Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200308400/1

Uitspraak 200308400/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2004:AQ1361
Datum uitspraak
14 juli 2004
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 15 november 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad (hierna: het college) geweigerd aan appellant bouwvergunning te verlenen voor het bouwen van een berging op het perceel [locatie] te [plaats].
  • Hoger beroep
  • Bouwen

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200308400/1.
Datum uitspraak: 14 juli 2004

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op het hoger beroep van:

[appellant], wonend te [woonplaats],

tegen de uitspraak van de rechtbank Haarlem van 4 november 2003 in het geding tussen:

appellant

en

het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad.

1. Procesverloop

Bij besluit van 15 november 2002 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zaanstad (hierna: het college) geweigerd aan appellant bouwvergunning te verlenen voor het bouwen van een berging op het perceel [locatie] te [plaats].

Bij besluit van 4 april 2003 heeft het college het daartegen door appellant gemaakte bezwaar ongegrond verklaard.

Bij uitspraak van 4 november 2003, verzonden op 6 november 2003, heeft de rechtbank Haarlem (hierna: de rechtbank) het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Deze uitspraak is aangehecht.

Tegen deze uitspraak heeft appellant bij brief van 12 december 2003, bij de Raad van State ingekomen op 14 december 2003, hoger beroep ingesteld. Deze brief is aangehecht.

Bij brief van 23 februari 2004 heeft het college van antwoord gediend.

De zaak is door een meervoudige kamer van de Afdeling verwezen naar een enkelvoudige.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 22 juni 2004, waar het college, vertegenwoordigd door mr. J.I. Jarmoc, ambtenaar der gemeente, is verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Het hoger beroep is gericht tegen het oordeel van de rechtbank dat het college terecht heeft geweigerd bouwvergunning te verlenen voor het oprichten van een berging op het perceel.

2.2. Anders dan appellante betoogt kan niet uit het feit dat binnen negen werkdagen na de behandeling ter zitting door de rechtbank uitspraak is gedaan worden afgeleid dat de aangevallen uitspraak onzorgvuldig zou zijn gedaan.

2.3. Appellant verwijst voorts naar hetgeen hij in bezwaar en beroep bij de rechtbank heeft aangevoerd. De rechtbank heeft echter op goede gronden geoordeeld dat het bouwplan voor de berging in strijd is met het ter plaatse geldende bestemmingsplan “Russische buurt”. Voorts heeft de rechtbank op goede gronden overwogen dat er geen grond is voor het oordeel dat het college niet in redelijkheid heeft kunnen weigeren ten behoeve van het bouwplan vrijstelling te verlenen.

De omstandigheid dat uit de overgelegde kadastrale kaart volgt dat – op een iets andere plaats - aan de zijgevel van het pand van appellant een berging heeft gestaan, betekent niet dat het college niets anders kon doen dan vrijstelling en bouwvergunning verlenen voor de nu aangevraagde berging.

2.4. Het hoger beroep is ongegrond. De aangevallen uitspraak dient te worden bevestigd.

2.5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

bevestigt de aangevallen uitspraak.

Aldus vastgesteld door mr. H. Troostwijk, Lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. P. Lodder, ambtenaar van Staat.

w.g. Troostwijk w.g. Lodder
Lid van de enkelvoudige kamer ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 14 juli 2004

17-439.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon