Samenvatting advies minimaliseren gaswinning Groningen

Datum publicatie: maandag 4 juni 2018 - Datum advies: woensdag 23 mei 2018

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het wetsvoorstel over het minimaliseren van de gaswinning uit het Groningenveld. Het wetsvoorstel is op 4 juni 2018 bij de Tweede Kamer ingediend. Daarmee is ook het advies van de Afdeling advisering openbaar geworden. 

Minimaliseren gaswinning Groningen

De minister van Economische Zaken en Klimaat heeft aangekondigd dat de gaswinning (van zogeheten laagcalorisch gas) uit het Groningenveld op zo kort mogelijke termijn volledig wordt beëindigd. De directe aanleiding hiervoor is de aardbeving in Zeerijp in januari 2018. De minister heeft ook bekendgemaakt dat hij een aantal maatregelen neemt om de vraag naar laagcalorisch gas zo snel mogelijk terug te brengen. Totdat die maatregelen zijn gerealiseerd, wordt echter nog gas uit het Groningveld gewonnen. Volgens de toelichting bij het wetsvoorstel brengt het onmiddellijk verminderen van de gaswinning uit het Groningenveld naar een lager niveau veiligheidsrisico’s mee voor huishoudens, instellingen en bedrijven in Nederland en omringende buurlanden. Huishoudens, maar ook instellingen als ziekenhuizen en verpleeghuizen, zouden bijvoorbeeld zonder verwarming komen te zitten en niet meer kunnen koken. Het wetsvoorstel voorziet in een nieuwe gaswinningsprocedure die moet verzekeren dat zodra als gevolg van de maatregelen minder gas uit het Groningenveld nodig is, er ook minder gas zal worden gewonnen (“nooit meer dan nodig”).

Belangenafweging

De mensen in het aardbevingsgebied in Groningen ondervinden bijzonder nadelige gevolgen van de gaswinning. De voorgestelde procedure moet dan ook verzekeren dat de gaswinning uit het Groningenveld wordt geminimaliseerd en dat zo snel mogelijk duidelijkheid aan de regio en haar inwoners wordt gegeven. Het wetsvoorstel vraagt echter een belangenafweging voor de minister die het lastig maakt om dit te verzekeren. Dat komt omdat de minister bij de uiteindelijke vaststelling van de maximaal en tevens minimaal te winnen gashoeveelheid (de “operationele strategie”) drie belangen van verschillende aard en van verschillend gewicht moet afwegen. Het eerste belang zijn de veiligheidsrisico’s voor omwonenden als gevolg van bodembeweging, veroorzaakt door de winning van gas. Het tweede belang zijn de veiligheidsrisico’s als gevolg van het niet kunnen leveren van de benodigde hoeveelheid laagcalorisch gas aan de eindafnemers. Het derde belang is meer in het algemeen het maatschappelijk belang om de eindafnemers van het benodigde gas te voorzien. Daar moet onder meer onder worden verstaan de economische consequenties van het langdurig afsluiten van bedrijven van gas, zoals het ontslaan van medewerkers en faillissementen.

Voorrang veiligheid omwonenden

De Afdeling advisering begrijpt dat de minister in de nieuwe procedure uiteindelijk nog de ruimte krijgt om verschillende belangen tegen elkaar af te wegen; hij is geen 'stempelmachine'. Gelet op de onzekerheid in Groningen en gelet op het doel van het wetsvoorstel acht de Afdeling advisering het echter aangewezen om de bevoegdheid van de minister om de verschillende belangen tegen elkaar af te wegen, te begrenzen. Die begrenzing moet in ieder geval inhouden dat veiligheid voor de omwonenden voorrang heeft boven het meer algemene maatschappelijk belang van leveringszekerheid. De afweging die de minister dan nog moet maken, spitst zich dan toe op de twee verschillende kanten van veiligheid: de veiligheid van omwonenden en de veiligheid in verband met de leveringszekerheid.

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering en de reactie van de indiener.