Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 202003123/2/R4

Uitspraak 202003123/2/R4

ECLI
ECLI:NL:RVS:2024:150
Datum uitspraak
17 januari 2024
Inhoudsindicatie
Bij uitspraak van 31 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2077, heeft de Afdeling heeft de Staat der Nederlanden het onderzoek in de zaak heropend ter voorbereiding van een nadere uitspraak omtrent de gevorderde schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn. [verzoeker] heeft de Afdeling in een nader stuk in zaak nr. 202003123/1/R4 verzocht om een schadevergoeding in verband met overschrijding van de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden.
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
  • Schadevergoeding

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

202003123/2/R4.
Datum uitspraak: 17 januari 2024

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak op een verzoek om schadevergoeding van:

[verzoeker], wonend te Lierop, gemeente Someren,
Verzoeker,

Procesverloop

Bij uitspraak van 31 mei 2023, ECLI:NL:RVS:2023:2077, heeft de Afdeling het onderzoek in de zaak heropend ter voorbereiding van een nadere uitspraak omtrent de gevorderde schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn.

De Afdeling heeft de Staat der Nederlanden (minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (hierna: de Staat) aangemerkt als partij in deze procedure.

Met toestemming van partijen is afgezien van een behandeling van de zaak ter zitting.

De Afdeling heeft het onderzoek gesloten.

Overwegingen

Inleiding

1.       [verzoeker] heeft de Afdeling in een nader stuk in zaak nr. 202003123/1/R4 verzocht om een schadevergoeding in verband met overschrijding van de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6, eerste lid, van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (hierna: het EVRM).

Beoordeling van het verzoek

2.       Zoals de Afdeling eerder heeft overwogen in de uitspraak van 29 januari 2014, ECLI:NL:RVS:2014:188, is de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6 van het EVRM, overschreden, als de duur van de totale procedure te lang is. Voor zaken die uit een bezwaarschriftprocedure en twee rechterlijke instanties bestaan, is in beginsel een totale lengte van de procedure van ten hoogste vier jaar redelijk. Die termijn vangt aan op het moment van ontvangst van het bezwaarschrift door het bestuursorgaan. Hierbij mag de behandeling van het bezwaar hoogstens een half jaar duren, de behandeling van het beroep hoogstens anderhalf jaar duren en de behandeling van het hoger beroep hoogstens twee jaar duren. Vergelijk de uitspraak van 15 juni 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1704.

3.       De redelijke termijn is gestart vanaf de ontvangst van het bezwaarschrift van [verzoeker] door het college op 3 januari 2019. Met de uitspraak van de Afdeling van 23 mei 2023 is de procedure geëindigd, zodat de procedure in totaal meer dan 4 jaar heeft geduurd. Geen aanleiding wordt gezien om voor de vaststelling van de redelijke termijn af te wijken van een termijn van vier jaar. Dit betekent dat de redelijke termijn met ruim 4 maanden is overschreden.

4.       De volgende vraag die moet worden beantwoord is aan wie deze overschrijding moet worden toegerekend.

Het college heeft binnen de redelijke behandelingsduur van zes maanden het besluit op bezwaar genomen.

De rechtbank heeft binnen anderhalf jaar na het instellen van beroep een uitspraak gedaan op het beroep van [verzoeker] tegen het besluit van 30 november 2018.

De Afdeling heeft na 3 jaar en bijna een maand uitspraak gedaan op het hoger beroep. Dat betekent dat de redelijke behandelingsduur van het hoger beroep met 1 jaar en bijna 1 maand is overschreden. Omdat de behandeling van het hoger beroep bij de Afdeling langer dan twee jaar heeft geduurd, is de overschrijding van de redelijke termijn geheel aan de Afdeling toe te rekenen.

5.       Zoals uit overweging 4 volgt is de redelijke termijn, over de gehele procedure bezien, met ruim 4 maanden overschreden. De Afdeling zal, uitgaande van een forfaitair bedrag van € 500,00 per half jaar dat de redelijke termijn is overschreden, waarbij het totaal van de overschrijding naar boven wordt afgerond, de Staat veroordelen tot betaling van een bedrag van € 500,00 aan [verzoeker], als vergoeding voor de door hem geleden immateriële schade.

Slot

6.       De Staat moet de proceskosten vergoeden.

Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:

I.        veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) om aan A.P. [verzoeker] te betalen een vergoeding voor immateriële schade van € 500,00;

II.       veroordeelt de Staat der Nederlanden (minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) tot vergoeding van bij A.P. [verzoeker] in verband met de behandeling van het verzoek om schadevergoeding opgekomen proceskosten tot een bedrag van € 418,50, geheel toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand.

Aldus vastgesteld door mr. H.C.P. Venema, lid van de enkelvoudige kamer, in tegenwoordigheid van mr. W.D. Kamphorst-Timmer, griffier.

w.g. Venema
lid van de enkelvoudige kamer

w.g. Kamphorst-Timmer
griffier

Uitgesproken in het openbaar op 17 januari 2024

972-776


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon