Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken

Uitspraken

De Afdeling bestuursrechtspraak toetst of de overheid het recht goed heeft toegepast bij het nemen van een besluit. In dit onderdeel vindt u alle uitspraken die de Raad van State op zijn website publiceert. Meer informatie over de taak van de Afdeling bestuursrechtspraak vindt u in de rubriek Bestuursrechtspraak.


aantal resultaten: 125.355
aantal resultaten per pagina

Toon overzicht van de actuele uitspraken:

  • Hoofdzaken
  • Voorlopige voorzieningen
  • Interessant voor de media

BRS.25.000710

Bij besluiten van 21 maart 2025 heeft de minister aanvragen van appellanten om hun een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. Bij uitspraak van 5 juni 2025 heeft de rechtbank de daartegen door appellanten ingestelde beroepen ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben appellanten, vertegenwoordigd door mr. S.A.S. Jansen, advocaat in Apeldoorn, hoger beroep ingesteld.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2788
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Asiel
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000710

BRS.25.000712

Bij besluit van 10 januari 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van betrokkene om afgifte van een document als bedoeld artikel 9, eerste lid, van de Vw 2000, waaruit rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan blijkt, ingewilligd. Bij besluit van 21 december 2023 heeft de staatssecretaris het daartegen door betrokkene gemaakte bezwaar ongegrond verklaard. Bij uitspraak van 20 mei 2025 heeft de rechtbank het daartegen door betrokkene ingestelde beroep gegrond verklaard, dat besluit vernietigd en bepaald dat de minister binnen zes weken na de dag van verzending van de uitspraak met inachtneming ervan een nieuw besluit op het gemaakte bezwaar neemt.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2783
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Voorlopige voorziening
  • Regulier
  • uitspraakin de zaakBRS.25.000712

202200497/1/R4

Bij besluit van 23 november 2021 heeft de raad van de gemeente Beuningen het bestemmingsplan "Windpark Beuningen" vastgesteld. Bij besluit van 13 december 2021 heeft het college van B en W een omgevingsvergunning verleend als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a en e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voor de bouw en het oprichten en in werking hebben van een windpark met vijf windturbines. Bij besluit van 13 december 2021 heeft het college van GS een ontheffing verleend voor het overtreden van verbodsbepalingen van de Wet natuurbescherming als gevolg van de aanleg en het in gebruik hebben van een windpark met vijf windturbines. De gecoördineerd voorbereide besluiten maken de ontwikkeling en het gebruik van het windpark Beuningen mogelijk. Het windpark bestaat uit vijf windturbines met een maximale tiphoogte van 245 m. Het windpark is gelegen in de gemeente Beuningen, ten zuiden van de A73 en ter hoogte van het knooppunt Ewijk, waar de A73 en de A50 elkaar kruisen. De windturbines zijn parallel aan de A73 voorzien. De windturbineopstelling wordt onderbroken door de A50, met ten westen daarvan twee windturbines en ten oosten daarvan drie windturbines.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2855
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • Natuurbescherming
  • RO - Gelderland
  • uitspraakin de zaak202200497/1/R4

202203001/1/R2

Bij besluit van 17 februari 2022 heeft de raad van de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten het bestemmingsplan "Eeneind 2018" vastgesteld. Het plan betreft een actualisatie van de bestemmingsplannen in het dorp Eeneind in de gemeente Nuenen, Gerwen en Nederwetten. Het plangebied beslaat onder andere de ten zuiden van de kern Nuenen gelegen dorpskern Eeneind, alsmede de bedrijventerreinen die zich gaandeweg ten zuiden van de spoorlijn tussen Eindhoven en Helmond hebben ontwikkeld. [gemachtigde B] en [gemachtigde A] wonen aan de Kruisakker 8 in Nuenen. [gemachtigde B] is eigenaar van de gronden, kadastraal bekend gemeente Nuenen, sectie C, nrs. 3465, 3466, ,3468, 3469, 3470, 3892, 3894, 3895 en 4232. [appellante] exploiteert hier een autobeklederij. Zij vreest dat haar bedrijfsvoering door de verwezenlijking van het plan wordt beperkt. [appellante] betoogt dat onduidelijk is welke milieucategorie van bedrijven op het perceel 3469 is toegestaan. Zij wijst erop dat aan dit perceel niet de aanduiding "bedrijf tot en met categorie 3.2" is toegekend, maar wel de aanduidingen "specifieke vorm van gemengd - autobeklederij" en "specifieke vorm van gemengd - caravanstalling".

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2840
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • RO - Noord-Brabant
  • uitspraakin de zaak202203001/1/R2

202204871/1/A3

Bij besluit van 4 juni 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Dordrecht het verzoek van [appellant] om zich tijdelijk te mogen laten vervangen op de zaterdagmarkt in Dordrecht door [persoon] afgewezen. In een besluit van 9 oktober 2013 heeft het college aan [appellant] een standplaatsvergunning verleend voor een marktstandplaats voor de zaterdagmarkt in de gemeente Dordrecht. De vader van [appellant] is vergunninghouder van een standplaats op een markt in Brabant. De vader van [appellant] is echter op leeftijd en heeft gezondheidsproblemen. Een besmetting met het coronavirus kan hem fataal zijn. [appellant] wil zijn vader daarom graag vervangen op de markt in Brabant. Om die reden heeft [appellant] op 14 mei 2020 een verzoek bij het college ingediend om zich op de zaterdagmarkt in Dordrecht te laten vervangen door [persoon]. In een besluit van 4 juni 2020 heeft het college dit verzoek afgewezen, omdat volgens de Marktverordening een vergunninghouder zich alleen in geval van vakantie of bijzondere omstandigheden kan laten vervangen. Van een bijzondere omstandigheid is volgens het college geen sprake.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2851
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Verordeningen
  • uitspraakin de zaak202204871/1/A3

202205291/1/A3

Bij besluit van 1 juli 2020 heeft de burgemeester van Gouda de aan [appellant] verleende exploitatievergunning en drank- en horecavergunning voor het horecabedrijf ‘[naam horecabedrijf]’ in Gouda ingetrokken. [appellant] is eigenaar van [horecabedrijf]. Uit een bestuurlijke rapportage van 28 maart 2019, opgemaakt in het kader van het landelijk strafrechtelijk onderzoek ‘Kassa’ van de Kansspelautoriteit, blijkt dat er een cash center in [horecabedrijf] in beslag is genomen. Bij de doorzoeking van het pand heeft de politie tevens een plastic zakje met 9,7 gram hasj aangetroffen. De burgemeester heeft op 4 september 2019 besloten [horecabedrijf] te sluiten voor de duur van negen maanden op grond van artikel 13b van de Opiumwet en artikel 2:17, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening Gouda 2009. Vervolgens heeft de burgemeester op 1 juli 2020 de exploitatievergunning en DHW-vergunning ingetrokken. De Afdeling heeft in haar uitspraak van 6 juli 2022 (ECLI:NL:RVS:2022:1916) geoordeeld dat de burgemeester op grond van de Opiumwet het pand mocht sluiten. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de burgemeester mocht overgaan tot intrekking van de vergunningen.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2859
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Drank en horeca
  • uitspraakin de zaak202205291/1/A3

202206670/1/R4

Bij besluit van 13 april 2021 heeft het college aan [appellant B] een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van zeven appartementen en twaalf herenhuizen inclusief commerciële ruimten aan de Spinaker 1 t/m 37 (oneven nummers) in Loosdrecht. [appellant B] heeft op 24 november 2020 een aanvraag ingediend voor het realiseren van zeven appartementen en twaalf herenhuizen, waarvan een deel gecombineerd met commerciële ruimten op de begane grondlaag, op de bouwlocatie. Het project op de bouwlocatie maakt deel uit van het project "Porseleinhaven 3e fase". Ter plaatse gelden de bestemmingsplannen "Dorpscentrum Oud-Loosdrecht" (hierna: het bestemmingsplan) en "Parapluplan Parkeren Wijdemeren 2019". [appellant A] is het niet eens met het besluit van 19 oktober 2021. Hij vreest dat er als gevolg van het bouwplan onvoldoende parkeerplaatsen overblijven voor de jachthaven die hij wenst te realiseren.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2853
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Tussenuitspraak/bestuurlijke lus
  • Bouwen
  • uitspraakin de zaak202206670/1/R4

202206745/1/A3

Bij besluiten van 17 december 2020 heeft de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap beslist op verzoeken van het kerkgenootschap en anderen om openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur en documenten openbaar gemaakt. Het kerkgenootschap en anderen hebben de minister in de periode van eind oktober tot en met begin november 2020 bij afzonderlijke brieven verzocht om op grond van de Wob documenten openbaar te maken over het door de Universiteit Utrecht verrichte onderzoek naar seksueel misbruik en aangiftebereidheid binnen het kerkgenootschap, dat heeft geleid tot het rapport Seksueel misbruik en aangiftebereidheid binnen de gemeenschap van Jehova’s Getuigen van 11 december 2019. Het kerkgenootschap en anderen betogen dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de minister voldoende inzicht heeft gegeven in hoe hij naar relevante documenten heeft gezocht. Hierbij voeren zij aan dat de minister alleen heeft gezocht naar correspondentie van en naar het ministerie, terwijl de verzoeken ook zien op notities, agenda’s, gespreks- of telefoonnotities, rapportages, beoordelingen, WhatsApp-berichten en sms-berichten.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2839
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202206745/1/A3

202300248/1/V6

Bij besluit van 11 januari 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een verzoek van [appellant] om hem het Nederlanderschap te verlenen afgewezen. [appellant] stelt van Palestijnse afkomst te zijn en geboren te zijn op [geboortedatum 1] 1981 in Rafah in de Gazastrook. In 1997 is hij naar Nederland gekomen. In 2007 is hij in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning op grond van de Regeling Afwikkeling Nalatenschap Oude Vreemdelingenwet. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft het verzoek afgewezen, omdat hij twijfelt aan de identiteit en nationaliteit van [appellant]. De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft zich daarbij gebaseerd op een individueel ambtsbericht van het Ministerie van Buitenlandse Zaken van 16 maart 1999. In dit ambtsbericht staat dat [appellant] is geboren op [geboortedatum 2] 1973 en niet op de door hem opgegeven geboortedatum van [geboortedatum 1] 1981.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2844
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Nederlanderschap
  • uitspraakin de zaak202300248/1/V6

202301116/1/A3

Bij besluit van 27 augustus 2020 heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een verzoek van [appellant] om, voor zover hier van belang, openbaarmaking van informatie op grond van de Wet openbaarheid van bestuur afgewezen. Bij brief van 10 juli 2020 heeft [appellant] de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport verzocht om alle beslissingen van de Tuchtcolleges voor de Gezondheidszorg van voor 2010 op grond van de Wob openbaar te maken. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte het standpunt van de minister heeft onderschreven dat de Wob niet van toepassing is op de beslissingen van de tuchtcolleges. Hierbij voert hij aan dat de minister afschriften van de beslissingen in bezit heeft en dat het van belang is, onder meer vanuit het oogpunt van het recht op een eerlijk proces, dat een ieder, en met name degenen die onder het medisch tuchtrecht vallen, daarvan kennis kunnen nemen. Verder wijst hij erop dat het hier niet gaat om een verzoek aan de tuchtcolleges op grond van artikel 77 van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg maar om een Wob-verzoek aan de minister. Hij verzoekt de Afdeling om over de zaak advies te vragen aan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2838
Datum uitspraak
25 juni 2025
  • Hoger beroep
  • Openbaarheid
  • uitspraakin de zaak202301116/1/A3
vorige pagina1...603604605...12.536volgende pagina

Facetten
Gepubliceerd
  • Uitspraken uit
Type uitspraak
Proceduresoort
Rechtsgebied
Bevat

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon