Uitgebreide toelichting van de beleidsanalytische toets


Probleembeschrijving

De beleidsanalytische toets is een kritische analyse van de beleidsmatige aspecten van een voorstel. Hierbij kijkt de Afdeling advisering naar drie onderdelen: probleembeschrijving, probleemaanpak en uitvoering. Deze drie onderdelen hangen nauw met elkaar samen. Het uitgangspunt van de beleidsanalytische toets is de politieke keuze die regering of de Kamerleden (bij een initiatiefwetsvoorstel) hebben gemaakt. De Afdeling advisering gaat na of de toelichting bij het voorstel duidelijk en overtuigend is.

Welk maatschappelijk probleem moet het voorstel oplossen of verminderen? Bij dit onderdeel stelt de Afdeling advisering enkele fundamentele vragen:

  • Wat is het probleem?
  • Wie ervaart het als probleem?
  • Wat voor soort probleem is het?
  • Wat is de context van het probleem?
  • Is het noodzakelijk om dit probleem met wetgeving op te lossen?
  • Welke eerdere ervaringen zijn er met het probleem én met de (mogelijke) oplossing?
  • Wat leren eerdere ervaringen met dit probleem of met andere, vergelijkbare problemen?

Voorbeeld van de probleembeschrijving

Probleemaanpak

Biedt de voorgestelde regeling een oplossing voor het maatschappelijke probleem? En is deze oplossing ook effectief? Bij het beantwoorden van deze vraag, betrekt de Afdeling advisering ook de neveneffecten en lasten voor burgers, private organisaties en bedrijven. Bovendien beoordeelt de Afdeling advisering de beleidstheorie: de veronderstellingen waarop een voorstel berust. Bijvoorbeeld dat door het verhogen van de prijs van een product de vraag naar dit product zal afnemen.

Voorbeeld van de probleemaanpak

Uitvoering

Bij dit onderdeel gaat het om de uitvoering van voorstellen. Daarbij kijkt de Afdeling advisering naar:

  • De naleefbaarheid van een voorstel
    Kunnen burgers en private organisaties de verplichtingen naleven die de regeling oplegt? De Afdeling advisering let bijvoorbeeld op de administratieve lasten die het voorstel met zich meebrengt;
  • De uitvoerbaarheid van een voorstel
    Zijn (overheids)instellingen in staat de regeling uit te voeren? Hebben zij voldoende mensen en middelen?
  • De handhaafbaarheid van een voorstel
    Kan er toezicht worden uitgeoefend op de naleving van de regeling? En wie wordt daarmee belast?

Voorbeeld van de uitvoering