Samenvatting advies wetsvoorstel Wet transparant toezicht financiële markten

Datum publicatie: dinsdag 5 september 2017 - Datum advies: vrijdag 31 maart 2017

De Afdeling advisering van de Raad van State heeft advies uitgebracht over het wetsvoorstel Wet transparant toezicht financiële markten. Het wetsvoorstel is op 4 september 2017 bij de Tweede Kamer ingediend. Daarmee is ook het advies van de Afdeling advisering openbaar geworden.

Het wetsvoorstel

Het wetsvoorstel heeft als doel de grondslagen in de Wet financieel toezicht (Wft) uit te breiden, om informatie te kunnen delen over het toezicht op individuele financiële instellingen. De toezichthouder kan onder meer door het publiceren van waarschuwingen en onderzoeksrapporten namen van (rechts)personen die overtredingen begaan, openbaar maken. Daarmee wordt zowel de naleving van regelgeving bevorderd, alsook de transparantie van de financiële sector en het toezicht daarop.

Europeesrechtelijk kader

Vertrouwelijkheid van informatie wordt Europeesrechtelijk beschermd door stringente geheimhoudingsbepalingen, die in de Wft zijn geïmplementeerd. In het advies schetst de Afdeling advisering dat Europeesrechtelijk kader en toetst het het wetsvoorstel daaraan.

Publicatie onderzoeksrapporten

De in het wetsvoorstel opgenomen bevoegdheid om onderzoeksrapporten te publiceren voldoet niet aan de Europeesrechtelijke regel dat deze informatie niet tot individuele instellingen herleidbaar mag zijn. De Afdeling advisering ziet geen grondslag in de EU-regelgeving voor deze publicatie en adviseert daarop in de toelichting bij het wetsvoorstel in te gaan en het wetsvoorstel aan te passen.

Waarschuwing

De voorgestelde waarschuwingsbevoegdheid biedt ruimte om meer openbaar te maken dan de relevante EU-regelgeving toestaat, en staat daarmee in zoverre op gespannen voet. De Afdeling advisering adviseert ook met betrekking tot dit punt het wetsvoorstel aan te passen.

Belangenafweging

In het wetsvoorstel wordt geregeld dat bekendmaking van (rechts-)persoonsnamen niet plaatsvindt als dat in een beoordeling vooraf onevenredig blijkt, de (rechts-)persoon onevenredige schade wordt berokkend of als de stabiliteit van financiële markten wordt ondermijnd. In zoverre sluit het wetsvoorstel aan bij de relevante EU-regelgeving die voorschrijft dat steeds een belangenafweging voorafgaand aan publicatie moet plaatsvinden. In de toelichting bij het wetsvoorstel wordt echter gesteld dat het belang van publicatie van namen in onderzoeksrapporten en waarschuwingen voorop staat en die publicatie vrijwel altijd gerechtvaardigd is. De toelichting bij het wetsvoorstel suggereert daarmee dat het belang van openheid in beginsel het zwaarst weegt en dat andere belangen het dan tegen dit belang afleggen. De Afdeling advisering wijst erop dat de belangafweging door de toezichthouder niet voorshands mag worden ingevuld op de in de toelichting gesuggereerde manier en adviseert de toelichting ook op dit punt aan te passen.

Door publicatie geleden schade

Het openbaar maken van namen kan grote reputatie- en vermogensschade voor belanghebbenden tot gevolg hebben. Als schade het gevolg is van een onterechte publicatie, vindt met rectificatie nog geen vergoeding van de geleden schade plaats. Hoewel het wetsvoorstel voorziet in een termijn waarin de rechter kan worden gevraagd publicatie te voorkomen, kan de toezichthouder in bepaalde gevallen die termijn ook overslaan en tot onmiddellijke publicatie overgaan. Gevolgschade kan dan niet voorkomen worden. Als achteraf blijkt dat de publicatie onrechtmatig was, is het de vraag of en hoe de belanghebbende de publicatie kon voorkomen of de geleden schade achteraf vergoed kan krijgen. Daarbij is van belang dat de aansprakelijkheid van de toezichthouder sinds 2012 is beperkt. De Afdeling advisering adviseert hierop in de toelichting bij het wetsvoorstel in te gaan.

Lees hier de volledige tekst van het advies van de Afdeling advisering en het nader rapport van de minister.