Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200407065/2

Uitspraak 200407065/2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2004:AR5430
Datum uitspraak
3 november 2004
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 13 juli 2004 heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan [vergunninghouder] een revisievergunning als geregeld in artikel 8.4, eerste lid, van deze wet verleend voor een paardenhouderij annex paardenfokkerij op het perceel [locatie] te [plaats], kadastraal bekend gemeente Reeuwijk, sectie […], nummers […]. Dit besluit is op 15 juli 2004 ter inzage gelegd.
  • Voorlopige voorziening
  • Vee e.a. dieren

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200407065/2.
Datum uitspraak: 3 november 2004

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:

[verzoekers], wonend te [woonplaats],

en

het college van burgemeester en wethouders van Reeuwijk,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 13 juli 2004 heeft verweerder krachtens de Wet milieubeheer aan [vergunninghouder] een revisievergunning als geregeld in artikel 8.4, eerste lid, van deze wet verleend voor een paardenhouderij annex paardenfokkerij op het perceel [locatie] te [plaats], kadastraal bekend gemeente Reeuwijk, sectie […], nummers […]. Dit besluit is op 15 juli 2004 ter inzage gelegd.

Tegen dit besluit hebben verzoekers bij brief van 23 augustus 2004, bij de Raad van State ingekomen op 24 augustus 2004, beroep ingesteld.
Bij brief van 23 augustus 2004, bij de Raad van State ingekomen op 24 augustus 2004, hebben verzoekers de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.

De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 14 oktober 2004, waar verzoekers, waarvan [naam een der verzoekers] in persoon, en verweerder, vertegenwoordigd door E.S. ten Cate, ambtenaar van de gemeente, zijn verschenen.
Voorts is daar gehoord als partij vergunninghouder.

2. Overwegingen

2.1. Het oordeel van de Voorzitter heeft een voorlopig karakter en is niet bindend in de bodemprocedure.

2.2. Verzoekers vrezen voor (enkelvoudige) stankhinder als gevolg van de opslag van vaste mest op minder dan 50 meter afstand van hun woning.

2.2.1. Ingevolge voorschrift 4.12 moet vaste mest ten minste op een afstand van 50 meter van de woningen van derden worden opgeslagen.

Uit de van het bestreden besluit deel uitmakende tekening blijkt dat het grootste gedeelte van de mestplaat is gelegen binnen 50 meter van de gevel van een woning van een derde. Uit het verhandelde ter zitting is echter gebleken dat deze nog te realiseren mestplaat op ten minste 50 meter van de gevel van de woning van deze derde zal worden gerealiseerd. Gelet hierop ziet de Voorzitter geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.

2.3. In hetgeen verzoekers voor het overige hebben aangevoerd over geluid en de als gevolg van de opslag van mest te vrezen overlast van vliegen en ander ongedierte, ziet de Voorzitter, mede gelet op de aan deze vergunning verbonden voorschriften, geen aanleiding voor het treffen van een voorlopige voorziening.

2.4. Gelet hierop ziet de Voorzitter aanleiding het verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening af te wijzen.

2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

wijst het verzoek af.

Aldus vastgesteld door mr. H. Beekhuis, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P. Plambeck, ambtenaar van Staat.

w.g. Beekhuis w.g. Plambeck
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 3 november 2004

159-396.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon