Ga naar de inhoud
(naar homepage)
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Uitspraken ›
  3. Uitspraak 200300188/1

Uitspraak 200300188/1

ECLI
ECLI:NL:RVS:2003:AI0809
Datum uitspraak
6 augustus 2003
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 23 april 2002 heeft de gemeenteraad van Heerhugowaard, op voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 februari 2002, vastgesteld het bestemmingsplan "Partiële herziening supermarkt Zuidwijk/Huygenhoek".
  • Eerste aanleg - meervoudig
  • RO - Noord-Holland

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

200300188/1
Datum uitspraak: 6 augustus 2003

AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK

Uitspraak in het geding tussen:

de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid “A&P Holding B.V.” en “Vomar Voordeelmarkt B.V.”,
gevestigd te Baarn respectievelijk IJmuiden,
appellanten,

en

het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland,
verweerder.

1. Procesverloop

Bij besluit van 23 april 2002 heeft de gemeenteraad van Heerhugowaard, op voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 februari 2002, vastgesteld het bestemmingsplan "Partiële herziening supermarkt Zuidwijk/Huygenhoek".

Verweerder heeft bij zijn besluit van 19 november 2002, kenmerk 2002-18346, beslist over de goedkeuring van het bestemmingsplan.

Tegen dit besluit hebben appellanten bij brief van 9 januari 2003, bij de Raad van State ingekomen op 9 januari 2003, beroep ingesteld.

Bij brief van 27 maart 2003 heeft verweerder een verweerschrift ingediend.

De Afdeling heeft de zaak ter zitting behandeld op 14 juli 2003, waar verweerder, vertegenwoordigd door mr. F. Arents, is verschenen.
Voorts is daar de gemeenteraad van Heerhugowaard, vertegenwoordigd door C. Veldhuizen-Brouwer, gehoord.
Appellanten zijn met kennisgeving niet verschenen.

2. Overwegingen

2.1. Aan de orde is een geschil inzake een besluit omtrent de goedkeuring van een bestemmingsplan. Ingevolge artikel 28, tweede lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening in samenhang met artikel 10:27 van de Algemene wet bestuursrecht rust op verweerder de taak om - in voorkomend geval mede op basis van de ingebrachte bedenkingen - te bezien of het plan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. Daarbij dient hij rekening te houden met de aan de gemeenteraad toekomende vrijheid om bestemmingen aan te wijzen en voorschriften te geven die de raad uit een oogpunt van een goede ruimtelijke ordening nodig acht. Daarnaast heeft verweerder er op toe te zien dat het plan en de totstandkoming daarvan niet in strijd zijn met het recht.

De Afdeling kan slechts tot vernietiging van het besluit omtrent goedkeuring van het plan overgaan, indien moet worden geoordeeld dat verweerder de aan hem toekomende beoordelingsmarges heeft overschreden, dan wel dat hij het recht anderszins onjuist heeft toegepast.

2.2. Het bestemmingsplan beoogt de bouw van een supermarkt mogelijk te maken aan de Oosttangent te Heerhugowaard.

Bij het bestreden besluit heeft verweerder het plan goedgekeurd.

2.3. Appellanten stellen dat verweerder ten onrechte goedkeuring heeft verleend aan het plan. Volgens hen zal de komst van een nieuwe supermarkt leiden tot een ontwrichting van de verzorgingsstructuur, nu een deel van de omzet van de door hen geëxploiteerde supermarkten zal wegvloeien naar de nieuwe supermarkt. Ook menen appellanten dat voor de nieuwe supermarkt onvoldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn.

2.4. Verweerder heeft het plan goedgekeurd, omdat het volgens hem niet strijdig is met een goede ruimtelijke ordening. De beoogde ontwikkeling zal zijns inziens niet resulteren in een ontwrichting van de verzorgingsstructuur ter plaatse. Verder biedt het plan naar de mening van verweerder voldoende parkeergelegenheid.

2.5. De Afdeling overweegt dat bij de voorbereiding van het plan een distributieplanologisch onderzoek is uitgevoerd. Blijkens de uitkomst van dit onderzoek is het wegvloeien van omzet van de bestaande supermarkten naar de nieuwe supermarkt niet zo groot als door appellanten gesteld. In hetgeen appellanten hebben aangevoerd ziet de Afdeling geen grond voor het oordeel dat verweerder de uitkomst van het onderzoek niet juist heeft kunnen achten. Voorts is gebleken dat ook bij het verdwijnen van één van de thans aanwezige supermarkten voldoende bereikbare voorzieningen blijven bestaan voor de inwoners van de betrokken delen van de gemeente.

Onder vorengenoemde omstandigheden ziet de Afdeling geen reden om aan te nemen dat de komst van een supermarkt zoals voorzien een ontwrichting van de plaatselijke verzorgingsstructuur tot gevolg zal hebben.

2.6. Aangaande het parkeren is van belang dat het plan de bouw van een supermarkt van maximaal 1.300 m² toestaat en geen beperking stelt aan de verkoopvloeroppervlakte. Verweerder heeft zich op het standpunt gesteld dat voor voldoende parkeergelegenheid kan worden uitgegaan van een norm van maximaal 5,5 parkeerplaats per 100 m² verkoopvloeroppervlakte. In hetgeen appellanten aanvoeren ziet de Afdeling onvoldoende aanknopingspunten voor het oordeel dat verweerder in redelijkheid deze norm niet heeft kunnen hanteren. Dit in aanmerking genomen behoeft de in het plan toegestane supermarkt maximaal 72 parkeerplaatsen.

De in het geding zijnde gronden hebben hoofdzakelijk de bestemming “Centrumdoeleinden” gekregen. Ingevolge artikel 3, derde lid, aanhef en onder c, van de planvoorschriften zijn op de aldus bestemde gronden parkeervoorzieningen toegestaan. Deze voorzieningen moeten onder de bebouwing worden aangelegd, aldus artikel 3, tweede lid, zevende volzin, van de planvoorschriften. Ingevolge artikel 3, tweede lid, vijfde volzin, van de planvoorschriften mag de oppervlakte van de bebouwing niet meer bedragen dan 1.400 m². Deze oppervlakte in aanmerking genomen acht de Afdeling niet aannemelijk dat het plan niet de aanleg van 72 parkeerplaatsen mogelijk maakt.

Het voorgaande overziende bestaat geen grond om aan te nemen dat het plan onvoldoende parkeergelegenheid biedt.

2.7. Gelet op het vorenstaande heeft verweerder zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat het plan niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. In hetgeen appellanten hebben aangevoerd ziet de Afdeling geen aanleiding voor het oordeel dat het bestreden besluit anderszins is voorbereid of genomen in strijd met het recht. Hieruit volgt dat verweerder terecht goedkeuring heeft verleend aan het plan. Het beroep van appellanten is derhalve ongegrond.

2.8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

3. Beslissing

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

Recht doende in naam der Koningin:

verklaart het beroep ongegrond.

Aldus vastgesteld door mr. J.J. Vis, Voorzitter, en mr. M. Oosting en drs. H. Borstlap, Leden, in tegenwoordigheid van mr. A.A. Snijders, ambtenaar van Staat.

w.g. Vis w.g. Snijders
Voorzitter ambtenaar van Staat

Uitgesproken in het openbaar op 6 augustus 2003

279


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Citeren
  • Opslaan als PDF-document

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon