Samenvatting advies nota van wijziging Klimaatwet

Datum publicatie: donderdag 4 oktober 2018 - Datum advies: donderdag 19 juli 2018

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over de nota van wijziging bij het initiatiefwetsvoorstel voor een Klimaatwet van de Tweede Kamerleden Klaver, Asscher, Beckerman, Jetten, Dik-Faber, Yesilgöz-Zegerius en Mulder. Het advies van de Afdeling advisering is op 4 oktober 2018 openbaar gemaakt.

Initiatiefwetsvoorstel en nota van wijziging

In 2017 is een initiatiefwetsvoorstel voor een Klimaatwet ingediend bij de Tweede Kamer. Het wetsvoorstel stelt klimaatdoelstellingen voor de regering. Tegelijkertijd is het een kader voor de ontwikkeling, effectmeting en wijze van verantwoording van het beleid dat moet leiden tot het halen van de wettelijk vastgelegde klimaatdoelstellingen. De nota van wijziging wijzigt dat initiatiefwetsvoorstel. De opzet van het initiatiefwetsvoorstel blijft behouden, maar de nota van wijziging past onderdelen aan. Zo bevat de nota van wijziging aangepaste klimaatdoelstellingen. Daarnaast verandert de nota van wijziging enkele instrumenten van het beleidskader, en ook het beoordelingsmechanisme dat daaraan gekoppeld is. In plaats van de Klimaatbegroting en het Klimaatjaarverslag komt de jaarlijkse Klimaatnota. Het vijfjaarlijkse Klimaatplan blijft bestaan. Verder regelt de nota van wijziging dat het Planbureau voor de Leefomgeving eenmaal per jaar een klimaat- en energieverkenning uitbrengt. De taak die het initiatiefwetsvoorstel toebedeelde aan een nieuw op te richten ‘Klimaatcommissie’ wordt in gewijzigde vorm vervangen door een taak voor de Afdeling advisering van de Raad van State. De Afdeling advisering zal telkens over het Klimaatplan en de Klimaatnota een advies uitbrengen.

Kostenefficiëntie

De nota van wijziging bepaalt dat het Klimaatplan een beschouwing moet bevatten van onder meer de gevolgen van het klimaatbeleid voor de financiële positie van huishoudens, bedrijven en overheden en het tot stand komen van een eerlijke transitie. Voor de Klimaatnota geldt ongeveer hetzelfde. Maar daarmee is niet verzekerd dat kostenefficiëntie ook een rol speelt bij de keuze voor en de prioritering van te treffen klimaatmaatregelen. De Afdeling advisering vindt dat wel van belang en adviseert om dit expliciet in de nota van wijziging te regelen.

Borging Nationaal Klimaatakkoord

De toelichting bij de nota van wijziging suggereert dat het Klimaatakkoord los staat van het Klimaatplan en dat zij beide hun ‘eigen’ cyclus hebben. Dat eerste is niet waar. Dat tweede vormt een bestuurlijk risico, als dat echt zo bedoeld zou zijn. Een Klimaatakkoord wordt namelijk vertaald in het Klimaatplan. De Afdeling advisering raadt daarom aan de borging van het Klimaatakkoord af te stemmen op de cyclus in de Klimaatwet.

Verantwoordelijkheid parlement

De nota van wijziging wekt de indruk dat het initiatiefwetsvoorstel alleen is bedoeld als middel voor het parlement om de regering af te rekenen op het bereiken van de klimaatdoelstellingen. Maar niet alleen de regering krijgt een verantwoordelijkheid voor de klimaatdoelstellingen en voor een consistent beleid voor de lange termijn. Het parlement zelf ook. Het kan niet zo zijn dat het parlement weliswaar het idee van de Klimaatwet onderschrijft, maar dat het parlement niet thuis geeft wanneer het beleid wordt uitgevoerd.

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State en de reactie van de indiener(s).