Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202300880/2/A2

Uitspraak 202300880/2/A2

ECLI
ECLI:NL:RVS:2025:2660
Datum uitspraak
12 juni 2025
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 25 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam van burgemeester en wethouders van Amsterdam het door [appellant A] en [appellant B] gemaakte bezwaar tegen de wijziging van de inrichting van de toegangsweg naar het [locatie] in Amsterdam niet-ontvankelijk verklaard. [appellant A] en [appellant B] hebben bezwaar gemaakt tegen de wijziging van de inrichting van de toegangsweg, omdat daardoor parkeerplaatsen zijn verwijderd die zij stellen te gebruiken voor hun bedrijfsvoering. De rechtbank heeft overwogen dat het college onvoldoende heeft onderzocht of voor die verwijdering een verkeersbesluit nodig was.
  • Hoger beroep
  • Vereenvoudigde behandeling
  • Wegenverkeerswet

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202300880/2/A2.
Datum uitspraak: 12 juni 2025

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak na vereenvoudigde behandeling (artikel 8:54 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: de Awb)) op het hoger beroep van:

[appellant A] (hierna: [appellant A]), gevestigd in Badhoevedorp, gemeente Haarlemmermeer, en [appellant B], wonend in Amsterdam,
appellanten,

tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 29 december 2022 in zaak nr. 21/2605 in het geding tussen:

[appellant A] en [appellant B]

en

het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam.

Procesverloop

Bij besluit van 25 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam het door [appellant A] en [appellant B] gemaakte bezwaar tegen de wijziging van de inrichting van de toegangsweg naar het [locatie] in Amsterdam niet-ontvankelijk verklaard.

Bij uitspraak van 29 december 2022 heeft de rechtbank het door [appellant A] en [appellant B] daartegen ingestelde beroep gegrond verklaard, het besluit van 25 maart 2021 vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen op het bezwaar. Ook heeft de rechtbank de Staat der Nederlanden veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding aan [appellant A] en [appellant B] vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

Tegen deze uitspraak hebben [appellant A] en [appellant B] hoger beroep ingesteld.

Het college heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven.

Bij besluit van 11 april 2023 heeft het college opnieuw op het bezwaar van [appellant A] en [appellant B] beslist en dat bezwaar gedeeltelijk gegrond verklaard.

[appellant A] en [appellant B] hebben een schriftelijke reactie gegeven op dat besluit.

Overwegingen

1.       [appellant A] en [appellant B] hebben bezwaar gemaakt tegen de wijziging van de inrichting van de toegangsweg, omdat daardoor parkeerplaatsen zijn verwijderd die zij stellen te gebruiken voor hun bedrijfsvoering. De rechtbank heeft overwogen dat het college onvoldoende heeft onderzocht of voor die verwijdering een verkeersbesluit nodig was.

2.       Het hoger beroep van [appellant A] en [appellant B] richt zich uitsluitend tegen de hoogte van de door rechtbank toegekende proceskostenvergoeding en tegen het feit dat de rechtbank het college en de Staat niet heeft veroordeeld tot betaling van de wettelijke rente.

3.       De Afdeling is in de uitspraak van 12 februari 2025 (ECLI:NL:RVS:2025:542) gemotiveerd tot het oordeel gekomen dat [appellant A] en [appellant B] in de daar voorliggende zaken (hoger) beroep hebben ingesteld met kennelijk als doel om geld te verdienen aan de procedures. Daarmee hebben zij misbruik gemaakt van het recht om een bestuursrechtelijk rechtsmiddel in te stellen.

Gelet op de wijze van procederen in deze zaak, in combinatie met het feit dat [appellant A] al zeer lang en voor onbepaalde tijd geen activiteiten ontplooit, ziet de Afdeling aanleiding om in deze zaak tot hetzelfde oordeel te komen. Voor een nadere motivering wordt verwezen naar de uitspraak van 12 februari 2025.

4.       Het hoger beroep is kennelijk niet-ontvankelijk. Het op grond van artikel 6:19 van de Awb van rechtswege ontstane beroep tegen het besluit van 11 april 2023 deelt hetzelfde lot.

5.       Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.        verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;

II.       verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Aldus vastgesteld door mr. E.J. Daalder, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. A.G. de Vries-Biharie, griffier.

w.g. Daalder
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. De Vries-Biharie
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 12 juni 2025

611

Tegen deze uitspraak kan verzet worden gedaan bij de Afdeling (artikel 8:55 van de Awb).

-        Verzet moet schriftelijk en binnen zes weken na verzending van deze uitspraak worden gedaan.

-        In het verzetschrift moeten de redenen worden vermeld waarom de indiener het niet eens is met wat er in deze uitspraak staat.

-        Als de indiener over het verzet door de Afdeling wil worden gehoord, moet dit in het verzetschrift worden gevraagd. De zitting gaat dan alleen over de redenen waarom u het niet eens bent met de uitspraak waartegen uw verzet is gericht.


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon