Besluit toepassingsbereik sensitieve technologie.
- Kenmerk
- W18.22.00222/IV
- Datum aanhangig
- 29 december 2022
- Datum vastgesteld
- 22 maart 2023
- Datum advies
- 22 maart 2023
- Datum publicatie
- 27 maart 2023
- Vindplaats
- Staatscourant 2023, nr. 24202
- Economische Zaken en Klimaat
- Algemene maatregel van bestuur
Toon inhoud
Bij Kabinetsmissive van 29 december 2022, no.2022002930, heeft Uwe Majesteit, op voordracht van de Minister van Economische Zaken en Klimaat mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het ontwerpbesluit tot het nader bepalen van het toepassingsbereik van de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames op het gebied van sensitieve technologie (Besluit toepassingsbereik sensitieve technologie), met nota van toelichting.
Het ontwerpbesluit geeft een nadere invulling aan de reikwijdte van de Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overnames (Wet vifo), die voorziet in voorafgaande toetsing van verwervingsactiviteiten in ondernemingen. Het ontwerpbesluit regelt nader wat onder het begrip ‘sensitieve technologie’ valt en onderscheidt daarnaast de categorie ‘zeer sensitieve technologie’.
De Afdeling advisering van de Raad van State wijst op het belang om de classificatie van technologieën als sensitief en zeer sensitief systematisch en doorlopend te monitoren. Zij adviseert toe te lichten hoe dat wordt gedaan en expliciet te maken hoe wordt omgegaan met de gevolgen van de classificatie voor het innovatiebeleid. In verband daarmee is aanvulling van de toelichting wenselijk.
1. Achtergrond en inhoud van het ontwerpbesluit
De Wet vifo (zie noot 1) stelt regels waarmee risico’s voor de nationale veiligheid als gevolg van bepaalde verwervingsactiviteiten, zoals investeringen en fusies, kunnen worden beheerst. Het gaat daarbij om verwervingsactiviteiten in vitale aanbieders, beheerders van een bedrijfscampus en ondernemingen die actief zijn op het gebied van sensitieve technologie. Daartoe wordt een toets ingevoerd, waarbij de verwerver of de doelonderneming voorafgaand aan de verwerving een melding moet doen aan de Minister van Economische Zaken en Klimaat. Deze beoordeelt vervolgens de toelaatbaarheid van de verwerving. (zie noot 2)
In de Wet vifo is bepaald welke categorieën technologieën onder het toetsingsregime vallen. Artikel 8 van de Wet vifo bepaalt dat in beginsel alle goederen die staan vermeld op de EU-exportcontrolelijsten als ‘sensitieve technologie’ worden aangemerkt. (zie noot 3) Bij algemene maatregel van bestuur kunnen technologieën die op de EU-exportcontrolelijsten staan, worden uitgezonderd als sensitieve technologie. Andersom kunnen ook technologieën die niet op deze lijsten staan worden aangewezen als sensitieve technologie. (zie noot 4) Met dit ontwerpbesluit worden technologieën zowel uitgezonderd als toegevoegd. (zie noot 5)
Daarnaast wijst het ontwerpbesluit technologieën aan als ‘zeer sensitief’. Verwervingsactiviteiten in ondernemingen die actief zijn op het gebied van deze zeer sensitieve technologie moeten worden gemeld indien de verwerver ten minste een tiende van de stemmen van de algemene vergadering in een doelonderneming kan uitbrengen of laten uitbrengen. (zie noot 6) Voor ‘gewoon sensitieve technologie’ is de meldingsdrempel hoger. (zie noot 7)
2. Monitoring
In bijlage 3 van het ontwerpbesluit worden de technologieën genoemd die als ‘zeer sensitief’ worden aangemerkt. Bij de afweging of een technologie als zeer sensitief dient te worden aangemerkt, is onder andere gekeken naar de grote ketenafhankelijkheid van de technologie en de mate van uniciteit en moeilijke reproduceerbaarheid. Verder is de impact van misbruik van de technologie of het risico van het wegvallen van de beschikbaarheid betrokken, die bij deze technologieën wezenlijk groter worden geacht dan bij 'gewoon sensitieve’ technologie. (zie noot 8)
De Afdeling wijst er op dat de ontwikkelingen ten aanzien van (zeer) sensitieve technologie snel (kunnen) gaan. Zaken als ketenafhankelijkheid, de mate van uniciteit en de moeilijke reproduceerbaarheid kunnen in korte tijd wijzigen en technologie kan snel verouderd raken. (zie noot 9) Technologie die vandaag zeer sensitief is, hoeft dat morgen niet meer te zijn. Om die reden is het van belang om de classificatie van sensitieve en zeer sensitieve technologie systematisch en doorlopend te monitoren. (zie noot 10)
In de toelichting wordt beperkt inzichtelijk gemaakt hoe deze monitoring in zijn werk gaat en hoe wordt omgegaan met de gevolgen van een classificatie van een technologie als ‘zeer sensitief’ voor het innovatiebeleid. Daarbij verdient in het bijzonder aandacht dat als beoogd resultaat van dit innovatiebeleid er veel start-ups en scale-ups actief zijn op het gebied van (zeer) sensitieve technologie. (zie noot 11) Dit zijn veelal kleine, jonge bedrijven met een grote kapitaalbehoefte. Een meldingsdrempel bij een belang van tien procent kan van invloed zijn op hun mogelijkheden om kapitaal aan te trekken. (zie noot 12)
De Afdeling adviseert om in de toelichting nader in te gaan op de wijze waarop de classificatie van (zeer) sensitieve technologie systematisch en doorlopend wordt gemonitord en expliciet te maken hoe wordt omgegaan met de gevolgen van deze classificatie voor het innovatiebeleid.
De Afdeling advisering van de Raad van State heeft een aantal opmerkingen bij het ontwerpbesluit en adviseert daarmee rekening te houden voordat een besluit wordt genomen.
De vice-president van de Raad van State
Nader rapport (reactie op het advies) van 1 mei 2023
Het door de Afdeling uitgebrachte advies tot toelichting van systematische en doorlopende monitoring van (zeer) sensitieve technologie is ter harte genomen. Dit is gedaan door in de toelichting over monitoring een nieuw ingevoegde paragraaf te wijden. Daarin wordt uitgelegd dat onderscheid wordt gemaakt tussen monitoring van wijzigingen in EU-exportcontrolelijsten en monitoring met een bredere insteek met betrokkenheid van meerdere partijen. De monitoring van EU-exportcontrolelijsten houdt in dat iedere wijziging van die lijsten zal worden beoordeeld of die noopt tot een wijziging van het besluit. De monitoring met een bredere en verderstrekkende insteek zal iedere twee jaar worden uitgevoerd.
Aan het advies van de Afdeling om in te gaan in de toelichting op de gevolgen van classificatie van (zeer) sensitieve technologie voor het innovatiebeleid is eveneens uitvoering gegeven aan de hand van een nieuw ingevoegde paragraaf. Deze paragraaf legt eerst in meer algemene zin uit wat dit stimulerend beleid van de overheid inhoudt en tot doel heeft, alsook hoe dit beleid zich verhoudt tot de investeringsbescherming in (zeer) sensitieve technologie tegen risico’s voor de nationale veiligheid. Vervolgens wordt specifiek ingegaan op de meldingsdrempel bij een belang van tien procent die uitsluitend voor zeer sensitieve technologie geldt. Er wordt daarbij onderkend dat niet met zekerheid is uit te sluiten dat de geboden bescherming van nationale veiligheid toch een negatief effect kan blijken te hebben op het investeringsklimaat voor zeer sensitieve technologie. Het omgekeerde van een positief effect geldt overigens ook, indien blijkt dat andere lidstaten bijvoorbeeld minder snel zijn met het afhandelen van meldingen. Er wordt in dit verband aangegeven dat de monitoring zich ook over ontwikkelingen ten aanzien van het investeringsklimaat zal uitstrekken. In de paragraaf over monitoring wordt aangegeven waarbij hieraan gedacht wordt, zodat gevolgen van beleid en monitoring op deze wijze in verbinding zijn gebracht.
Ik moge U hierbij, mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, het ontwerpbesluit en de gewijzigde nota van toelichting doen toekomen en U verzoeken overeenkomstig dit ontwerp te besluiten.
De Minister van Economische Zaken en Klimaat
Voetnoten
(1) De Wet vifo is aangenomen en gepubliceerd, maar nog niet in werking getreden (Stb. 2022, 215). De regering is voornemens het ontwerpbesluit tegelijk met de Wet vifo in werking te laten treden.
(2) De minister kan ingevolge artikel 10 van de Wet vifo een toetsingsbesluit nemen of mededelen dat geen toetsingsbesluit is vereist.
(3) Meer specifiek betreft dit de lijst van producten voor tweeërlei gebruik (Verordening (EU) nr. 2021/821, PbEU 2021, L 206) en de militaire-goederenlijst (Gemeenschappelijk Standpunt 2008/944/GBVB van de Raad, PbEU 2008, L 335).
(4) Artikel 8, tweede en derde lid, van de Wet vifo.
(5) Artikelen 2 en 3 en resp. bijlagen 1 en 2 van het ontwerpbesluit.
(6) Artikel 4, eerste lid, aanhef en onderdeel a van de Wet vifo en artikel 4 resp. bijlage 3 van het ontwerpbesluit.
(7) Ingevolge artikelen 2 jo. 4, vierde lid, van de Wet vifo geldt voor ‘gewoon’ sensitieve technologie pas een meldingsplicht indien zeggenschap, zijnde beslissende invloed, wordt verkregen.
(8) Nota van toelichting, paragraaf 5 ("Afwegingskader en toepassing tot nadere afbakening naar significante invloed").
(9) Dit wordt in de toelichting ook onderkend. Artikelsgewijze toelichting bij bijlage 3, ten aanzien van elektronica.
(10) Monitoring is hoe dan ook aangewezen wanneer de EU-exportcontrolelijsten wijzigen.
(11) Kamerstukken II 2020/21, 35570 XIX, nr. 28; Kamerstukken II 2021/22, 29826, nr. 147; Kamerstukken II 2022/23, 35123, nr. 40.
(12) Consultatie Stichting Quantum Delta NL, Stichting PhotonDelta, DeepTechXL, HighTechXL en Innovation Industries, 22 augustus 2022.