Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
    • Toespraken vice-president
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202503690/1/V1

Uitspraak 202503690/1/V1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2026:3442
Datum uitspraak
16 juni 2026
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 22 september 2023 heeft het COA de hoogte van de eigen bijdrage van appellant in de kosten van de opvang vastgesteld op € 3.183,62. Bij uitspraak van 27 mei 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A. Habib-Portier, advocaat in Oss, hoger beroep ingesteld.
  • Hoger beroep
  • Hoger Beroep - Overige

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202503690/1/V1.
Datum uitspraak: 16 juni 2026

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) op het hoger beroep van:

[appellant],
appellant,

tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats 's­Hertogenbosch, van 27 mei 2025 in zaak nr. 23/12393 in het geding tussen:

appellant

en

het Centraal Orgaan opvang asielzoekers.

Procesverloop

Bij besluit van 22 september 2023 heeft het COA de hoogte van de eigen bijdrage van appellant in de kosten van de opvang vastgesteld op € 3.183,62.

Bij uitspraak van 27 mei 2025 heeft de rechtbank het daartegen door appellant ingestelde beroep ongegrond verklaard.

Tegen deze uitspraak heeft appellant, vertegenwoordigd door mr. A. Habib-Portier, advocaat in Oss, hoger beroep ingesteld.

Het COA en appellant hebben op verzoek van de Afdeling nadere stukken ingediend.

Overwegingen

1.       Appellant heeft tegen het besluit van 22 september 2023 rechtstreeks beroep ingesteld. Hij heeft daarmee gevolg gegeven aan de rechtsmiddelenclausule onder dat besluit, die vermeldt dat tegen het besluit beroep kan worden ingesteld bij de rechtbank.

1.1.    Zoals volgt uit de uitspraak van de Afdeling van 14 januari 2026, ECLI:NL:RVS:2026:139, onder 4.1, staat tegen een besluit tot het vaststellen van een eigen bijdrage in de kosten van de opvang bezwaar open en geen rechtstreeks beroep bij de rechtbank. De rechtbank had daarom het door appellant ingestelde beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren, het beroepschrift moeten aanmerken als een bezwaarschrift en dat op grond van artikel 6:15 van de Awb, ter behandeling moeten doorsturen naar het COA.

1.2.    De Afdeling heeft bij brief van 20 mei 2026 partijen gevraagd of zij desondanks akkoord gaan met de inhoudelijke behandeling van het hoger beroep. Appellant heeft bij brief van 3 juni 2026 laten weten dat hij een herstart van de bezwaarfase wenst.

2.       Het hoger beroep is gegrond. De grieven behoeven geen bespreking. De Afdeling vernietigt de uitspraak van de rechtbank. De Afdeling verklaart het beroep alsnog niet-ontvankelijk. De Afdeling zal het beroepschrift van appellant doorsturen naar het COA voor verdere behandeling als bezwaarschrift (zie artikel 6:15 van de Awb). Het COA moet de proceskosten vergoeden, omdat het een onjuiste rechtsmiddelenclausule in het besluit heeft opgenomen.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.        verklaart het hoger beroep gegrond;

II.       vernietigt de uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats 's­Hertogenbosch, van 27 mei 2025 in zaak nr. 23/12393;

III.      verklaart het beroep niet-ontvankelijk;

IV.     veroordeelt het Centraal Orgaan opvang asielzoekers tot vergoeding van bij appellant in verband met de behandeling van het beroep en het hoger beroep opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 1.868,00, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. J.J.W.P. van Gastel, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. J. Verbeek, griffier.

w.g. Van Gastel
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Verbeek
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 16 juni 2026

1078


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon