Advies over wetsvoorstel om herschikkingsrichtlijn energie-efficiëntie te implementeren
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft op 15 oktober 2025 het advies vastgesteld over het voorstel van de regering om de herschikkingsrichtlijn energie-efficiëntie (EED) te implementeren en de Wet uitvoering EU-handelingen energie-efficiëntie, de Energiewet en de Warmtewet te wijzigen. Met de EED wordt een stap gezet op weg naar klimaatneutraliteit in 2050, waarin energie-efficiëntie en energiebesparing een grote rol spelen. Het advies is op 13 oktober 2025 gepubliceerd op de website van de Raad van State.
Inhoud van de richtlijn
De EED bevat verschillende instrumenten die moeten leiden tot een verdere energiebesparing en die verdere energie-efficiëntie mogelijk maken. Hiertoe is bij de herschikking een aantal nieuwe instrumenten geïntroduceerd en een aantal bestaande instrumenten gewijzigd. Voor 11 oktober 2025 diende de Europese richtlijn te worden omgezet in nationale wet- en regelgeving. Deze termijn is dus inmiddels verstreken.
Energie-efficiëntiestreefcijfers
De belangrijkste wijziging in de EED is de verhoging van de energie-efficiëntiestreefcijfers van de Europese Unie. Om deze streefcijfers te halen is een verlaging van het energieverbruik in de EU nodig. De energie-efficiëntiestreefcijfers stellen namelijk een plafond op het maximale energieverbruik van de EU in 2030. Om onder dit plafond te blijven, moet het energieverbruik in de lidstaten afnemen. Daarom moet iedere lidstaat zogenoemde indicatieve nationale besparingsbijdragen vaststellen.
Energie-efficiëntie-eerstbeginsel
Daarnaast introduceert de EED het energie-efficiëntie-eerstbeginsel. Hiermee wordt de basis gelegd voor het integreren van energie-efficiëntie in beleid, planning en investeringen die gevolgen hebben voor het energieverbruik of de energievoorziening. Om de vraag naar energie en de energievoorziening efficiënter te maken, moet in energieplanning en bij besluiten over energiebeleid en -investeringen zoveel mogelijk rekening worden gehouden met alternatieve energie-efficiëntiemaatregelen die kostenefficiënt zijn.
Advies
Allereerst is het volgens de Afdeling onduidelijk of de nationale besparingsbijdragen worden gehaald. Hierdoor is niet vast te stellen of de toepassing van de EED wel voldoende is verzekerd. Het advies is om meer inzicht te geven in de wijze waarop de nationale besparingsbijdragen worden gehaald en zo nodig het wetsvoorstel aan te vullen. Daarnaast moeten voor een goede implementatie van het energie-efficiëntie-eerstbeginsel meer maatregelen worden genomen dan enkel het voorliggende wetsvoorstel. Het beginsel geldt voor de sector energiesystemen en de overige sectoren voor zover deze een impact hebben op energieverbruik en energie-efficiëntie. Het is alleen niet duidelijk hoe ervoor wordt gezorgd dat het energie-efficiëntie-eerstbeginsel in die sectoren zal worden toegepast en gehandhaafd. Daarom is het advies om te verduidelijken in hoeverre dit lukt met bestaande regelgeving en of nieuwe regelgeving nodig is.

Lees hier het hele advies van de Afdeling advisering.