Samenvatting advies over Europese richtlijn gegevensbescherming bij opsporing en vervolging

Datum publicatie: maandag 19 februari 2018 - Datum advies: vrijdag 22 december 2017

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het wetsvoorstel dat de Europese richtlijn gegevensbescherming opsporing en vervolging implementeert. Het wetsvoorstel is op 19 februari 2018 bij de Tweede Kamer ingediend. Daarmee is ook het advies van de Afdeling advisering openbaar geworden.

Wetsvoorstel

De Europese richtlijn heeft als doel de gegevensbescherming bij opsporing en vervolging van strafbare feiten te verbeteren. De richtlijn bevat nieuwe verplichtingen voor de politie en voor justitie, zoals de verplichting om een datalek te melden aan de betrokkene en aan de Autoriteit Persoonsgegevens. De regels uit de richtlijn worden omgezet in Nederlandse wetgeving door aanpassingen van de Wet politiegegevens (Wpg) en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg).

Problematische uitvoering en vage nieuwe verplichtingen

De toepassing van de gegevensbeschermingswetgeving is al langere tijd een bron van aandacht en zorg. Uit onderzoek blijkt dat de bestaande Wpg en de Wjsg complex zijn en niet goed op elkaar aansluiten. De uitvoering wordt verder bemoeilijkt door problemen met de ICT-voorzieningen. De implementatietermijn voor de richtlijn is kort, vandaar dat ervoor is gekozen deze eerst te implementeren in de bestaande Wpg en Wjsg. Het is de bedoeling dat allebei deze wetten na de inwerkingtreding van het voorliggende implementatievoorstel worden herzien en geïntegreerd. De wetten hebben dan ook een tijdelijk karakter en de praktijk zal in betrekkelijk korte tijd met twee herzieningen worden geconfronteerd.

Adequate uitvoering

Vanwege de problematische uitvoering van de huidige wetten is het de vraag of het implementatiewetsvoorstel zal leiden tot een adequate uitvoering van de gegevensbeschermingswetgeving door politie en justitie, vooral omdat de richtlijn en het implementatievoorstel nieuwe complexe en vage normen en verplichtingen bevatten. Een goed voorbeeld daarvan is de plicht om een datalek te melden aan de betrokkene, tenzij dit een ‘onevenredige inspanning’ zou vergen.

Praktijk

Het advies is dan ook om in de toelichting op het wetsvoorstel in te gaan op de uitvoering van het wetsvoorstel in de praktijk. En daarbij in het bijzonder op de vraag op welke wijze de vage normen zullen worden toegepast, en hoe de noodzakelijke ICT-voorzieningen zullen worden uitgevoerd. Ook zou daarbij moeten worden ingegaan op het punt van opleiding en scholing van degenen die met de gegevensverwerking te maken hebben.

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering en het nader rapport van de minister.