mallegat" vastgesteld. Het plan voorziet in de bouw van een woontoren (Mallegatplot) met een hoogte van 76 m en maximaal 193 appartementen aan de Persoonshaven in de wijk Feijenoord in Rotterdam. Ten noorden van het plangebied ligt verzorgingshuis De Steenplaat en ten zuiden ervan het Mallegatpark. Aan de oostzijde wordt het plangebied begrensd door de rivier de Nieuwe Maas, en aan de westzijde van het plangebied staan woningen aan de Persoonshaven. [appellant sub 2] woont aan de [locatie 1] in Rotterdam, op een afstand van ongeveer 70 m tot het plangebied. [appellant sub 3] woont aan de [locatie 2] in Rotterdam op ongeveer 1,1 km tot het plangebied. [appellant sub 3] heeft een zienswijze over het ontwerpplan naar voren gebracht. [appellant sub 2] en [appellant sub 3] vrezen dat de voorziene ontwikkeling leidt tot een verslechtering van hun woon- en leefklimaat.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:495
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Zuid-Holland
  • uitspraakin de zaak202405116/1/R3

202405682/1/A3

Bij uitspraak van 4 juli 2023 heeft de rechtbank het door [appellant] ingestelde beroep wegens het niet tijdig bekendmaken van een beschikking van rechtswege ongegrond verklaard. [appellant] heeft in augustus 2020 een verzoek op grond van de Wet openbaarheid van bestuur ingediend. Omdat ingebrekestellingen niet hebben geresulteerd in een besluit, heeft hij de inspecteur op 29 januari 2021 verzocht om hem van rechtswege de maximale bestuurlijke dwangsom uit te betalen. De inspecteur heeft bij brief van 5 februari 2021 geweigerd een dwangsombeschikking als bedoeld in artikel 4:18 van de Algemene wet bestuursrecht te nemen. [appellant] heeft volgens de inspecteur namelijk een Wob-verzoek ingediend en in dat soort zaken is paragraaf 4.1.3.2 van de Awb niet van toepassing, zodat op grond van artikel 15 van de Wob geen dwangsom verschuldigd kan zijn in verband met het niet tijdig beslissen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:458
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202405682/1/A3

202406392/1/A2

Bij brief van 10 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Molenlanden geweigerd een besluit te nemen op een verzoek van [appellant] om de Veelschrijversrichtlijn gemeente Molenlanden 2019 in te trekken of aan te passen. [appellant] woont aan de Nolweg in Schelluinen naast een melkveehouderij. In 2015 heeft de melkveehouderij een nieuwe stal gebouwd. Volgens het college heeft [appellant] vanaf de voorbereidingen voor die nieuwe stal in 2013 veel klachten en (handhavings)verzoeken bij het college ingediend over de bedrijfsvoering van de melkveehouderij. [appellant] heeft het college primair verzocht om de Veelschrijversrichtlijn in te trekken. Subsidiair heeft hij het college verzocht de van toepassing verklaring van de Veelschrijversrichtlijn op het ‘kader handelswijze dossier Nolweg, Schelluinen’ in te trekken en dat dossier te vernietigen. Het college heeft het primaire verzoek alsnog afgewezen, omdat het belang van handhaving van de Veelschrijversrichtlijn zwaarder weegt dan het belang van [appellant] om die richtlijn in te trekken.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:478
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202406392/1/A2

202407679/1/A2

Bij besluit van 18 april 2024 heeft de minister voor Primair en Voortgezet Onderwijs de aanvraag van OMO om een cursus internationaal georiënteerd voortgezet onderwijs in aanmerking te brengen voor bekostiging, afgewezen. OMO voert primair aan dat de bij haar aanvraag overgelegde prognose van het aantal leerlingen voldoende behoefte aan haar aanbod, als bedoeld in de beleidsregel, van IGVO aantoont. Het maken van een onderscheid tussen IB CP en IB DP-leerlingen is op grond van de beleidsregel niet vereist. Daarnaast wordt IB CP sinds kort bekostigd aangeboden in Nederland, zodat de staatssecretaris niet uit kan gaan van een aandeel van 10 procent van IB CP-leerlingen, welk percentage de staatssecretaris uit de weinige beschikbare data heeft afgeleid.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:467
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • Geld
  • Onderwijs
  • uitspraakin de zaak202407679/1/A2

202408075/1/A3

Bij besluit van 4 juli 2023 heeft de burgemeester van Den Haag de woning aan de [locatie] in Den Haag voor drie maanden gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet. [appellant] huurde een woning aan de [locatie] in Den Haag. De burgemeester heeft [appellant] een last onder bestuursdwang opgelegd, inhoudende de tijdelijke sluiting van de woning voor drie maanden ingaande 11 juli 2023 om 11:00 uur en eindigend op 11 oktober 2023 om 11:00 uur, op grond van artikel 13b van de Opiumwet. De sluiting van de woning berust op een op ambtseed/ambtsbelofte opgemaakte bestuurlijke rapportage van de politie van 30 mei 2023. In de bestuurlijke rapportage van 30 mei 2023 staat dat in de periode van 15 december 2022 tot en met 24 mei 2023 diverse incidenten hebben plaatsgevonden, waaronder aan drugs gerelateerde overlast. Het onderzoek van de politie doet de burgemeester ernstig vermoeden dat in de woning structureel wordt gehandeld in verdovende middelen en/of verdovende middelen worden verstrekt. De burgemeester baseert zich daarbij op de verklaringen van buurtbewoners die bij de politie meldingen hebben gemaakt van aan drugshandel gerelateerde overlast.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:477
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
  • uitspraakin de zaak202408075/1/A3

202500326/1/A3

Bij brief van 26 augustus 2022 heeft de bewaarder van het kadaster en de openbare registers een klacht van [appellante] over de reconstructie van de grenzen van het perceel aan [locatie] in Barneveld afgewezen. [appellante] is op 12 juni 2020 eigenaar geworden van het perceel aan [locatie] in Barneveld, dat sinds 1926 in eigendom is van haar familie. [appellante] heeft op 11 januari 2022 om een grensreconstructie verzocht, omdat zij een schutting wil plaatsen op het perceel en het haar niet duidelijk is waar de perceelgrenzen precies lopen. Op 15 februari 2022 heeft de gevraagde grensreconstructie plaatsgevonden. Tijdens deze grensreconstructie is vastgesteld dat de noord- en westgrens van het perceel niet correct zijn weergegeven op de kadastrale kaart en dat deze daarom moet worden herzien. Bij brief van 26 augustus 2022 heeft de bewaarder [appellante] te kennen gegeven dat de grenscorrectie goed is uitgevoerd en heeft hij de klacht van [appellante] over de grenscorrectie afgewezen. [appellante] heeft hiertegen bezwaar gemaakt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:497
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige
  • uitspraakin de zaak202500326/1/A3

202502474/1/A2

Bij besluit van 1 februari 2024 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam de aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. appellant] is dakloos geworden nadat hij in 2023 is gescheiden van zijn ex-partner. Hij heeft tijdelijke opvang gekregen in de noodopvang, maar deze plek is volgens hem niet passend gelet op zijn medische problematiek. Hij heeft daarom een urgentieverklaring aangevraagd om met voorrang in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:466
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202502474/1/A2

202502764/1/A2

Bij besluit van 1 januari 2024 heeft de raad de aan [appellante] verleende toevoeging ingetrokken. Op 4 februari 2021 heeft [partij] namens [appellante] bij de raad een aanvraag ingediend om toevoeging voor rechtsbijstand voor de echtscheidingsprocedure van [appellante]. Bij besluit van 9 februari 2021 heeft de raad deze aanvraag ingewilligd. Bij aanvraag van 25 september 2023 heeft [partij] de raad verzocht om vergoeding van de door haar verleende rechtsbijstand aan [appellante] en daarbij een financieel resultaat vermeld van € 30.000,00. Bij brief van 21 november 2023 heeft de raad [appellante] geïnformeerd over het voornemen om de toevoeging in te trekken. Hierop heeft [appellante] een zienswijze naar voren gebracht. Bij besluit van 1 januari 2024 heeft de raad de toevoeging ingetrokken. De raad heeft het daartegen ingestelde bezwaar ongegrond verklaard. Bij de beslissing om de toevoeging in te trekken is volgens de raad leidend dat [appellante] een vordering met betrekking tot een geldsom heeft die boven het drempelbedrag ligt. In de door [appellante] naar voren gebrachte omstandigheden heeft de raad geen zwaarwegende omstandigheden gezien die zich verzetten tegen de vordering.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:476
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Rechtsbijstand
  • uitspraakin de zaak202502764/1/A2

202502811/1/A3

Bij besluit van 24 april 2024 heeft de burgemeester van Hillegom de woning aan de [locatie] in Hillegom voor zes maanden gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet. [appellante] huurde een woning aan de [locatie] in Hillegom. De burgemeester heeft [appellante] een last onder bestuursdwang opgelegd, inhoudende de tijdelijke sluiting van de woning voor zes maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet overeenkomstig de door hem vastgestelde Beleidsregel Damoclesbeleid gemeente Hillegom - 2023. De sluiting is ingegaan op 27 juni 2024 om 10:00 uur. Met het besluit van 24 september 2024 heeft de burgemeester de sluitingsduur teruggebracht naar drie maanden, waardoor de sluiting is geëindigd op 27 september 2024 om 11:00 uur en [appellante] weer terug kon naar haar woning. Niet in geschil is dat de burgemeester bevoegd was om de woning te sluiten. In hoger beroep staat alleen de evenredigheid van de woningsluiting ter discussie.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:475
Datum uitspraak
28 januari 2026
  • Hoger beroep
  • Drugs
  • uitspraakin de zaak202502811/1/A3
vorige pagina1...279280281...12.551volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon