Ga naar de inhoud
lees voor
Direct naar
  • en (Information in English)
  • de (Deutsche Informationen)
  • fr (Informations en français)
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
  • Actueel
    • Nieuws
    • Zittingsagenda
    • Persagenda
    • Evenementen
    • Piet Hein Donner Scriptieprijs
  • Adviezen
  • Uitspraken
  • Publicaties
    • Brochures
    • Studies en onderzoeken
    • Regelingen
    • Consultaties
    • Jaarverslagen
  • Over ons
    • Raad van State in het kort
    • Organisatie
    • Advisering
    • Bestuursrechtspraak
    • Begrotingstoezicht
    • Toetsing Klimaatwet
    • Geschiedenis
    • Raad van State in beeld
  • Zoeken
  • en
  • de
  • fr
  • contact
  • pers
  • werken bij
  • app
Zoeken

  1. Home ›
  2. Adviezen ›
  3. W12.13.0321/III

Voorstel van wet van de leden Ulenbelt en Krol ter overbrugging van de periode tussen de ingangsdatum van de Algemene Ouderdomswet en aanvullende inkomensregelingen (Tijdelijke wet overbruggingsuitkering AOW).

Kenmerk
W12.13.0321/III
Datum aanhangig
6 september 2013
Datum vastgesteld
16 oktober 2013
Datum advies
16 oktober 2013
Datum publicatie
19 mei 2022
Vindplaats
Website Tweede Kamer
  • Sociale zaken en Werkgelegenheid
  • Initiatiefwet

Toon inhoud

  • Volledige tekst
Volledige tekst

Bij brief van de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal van 6 september 2013 heeft de Tweede Kamer bij de Afdeling advisering van de Raad van State ter overweging aanhangig gemaakt het voorstel van wet van de leden Ulenbelt en Krol ter overbrugging van de periode tussen de ingangsdatum van de Algemene Ouderdomswet en aanvullende inkomensregelingen (Tijdelijke wet overbruggingsuitkering AOW), met memorie van toelichting.

Met ingang van 1 januari 2013 wordt de AOW-gerechtigde leeftijd (stapsgewijs) verhoogd naar 67 jaar. (zie noot 1) Het voorstel voorziet in een recht op een overbruggingsuitkering voor personen die op of voor 1 januari 2013 reeds deelnemen aan een VUT- en pensioenregeling of een vergelijkbare regeling en zich niet hebben kunnen voorbereiden op de verhoging van de AOW-gerechtigde leeftijd.

1. Noodzaak van het voorstel

Zoals de toelichting opmerkt, (zie noot 2) komt de inhoud van het wetsvoorstel volledig overeen met die van de Tijdelijke regeling overbruggingsuitkering AOW (hierna: de ministeriële regeling) van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (hierna: SZW). (zie noot 3) Deze regeling is op 1 oktober 2013 met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2013 in werking getreden. Zij zal op 1 januari 2019 vervallen. (zie noot 4) Het voorstel en de ministeriële regeling verschillen slechts van elkaar wat de aanduiding ‘voorstel’ of ‘regeling’ betreft.

De ministeriële regeling is gebaseerd op artikel 3, eerste lid, juncto artikel 9 Kaderwet SZW-subsidies (hierna: Kaderwet). Artikel 9 Kaderwet biedt een grondslag voor spoedeisende, tijdelijke verstrekking van aanspraken op financiële middelen, niet zijnde subsidies, tenzij die aanspraak wordt verstrekt krachtens een andere wet. Deze grondslag wordt vaker toegepast. (zie noot 5)

De ministeriële regeling heeft als doel om in individuele gevallen waarin een uitkering op 65-jarige leeftijd ophoudt, maar de AOW vanwege de verhoging van die leeftijd nog niet is ingegaan, onder bepaalde voorwaarden een uitkering ter overbrugging van deze periode te bieden. Deze uitkering heeft een looptijd van 1 tot maximaal 12 maanden. De ministeriële regeling heeft een werkingsduur van zes jaar.

Artikel 9 Kaderwet vereist niet dat een regeling die op dat artikel is gebaseerd na verloop van tijd een formeel wettelijke grondslag behoeft. Dit ligt anders als de verstrekking van structurele aard zou zijn. (zie noot 6) Gelet op het doel en de werkingsduur van de ministeriële regeling en gelet op de beperking van de duur van de uitkering gaat het in dit geval niet om structurele verstrekkingen. In deze situatie past het voor de ministeriële regeling de grondslag van artikel 9 Kaderwet te gebruiken. Dat neemt niet weg dat de ministeriële regeling op formeel wettelijk niveau kan worden gebracht.

De Afdeling meent dan ook dat in dit geval zowel kan worden volstaan met de huidige ministeriële regeling als voor de weg van een formele wet kan worden gekozen. De keuze is aan de wetgever.

2. De Afdeling verwijst naar de bij dit advies behorende redactionele bijlage.

De vice-president van de Raad van State


Redactionele bijlage bij het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State betreffende no.W12.13.0321/III

- In artikel 32, eerste lid, de datum van 1 oktober 2013 aanpassen, nu deze reeds is verstreken.
- Toelichten waarom in artikel 17 van het voorstel van artikel 17c van de Algemene Ouderdomswet wordt afgeweken.


Voetnoten

(1) Enig artikel van het Besluit van 12 juli 2012 tot vaststelling van het tijdstip van inwerkingtreding van de artikelen I, II en V van de Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd (Stb. 2012, 329).
(2) Memorie van toelichting, paragraaf 1. Aanleiding, eerste alinea.
(3) Strct. 2013, nr. 15137.
(4) Zie artikel 32, eerste lid, van de ministeriële regeling.
(5) Zie bijvoorbeeld de Tijdelijke regeling tegemoetkoming AOW-ers  (Stcrt. 2004, 247) die met de Wet van 22 december 2005 tot wijziging van de Algemene Ouderdomswet, Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, de Wet financiering sociale verzekeringen en de Wet op de huurtoeslag en enige andere wetten in verband met het toekennen van tegemoetkomingen aan personen die een uitkering ontvangen op grond van de Algemene Ouderdomswet of de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten en enkele aanpassingen in de berekening van de uitkeringen (Stb. 2005, 713) is omgezet naar artikel 33b van de Algemene Ouderdomswet.
Zie voorts de Tijdelijke regeling tegemoetkoming musici en artiesten WW en Wet WIA (Stcrt. 2013, 18724 die op 1 juni 2013 in werking is getreden en die vervalt met ingang van 1 januari 2014.
Zie tenslotte de Regeling tegemoetkoming onderhoudskosten thuiswonende gehandicapte kinderen 2000 (Stcrt. 1999, 249) die nimmer een eindtermijn heeft gekend en niet is omgezet in een formele wet.
(6) Zie de toelichting op de nota van wijziging op de Veegwet SZW 1997, waarmee artikel 9 aan de Kaderwet is toegevoegd (Kamerstukken II 1997/98, 25 641, nr. 7).


  • Zoeken
  • Link kopiëren
  • Opslaan als PDF-document
Gehele tekst ontwerpregeling met toelichting

Raad van State

De Raad van State is onafhankelijk adviseur van regering en parlement over wetgeving en bestuur en hoogste algemene bestuursrechter van het land.

  • Meer over ons
  • Vacatures

Contact

De Raad van State bevindt zich in het centrum van Den Haag. Wilt u in contact komen met ons of wilt u ons bezoeken voor een zitting?

  • Telefoon
  • Locatie en route
  • Post en e-mail
  • Wet open overheid
  • Nieuwe zaak starten

Altijd op de hoogte

Ontvang ons nieuws via de abonnementenservice in uw mailbox. Op de hoogte gehouden worden over uitspraken die gedaan worden in bepaalde zaken? Meld u dan aan voor de e-mailservice. Of bekijk de voortgang van een bepaalde procedure bij de Afdeling bestuursrechtspraak.

  • Abonnementenservice
  • E-mailservice uitspraken
  • Voortgang procedure
  • Aanvragen oude uitspraken

Toegankelijkheid | Privacy | Cookiebeleid

Volg ons

  • Bluesky
  • LinkedIn
  • Instagram
  • Mastodon