Prejudiciële vragen over signalering in het Schengeninformatiesysteem
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in een verwijzingsuitspraak van vandaag (16 juli 2025) zogenoemde prejudiciële vragen gesteld aan het Europese Hof van Justitie in Luxemburg. Zij wil in een rechtszaak over de Brit David Icke van het Europese Hof weten of de minister van Asiel en Migratie hem mag weren uit het Schengengebied, omdat hij een potentiële bedreiging voor de openbare orde zou zijn.
Achtergrond
David Icke werd in 2022 uitgenodigd om te spreken bij een demonstratie in Amsterdam. Deze uitnodiging leidde tot verontwaardiging bij verschillende organisaties en groepen in Nederland. Ook werden er drie tegendemonstraties aangekondigd bij de gemeente Amsterdam. Om de demonstratie in goede banen te leiden, heeft de Amsterdamse politie onderzoek naar hem gedaan en een informatierapport opgesteld. Daarin concludeert zij dat het niet ondenkbaar is dat zijn komst zou leiden tot verstoring van de openbare orde. Op basis van het informatierapport en uitspraken die Icke in documentaires, speeches en zijn boeken heeft gedaan, heeft de minister van Asiel en Migratie hem als een potentiële bedreiging voor de openbare orde aangemerkt. Daarom heeft de minister hem voor twee jaar gesignaleerd in het zogenoemde Schengeninformatiesysteem (SIS).
SIS
Het SIS is een informatie-uitwisselingsysteem voor veiligheid en grensbeheer in Europa. Met de SIS-signalering kunnen Schengenlanden David Icke de toegang tot hun land weigeren. Hij is het daar niet mee eens en is tegen de SIS-signalering in beroep gekomen. Hij vindt dat de minister hem niet had mogen signaleren in het SIS, omdat hij niet wordt verdacht van het plegen van een strafbaar feit. Ook vindt hij dat de Europese regelgeving op basis waarvan de minister hem in het SIS heeft gesignaleerd, in zijn geval hiervoor geen grondslag biedt.
Wanneer mag de minister een vreemdeling signaleren in het SIS?
De Europese regels voor de SIS-signalering lijken de minister veel ruimte te geven om te beoordelen of een vreemdeling een bedreiging voor de openbare orde vormt. Maar de Afdeling bestuursrechtspraak weet dit niet zeker. Daarom wil zij van het Europese Hof weten of een recente wijziging van de tekst van de Europese regelgeving ervoor heeft gezorgd dat de minister minder vaak dan vroeger een vreemdeling mag signaleren in het SIS. Ook wil de Afdeling bestuursrechtspraak weten welke omstandigheden de minister mag betrekken bij de beoordeling of een vreemdeling een bedreiging vormt voor de openbare orde.
Schorsing van de behandeling
De Afdeling bestuursrechtspraak schorst de verdere behandeling van deze zaak in afwachting van de antwoorden van het Hof van Justitie in Luxemburg. Daarna zet de Afdeling bestuursrechtspraak de behandeling van de zaak voort en zal zij definitief uitspraak doen in deze zaak.

Lees hier de hele verwijzingsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak met zaaknummer 202306441/1.