Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 201403810/2/R1

Uitspraak 201403810/2/R1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2014:2465
Datum uitspraak
26 juni 2014
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 11 maart 2014 heeft de raad het bestemmingsplan "Woningbouw Beatrixstraat" vastgesteld.
  • Voorlopige voorziening
  • RO - Limburg

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

201403810/2/R1.
Datum uitspraak: 26 juni 2014

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen onder meer:

[verzoeker], wonend te Ouderkerk aan de Amstel, gemeente Amstelveen,

en

de raad van de gemeente Horst aan de Maas,
verweerder.

Procesverloop

Bij besluit van 11 maart 2014 heeft de raad het bestemmingsplan "Woningbouw Beatrixstraat" vastgesteld.

Tegen dit besluit heeft onder meer [verzoeker] beroep ingesteld. [verzoeker] heeft de voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

[verzoeker] heeft nadere stukken ingediend.

De voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 17 juni 2014, waar [verzoeker] en de raad, vertegenwoordigd door T.J.P.H. Raassens, werkzaam bij de gemeente, zijn verschenen.

Overwegingen

1. Het oordeel van de voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2. Het bestemmingsplan voorziet in woningbouwontwikkeling op een locatie tussen de Beatrixstraat en de Staarterstraat in Sevenum.

3. Vast staat dat [verzoeker] eigenaar is van een perceel in het buitengebied van Sevenum gelegen op een afstand van ongeveer 1,6 kilometer van het plangebied. [verzoeker] heeft aangevoerd dat hij van plan is om op zijn perceel vier koop- of huurwoningen op te richten. Deze woningen zijn bedoeld voor hetzelfde marktsegment als de in het bestemmingsplan voorziene woningen en liggen binnen hetzelfde verzorgingsgebied, aldus [verzoeker]. Volgens [verzoeker] is hij om die reden in de hoedanigheid van concurrent belanghebbende bij het bestemmingsplan.

4. De voorzitter is er niet van overtuigd dat [verzoeker] in de bodemprocedure als belanghebbende bij het bestemmingsplan zal worden aangemerkt. Dat [verzoeker] het plan heeft om woningen op zijn perceel op te richten is naar het voorlopig oordeel van de voorzitter onvoldoende concreet om hem als concurrent van de in het bestemmingsplan voorziene ontwikkeling aan te merken.

5. [verzoeker] heeft voorts toegelicht dat hij niet tegen de voorziene woningbouwontwikkeling is, maar dat het hem er om is te doen dat hiervoor een juiste bijdrage wordt geleverd aan het gemeentelijke kwaliteitsfonds. Niet valt in te zien dat een eventuele onjuiste bijdrage aan het kwaliteitsfonds niet op een later moment, na inwerkingtreding van het bestemmingsplan, kan worden gecorrigeerd. Dat de raad mogelijk een te lage bijdrage aan het kwaliteitsfonds in rekening heeft gebracht, wat hier verder ook van zij, biedt derhalve geen aanleiding om het bestemmingsplan te schorsen. [verzoeker] heeft niet aannemelijk gemaakt dat het bestemmingsplan vanwege een eventuele onjuiste bijdrage niet financieel uitvoerbaar zou zijn. Naar het oordeel van de voorzitter is derhalve met het verzoek ook geen spoedeisend belang gemoeid.

6. Gelet hierop bestaat aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

7. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. J.C. Kranenburg, als voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. J. Schaaf, ambtenaar van staat.

w.g. Kranenburg w.g. Schaaf
voorzitter ambtenaar van staat

Uitgesproken in het openbaar op 26 juni 2014

523.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon