Home Publicaties grote letters Veelgestelde vragen Contact
Zoeken
Zoek in algemene info
Zoek in uitspraken
Zoek in adviezen
 over de raad van state  onze werkwijze  adviezen  uitspraken  agenda  pers  werken bij
 Zoeken in uitspraken
 Actuele uitspraken
 Zittingsagenda
 Mediagevoelige
    uitspraken
 E-mail service
 Uitspraken opvragen
U bevindt zich hier:   Home    Uitspraken    Mediagevoelige uitspraken
Mediagevoelige uitspraken


Wekelijks doet de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op de woensdagen in een groot aantal zaken een uitspraak. De persvoorlichters van de Raad van State maken op maandag een selectie van de uitspraken die interessant kunnen zijn voor de media. Deze selectie vindt u op deze pagina en wordt iedere maandag om 14.00 uur vernieuwd. Een overzicht van alle uitspraken die op de woensdag worden gedaan, staat in de rubriek Hoofdzaken.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met de persvoorlichters van de Raad van State.

Op woensdag kunt u vanaf 10.15 uur de volledige tekst van deze uitspraken lezen.

9 uitspraken gevonden
pagina: 1
1. 200902071/1/M2
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Eerste aanleg - meervoudig
rechtsgebied: Kamer 1 - RO - Tracéwet
inhoudsindicatie:

(Tracébesluit A50 Valburg-Grijsoord)
Uitspraak over de vaststelling door de minister van Verkeer en Waterstaat en de minister van VROM van het tracébesluit A50 Valburg-Grijsoord. Het tracébesluit maakt het mogelijk om rijksweg A50 tussen knooppunt Valburg en knooppunt Grijsoord te verbreden van 2x2 naar 2x3 rijstroken. De stichting A50dB en een groot aantal inwoners uit de omgeving zijn het niet eens met het tracébesluit en zijn daartegen in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Zij vrezen met name voor een verslechtering van de luchtkwaliteit en voor geluidsoverlast. Ook vinden zij dat de minister van verkeerde verkeersprognoses is uitgegaan. De Gelderse milieufederatie is ook in beroep gekomen tegen het tracébesluit. Volgens haar wordt de wegverbreding deels aangelegd in het beschermde natuurgebied De Veluwe. Verder tast de verbreding het natuurgebied aan, vooral als gevolg van verlichting op en langs de snelwegen, aldus de milieuorganisatie. De gemeenteraad van Renkum is het ook niet eens met het tracébesluit. Uit eigen geluidsmetingen zou blijken dat de minister van een te lage geluidsbelasting is uitgegaan. Daarom had de minister volgens hem het tracébesluit niet mogen vaststellen. De Raad van State heeft de zaak op 28 april jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
2. 200908348/1/H1
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 3 - Hoger Beroep - Vrijstelling bestemmingsplan gebruik
inhoudsindicatie:

(Vrijstelling voor uitbreiding zandwinning in Kloosterhaar)
Uitspraak over de vrijstelling die het college van burgemeester en wethouders van Hardenberg heeft verleend voor de uitbreiding van de zandwinning aan de Oude Vaart en de Verlengde Broekdijk in Kloosterhaar. Het gaat om de derde uitbreiding van de zandwinning in een gebied dat wordt omsloten door de Breedijksloot, de Verlengde Broekdijk en de Oude Vaart. Omdat het bestemmingsplan zandwinning op deze locatie niet toestaat, heeft het gemeentebestuur vrijstelling van het bestemmingsplan verleend. Een omwonende is tegen de vrijstelling in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Hij vindt de zogenoemde 'ruimtelijke onderbouwing' van het besluit onvoldoende. Ook vreest hij voor overlast en zou het gemeentebestuur geen onderzoek hebben gedaan naar alternatieve locaties voor de zandwinning. De rechtbank Zwolle-Lelystad verklaarde in september 2009 een eerder beroep van de man ongegrond. Tegen die uitspraak is hij in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft de zaak op 28 juni jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
3. 200908639/1/H1
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 3 - Hoger Beroep - Bouwzaken
inhoudsindicatie:

(Bouwvergunning voor zendmast in Amersfoort)
Uitspraak over de bouwvergunning die het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort heeft verleend voor de bouw van een zendmast voor mobiele communicatie aan de Vening Meineszstraat. Omdat het bestemmingsplan een antennemast op deze locatie niet toestond, had het gemeentebestuur vrijstelling van het plan verleend. Een aantal inwoners uit Amersfoort verzet zich tegen de komst van de antennemast. Volgens hen had het gemeentebestuur geen vergunning mogen verlenen, omdat dit in strijd zou zijn met gemeentelijke regels voor het plaatsen van antennemasten. Bovendien zou onvoldoende zijn gekeken naar de alternatieve locaties die de inwoners hebben aangedragen. Zo zou de lichtmast bij de voetbalvereniging Amersvorde kunnen worden uitgerust met antenne-installaties. De rechtbank in Utrecht stelden in oktober 2009 de inwoners in het ongelijk. Tegen die uitspraak zijn zij in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft de zaak op 6 juli jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
4. 200909394/1/H3
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 3 - Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
inhoudsindicatie:

(Tijdelijke sluiting van café in centrum van Den Haag)
Uitspraak over de sluiting door de burgemeester van Den Haag van een café aan de Bleijenburg in Den Haag. De burgemeester heeft het café eind 2008 voor de duur van een week gesloten, nadat tijdens een ruzie tussen twee bezoekers van het café was gedreigd met een vuurwapen. Volgens de burgemeester leidde het incident tot een verstoring van de openbare orde en tot een aantasting van de veiligheid en was de tijdelijke sluiting een passende maatregel. De exploitant van het café is het daar niet mee eens. Hij vindt niet dat een ruzie tussen bezoekers hem mag worden aangerekend. Ook is hij ervan overtuigd dat de bezoeker het vuurwapen pas buiten zijn café in handen heeft gekregen en niet binnen in zijn café. De rechtbank in Den Haag oordeelde in oktober 2009 dat de burgemeester de bezwaren van de exploitant tegen de sluiting inhoudelijk had moeten behandelen. Dat had de burgemeester niet gedaan. De rechtbank oordeelde vervolgens dat de burgemeester het café wel voor een week mocht sluiten, omdat voldoende aannemelijk was dat de bezoeker het vuurwapen al in het café bij zich droeg. De exploitant is tegen de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft de zaak op 15 juni jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
5. 200910300/1/H3
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 3 - Hoger Beroep - Wet openbaarheid van bestuur
inhoudsindicatie:

(Verzoek om openbaarmaking van documenten over ontruiming Schinveldse bossen)
Uitspraak over de weigering door de minister van Binnenlandse Zaken om documenten openbaar te maken met betrekking tot de kap van bomen in de Schinveldse bossen in 2005, 2006 en 2007. Een man uit Amsterdam had de minister op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) om openbaarmaking van de informatie gevraagd. Het gaat om informatie over de voorbereidingen en inzet van de Marechaussee, de Mobiele Eenheid, politie, regionale en andere inlichtingendiensten met betrekking tot de ontruiming en de kap van de Schinveldse bossen. De minister heeft het verzoek gedeeltelijk ingewilligd, maar heeft twee documenten niet openbaar gemaakt. Volgens de minister bevat het eerste document een verzameling van e-mails waarin persoonlijke beleidsopvattingen van ambtenaren staan. Het tweede document is het 'Beleidsdraaiboek bomenkap Schinveldse bossen' van de politie, Marechaussee en het Openbaar Ministerie. Openbaarmaking van dit draaiboek zou volgens de minister de belangen van de gemeente Onderbanken kunnen schaden en bovendien inzicht geven in strategieën, technieken en tactieken van het eventueel optreden politie en justitie. Tegen de beslissing om niet alles openbaar te maken, ging de man eerder in beroep bij de rechtbank in Den Haag. Die oordeelde in november 2009 dat de minister zijn weigering om het beleidsdraaiboek openbaar te maken, beter had moeten onderbouwen. Zo had de minister zelf bij de gemeente Onderbanken moeten nagaan of het draaiboek, bij openbaarmaking, de belangen van de gemeente zou treffen. De rechtbank heeft vervolgens zelf beoordeeld of de 'rechtsgevolgen van het besluit in stand konden blijven' en dus of het draaiboek alsnog openbaar moest worden gemaakt of niet. Volgens de rechtbank zou het draaiboek inzicht kunnen bieden in de tactieken van de politie, en zou om díe reden openbaarmaking achterwege moeten blijven. Tegen de uitspraak van de rechtbank is de man in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft de zaak op 29 juni jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
6. 201000542/1/H3
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 3 - Hoger Beroep - Bestuursdwang / Dwangsom
inhoudsindicatie:

(Sluiting café door Haarlemse burgemeester)
Uitspraak over de sluiting door de burgemeester van Haarlem van een café aan de Kleine Houtstraat. Het gaat om een sluiting voor onbepaalde tijd. De burgemeester is tot dit besluit gekomen nadat de politie had geconstateerd dat in het café drugs werden gebruikt, verhandelt en verkocht. Omdat het café niet is aangewezen als locatie van waaruit de handel en het gebruik van drugs wordt gedoogd, handelt het café in strijd met de Opiumwet, aldus de burgmeester. Omdat het bovendien de derde keer is dat het die wet overtreedt, vond de burgmeester een sluiting voor onbepaalde tijd een passende sanctie. De exploitant bestrijdt dat. Volgens hem mag de burgemeester bedrijven alleen tijdelijk sluiten. Bovendien vindt hij dat de burgemeester geen rekening mocht houden met de eerdere overtredingen van de Opiumwet, omdat hij toen nog geen exploitant van het café was. De rechtbank in Haarlem verklaarde in december 2009 een eerder beroep van de man ongegrond. Tegen die uitspraak is hij in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft de zaak op 5 juli jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
7. 201000604/1/H2
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Eerste aanleg - meervoudig
rechtsgebied: Kamer 3 - Eerste aanleg - Onderwijszaken
inhoudsindicatie:

(Weigering om Rotterdamse Islamitische basisschool op te nemen in plan van scholen)
Uitspraak over de weigering door de staatssecretaris van Onderwijs om goedkeuring te verlenen aan het plan van scholen 2010-2013 van de gemeente Rotterdam. De staatssecretaris heeft de goedkeuring gedeeltelijk geweigerd, omdat de gemeente in het plan een islamitische basisschool heeft opgenomen. Opname in het plan betekent dat een school voor bekostiging in aanmerking komt. Het gaat om de school Noen in de deelgemeente Kralingen-Crooswijk. Deze school is gestart in augustus 2005 en werd in oktober 2009 bezocht door ruim 140 leerlingen. Daarmee voldoet de school niet aan de norm van ruim 300 leerlingen die een school binnen vijf jaar na de start zou moeten hebben. De staatssecretaris heeft er geen vertrouwen in dat de school deze norm alsnog binnen vijf jaar haalt. Dit zou blijken uit een indirecte meting, te weten het belangstellingsonderzoek voor islamitisch onderwijs in de gemeente Rotterdam dat in oktober 2008 is uitgevoerd. De Stichting Islamitisch Primair Onderwijs Rijnmond is het niet eens met de weigering en is daartegen in beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Zij vindt dat de staatssecretaris geen gebruik had mogen maken van de uitkomsten van de indirecte meting, omdat deze niet representatief zijn voor de wijk waar de school staat. De staatssecretaris had de directe meetmethode moeten gebruiken, aldus de stichting. Daarom had de staatssecretaris volgens haar geen goedkeuring mogen onthouden aan het deel van het plan van scholen dat op de islamitische basisschool betrekking heeft. De Raad van State heeft de zaak op 27 mei jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
8. 201000631/1/V6
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 4 - Hoger Beroep Vreemdelingen - Wet arbeid vreemdelingen
inhoudsindicatie:

(Boete Arbeidsinspectie voor distributiebedrijf De Persgroep)
Uitspraak over de boete die de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op grond van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) heeft opgelegd aan PCM Distributiebedrijf B.V.. De minister heeft dat gedaan, omdat de Arbeidsinspectie heeft geconstateerd dat in totaal 33 vreemdelingen van verschillende nationaliteiten als krantenbezorger van de dagbladen Trouw, Volkskrant en het AD aan het werk waren, zonder dat zij beschikten over werkvergunningen. De minister heeft een boete van in totaal € 264.000 opgelegd. PCM Distributiebedrijf B.V., die later is overgenomen door De Persgroep Distributie B.V., ging tegen de boete in beroep bij de rechtbank in Amsterdam. Die oordeelde in december 2009 dat de minister voor drie vreemdelingen geen boete had mogen opleggen, omdat niet vast is komen te staan dat zij werkzaamheden voor De Persgroep (voorheen: PCM) hadden verricht. Ook de lokale distributeurs met wie het distributiebedrijf samenwerkt, hebben aangegeven de vreemdelingen niet te kennen. Verder kwamen de namen van de vreemdelingen niet voor in de administratie. Voor de overige 30 vreemdelingen was de boete wel terecht, maar had de boete lager moeten worden vastgesteld, aldus de rechtbank. De rechtbank oordeelde dat de inspanningen van het distributiebedrijf om de overtredingen te voorkomen, aanleiding waren om de boete te verminderen. Tegen deze uitspraak zijn zowel De Persgroep als de minister in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze heeft de zaak op 30 juni jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
9. 201000643/1/V6
datum van uitspraak: woensdag 28 juli 2010
proceduresoort: Hoger beroep
rechtsgebied: Kamer 4 - Hoger Beroep Vreemdelingen - Wet arbeid vreemdelingen
inhoudsindicatie:

(Boete Arbeidsinspectie voor distributiebedrijf TMG)
Uitspraak over de boete die de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid op grond van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav) heeft opgelegd aan TMG Distributie B.V.. De minister heeft dat gedaan, omdat de Arbeidsinspectie heeft geconstateerd dat in totaal 39 vreemdelingen van verschillende nationaliteiten als krantenbezorger van de dagbladen De Telegraaf en Het Financieele Dagblad aan het werk waren, zonder dat zij beschikten over werkvergunningen. De minister heeft een boete van in totaal € 312.000 opgelegd. DistriQ B.V., dat later is overgenomen door TMG, ging tegen de boete in beroep bij de rechtbank in Amsterdam. Die oordeelde in december 2009 dat de minister rekening had moeten houden met het feit dat het bedrijf de lokale distributeurs een vademecum met richtlijnen voor de controle van vreemdelingendocumenten had gegeven. Ook viel naar het oordeel van de rechtbank niet uit te sluiten dat de identiteitsbewijzen van 22 vreemdelingen wél waren gecontroleerd. Deze inspanningen van het distributiebedrijf hadden voor de minister aanleiding moeten zijn om de boetes te verlagen, aldus de rechtbank. Tegen deze uitspraak zijn zowel TMG als de minister in hoger beroep gekomen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Volgens de minister heeft de rechtbank teveel waarde gehecht aan het bestaan van het vademecum, omdat zou zijn gebleken dat de distributeurs vóór de controle door de Arbeidsinspectie nimmer instructies van TMG hadden ontvangen. De overtredingen waren dus wél volledig te wijten aan TMG, aldus de minister. TMG vindt juist dat de rechtbank had moeten oordelen dat de overtredingen hem helemaal niet te verwijten zijn, zodat de minister had moeten afzien van het opleggen van een boete. De Raad van State heeft de zaak op 30 juni jl. op zitting behandeld.

Lees meer 
pagina: 1