Gezamenlijk standpunt over organisatie Bestuursrechtspraak

Vrijdag 10 maart 2017

De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft samen met de Hoge Raad, de Raad voor de rechtspraak, de Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven een gezamenlijk standpunt naar buiten gebracht over de organisatie van de hoogste bestuursrechtspraak.

Zij hebben een position paper opgesteld waarin ze eensgezind de politiek vragen om de komende periode geen institutionele veranderingen voor te stellen voor de hoogste bestuursrechtspraak. De vier hoogste bestuursrechters en de Raad voor de rechtspraak hebben de afgelopen tijd overleg gevoerd over de situatie die is ontstaan nadat de regering in november 2016 het wetsvoorstel Organisatie hoogste bestuursrechtspraak heeft ingetrokken. Zij stellen vast dat hun organisaties de afgelopen jaren veel energie hebben moeten steken “in de voornemens zoals deze tot uiting kwamen in het ingetrokken wetsvoorstel.” Energie die aan inhoudelijke kwesties had kunnen worden besteed.

In de position paper wordt verder ingegaan op de uitstekende samenwerking tussen de vier hoogste bestuursrechters op inhoudelijk gebied. Die heeft de afgelopen jaren niet onder het voorstel geleden. Zij constateren dat “institutionele veranderingen met daaraan gekoppelde reorganisaties niet noodzakelijk zijn om rechtseenheid te bereiken. Sterker nog: het komt de inhoudelijke samenwerking ongetwijfeld nog verder ten goede als alle energie de komende jaren volledig in deze inhoudelijke op kwaliteit en rechtseenheid gerichte samenwerking zou kunnen worden gestoken.”